Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Grote Keurvorst in Holland

13 september 2022 Siebrand Krul

Eens zal Friedrich Wilhelm von Hohenzollern de 1.300 kilometer uit elkaar liggende bezittingen van Brandenburg-Pruisen erven. Het is meer last dan lust: de landsdelen zijn goeddeels verwoest door de Dertigjarige Oorlog, ze wijken onderling sterk af, zijn economisch en bestuurlijk zwak. Pruisen is nog leenplichtig aan de koning van Polen. Van een fatsoenlijk leger is geen sprake. Lang voor hij tot ieders verrassing opklimt tot ‘de Grote Keurvorst’ wijkt hij uit naar Nederland en ontwikkelt daar ideeën om van Brandenburg een grootmacht te maken.

In juni 1636 krijgt Friedrich Wilhelm in Nederland een brief overhandigd. De achttienjarige herkent het zegel dat er op zit. Het is van zijn vader, de keurvorst van Brandenburg. Die schrijft dat hij onmiddellijk moet terugkomen naar Berlijn. Terwijl thuis pest en oorlog huishouden onder de bevolking, verblijft Friedrich Wilhelm in Nederland en heeft er de mooiste tijd van zijn leven. En nu zou hij terug moeten naar de provinciestad aan de Spree? Hij antwoordt zijn vader dat hij niet in staat is te reizen – de weg over land is onveilig, die over zee zou hem zeeziek maken.
Friedrich Wilhelms jeugd wordt overschaduwd door de Dertigjarige Oorlog, die pas ten einde komt als hij al 28 jaar oud is. Hij maakt mee hoe keizerlijke en Zweedse legers door Brandenburg trekken, het plunderen en verwoesten. Zijn vader, de keurvorst, heeft slechts een klein leger en probeert met de grootmachten tot een vergelijk te komen.

Friedrich Wilhelm I, keurvorst van Brandenburg en zijn echtgenote Louise Henriëtte van Nassau. (Pieter Nason)

Friedrich Wilhelm komt in 1620 in het slot van Berlijn ter wereld. In de aaneengegroeide stadjes Berlijn en Cölln wonen ongeveer 9.000 mensen. Rond de Nikolaikerk staan huizen van hout en leem. In de stegen stinkt het naar riool. Het oorlogsrumoer krijgt hij tijdens zijn eerste levensjaar al te horen, als Engelse troepen op weg naar Praag door de stad trekken. Keurvorstin Elisabeth Charlotte klaagt dat haar zoon nauwelijks een oog dicht gedaan heeft met alle lawaai.
Zijn vader Georg Wilhelm is calvinist en heerst over de mark Brandenburg, het hertogdom Pruisen en en-kele verstrooide gebiedsdelen in het Rijnland. Hij hoopt in de oorlog neutraal te blijven, maar dat is een illusie, want Brandenburg ligt midden in Europa en wordt door beide partijen tot oorlogstoneel gemaakt.
In 1627 brengt de keurvorst zijn zoon onder in de vesting Küstrin aan de Oder, waar hij veilig zou moeten zijn voor vijandelijke soldaten. Achter de dikke vestingmuren leert de jongen Pools en Frans. Hij heeft moeite de vreemde woorden te onthouden, maar toont z’n talenten op de hazenjacht. Vader stuurt daarop pistolen – die hebben in een oorlog meer nut dan Frans vocabulaire.

In 1891 schilderde Wilhelm Simmler de Grote Keurvorst die de Zweden op het bevroren Koerser Haf najaagt. De muurschildering in de Ruhmeshalle in Berlijn is in de Tweede Wereldoorlog verwoest.

Als hij tien is leert de keurprins zijn beroemde oom kennen: Gustaaf II Adolf, koning van Zweden, getrouwd met de zuster van de keurvorst. De Zwedenkoning brengt 14.000 soldaten in Pommeren aan land en laat zijn kanonnen op Berlijn richten, om zijn zwager eindelijk van diens neutraliteitsidee af te brengen en voor het protestantse kamp te winnen. Twee jaar later wordt Gustaaf in de Slag bij Lützen door keizerlijke soldaten gedood. Het keizerlijke leger trekt daarna op naar Berlijn. En weer moet Friedrich Wilhelm Bran-denburg ontvluchten.
Als veertienjarige reist hij naar het meest vooruitstrevende land van zijn tijd, Nederland. Een oom van zijn moeder regeert daar als stadhouder. Terwijl heel Europa in brand staat, beleeft het kleine land zijn Gouden Eeuw. Koloniën en kooplieden brengen rijkdom, de wegen zijn bestraat, veel gewone Nederlanders kunnen lezen en schrijven. In Amsterdam verrijzen huizen van zeven verdiepingen en opent men de eerste girorekeningen. Godsdienstvluchtelingen uit heel Europa vinden asiel in het betrekkelijk verdraagzame land en leveren een bijdrage aan de groei van de welvaart. Friedrich Wilhelm smaakt het luxe hofleven van zijn verwanten. Aristocraten interesseren zich voor de jonge prins en nodigen hem bij zich uit. Hij drinkt wijn, leert dansen, leest heel modieus dagbladen. Friedrich Wilhelm schaamt zich voor het arme Brandenburg. Hij schaft een koets met vier paarden en fluwelen bekleding aan, leent voortdurend geld van zijn vader.

Friedrich Wilhelm van Brandenburg, in zijn keurvorstelijke waardigheid geschilderd door Frans Luycx, ca 1650. (Paleis Charlottenburg)

Maar hij verdiept zich ook in het krijgsbedrijf. In 1635 begeleidt hij het Nederlandse leger in gevechten tegen de Spanjaarden. Dat leger bestaat niet uit huurlingen, maar uit goed geoefende beroepssoldaten, on-der aanvoering van een regulier officierskorps. Friedrich Wilhelm is onder de indruk van de discipline.
Maar dan komt de zomer van 1636, waarin zijn vader hem sommeert naar huis te komen. De Brandenburg-se keurvorst is weer eens van kamp gewisseld en werft nu troepen voor de katholieke keizer van Heilige Roomse Rijk. Friedrich Wilhelm weigert echter. Hij wil liever stadhouder van Kleef worden, een Branden-burgse provincie niet ver van de Nederlandse grens. Zijn vader acht dat te gevaarlijk en dreigt zijn toelage in te houden. Twee jaar proberen ze elkaar al brieven schrijvend te overtuigen, dan geeft de zoon toe. Hij is nu bereid in Berlijn verantwoordelijkheid op zich te nemen. Ideeën heeft hij intussen te over. Hij heeft ge-zien hoe een moderne staat functioneert en hoe religieuze tolerantie een land tot bloei kan brengen. En hij is ervan doordrongen dat Brandenburg-Pruisen een gedisciplineerd leger nodig heeft, wil het zich in het Europese krachtenspel handhaven.

Ruiterstandbeeld van de Grote Keurvorst op het binnenplein van het Paleis Charlottenburg, Berlijn.

In juli 1638, hij is dan achttien, keert hij terug in een vervallen Berlijn-Cölln. Als zijn koets over de Spreebrug rijdt, brokkelen er stenen af en plonzen in de rivier. Het dak van het slot lekt, het park is een moeras. De Zweden hebben de keizer en zijn aanhang teruggeworpen en houden Brandenburg bezet. De keurvorst is bankroet, zijn onderdanen lijden honger.
Maar dat is nog niet het ergste. Uit ergernis over de late terugkeer negeert de vader de zoon en onthoudt hem een regeringsambt. Friedrich Wilhelm zit duimen te draaien. Vader en zoon zullen hun ruzie nooit bijleggen. In 1640 overlijdt de keurvorst aan een beroerte. Friedrich Wilhelm is dan twintig jaar oud. Nu is het aan hem om Brandenburg te redden.
Frederik Seeler

Openingsbeeld: In 1685 ontvangt Friedrich Wilhelm uit Frankrijk gevluchte Hugenoten. De vorst had hiervoor zowel economische als religieus-tolerante motieven. (Palais Sternberg)

Lees nog veel meer over de opkomst van Pruisen als wereldmacht in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 6,25!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder