Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Kerstverhalen

14 december 2021 Siebrand Krul

We vieren Kerst op 25 december en het nieuwe jaar gaat van start op 1 januari. Waarom eigenlijk? Op onze kalender en in onze - al dan niet elektronische - agenda staan de data van Kerstmis en Nieuwjaar in kleur gemarkeerd als feest- en vakantiedag op respectievelijk 25 december en 1 januari. Het lijkt de evidentie zelve om Kerst en Nieuwjaar op die data te vieren en op deze laatste dag ook de kalender voor het nieuwe jaar op te hangen.

Niets lijkt zo vaststaand als een kalenderdatum, maar je voelt ‘m al komen… Schijn bedriegt.
Deze twee data, die deel lijken uit te maken van een eeuwenoude natuurlijke orde, zijn ooit in lang vervlogen tijden op die kalender terecht gekomen als artificiële ijkpunten, als vastgepinde ogenblikken waaraan vanaf dat moment een zekere waarde werd gehecht. Er zijn echter tijden geweest dat beide data géén speciale betekenis hadden.

Giotto, De geboorte van Christus. (Cappella degli Scrovegni Padua)

Waarom 25 december?

Laten we eerst de datum van Kerstmis, zijnde 25 december, onder de loep nemen, traditioneel de dag waarop de kerk de geboorte van Christus viert. Als we de Bijbel erop naslaan, lezen we nergens een datum of zelfs maar een vage tijdsaanduiding die erop zou kunnen wijzen dat die geboorte plaats vond op of rond 25 december. Nochtans gebruikten de Romeinen in die tijd een kalender – de Juliaanse – en zou het dus mogelijk geweest zijn om een precieze dag aan te duiden. De Joden kenden een eigen tijdrekening, maar ook een ‘Joodse’ datum ontbreekt in de verhalen van het Nieuwe Testament, waar sprake is van Jezus’ geboorte.
Er zijn overigens maar twee van de vier evangelisten die iets zeggen over de geboorte van Christus, namelijk Lucas en Mattheus. Marcus en Johannes schrijven hierover niets. Sommige bijbelexegeten zijn van mening dat de geboorteverhalen van Lucas en Matteus bovendien latere toevoegsels zijn.

Mithras Sol Invictus. (Vaticaanse Musea Rome)

Kerstmis was in de vroege christenheid zeker niet het belangrijkste feest. Véél voornamer was Pasen, wanneer de opstanding van Jezus wordt herdacht, dé kern van het christelijk geloof. Toch groeide geleidelijk – en zeker vanaf de 4de eeuw, toen het christendom toegelaten werd in het Romeinse rijk en tenslotte staatsgodsdienst werd – de behoefte om ook de geboorte van Christus te kunnen vieren op één welbepaalde dag. In een Romeinse kalendercodex uit 354 staat voor het eerst 25 december vermeld als datum van Kerstmis.
Vanwaar die keuze voor 25 december? Dat heeft te maken met het Romeinse Sol Invictus-feest dat dan werd gevierd, het feest van de Zon, een traditie die de Romeinen op hun beurt ontleenden aan de Perzische Mithrascultus. Niet toevallig was dit ook de periode van de winterzonnewende, die bij de Germanen een voorname rol speelde. De kerk nam deze datum over en gaf op die manier aan aloude heidense tradities een christelijke betekenis.

De Romeinse god Janus. (Neues Museum Berlijn)

Waarom 1 januari?

Vraag aan iemand wanneer het nieuwe jaar begint en iedereen zal antwoorden op 1 januari, tenminste wanneer hij of zij de Westerse christelijke jaartelling volgt. De eerste dag van januari werd bij de Romeinen al gezien als de eerste dag van het jaar. Januari was de maand gewijd aan de god Janus, die met zijn dubbel gelaat het einde en het begin voorstelde. Vreemd genoeg was dit niet per se de dag waarop het nieuwe kalenderjaar begon, m.a.w. dat het jaartal veranderde. Voor ons zijn 1 januari, nieuwjaar én de start van een nieuwe kalendertelling één en hetzelfde moment.
Dat was echter niet altijd zo. Er waren immers verschillende ‘stijlen’ in zwang die het nieuwe kalenderjaar op andere dagen lieten starten. Pasen was bijvoorbeeld erg populair, maar ook Kerstmis, Maria Boodschap (25 maart) en nog andere data (1 september, 1 mei) Wie de Boodschapstijl volgde liet 24 maart 1409 volgen door 25 maart 1410. Je kan het een beetje vergelijken met de traditionele start van ons school- en werkjaar, terwijl wij toch 1 januari beschouwen als begin van het nieuwe jaar.

Pieter Brueghel, De volkstelling te Bethlehem. (KMSK Brussel)

De variabele Paasdatum zorgde voor problemen. Pasen wordt bepaald als de zondag nà de eerste volle maan van de lente. Daardoor kan Pasen variëren van 22 maart tot 25 april. Bij de Paasstijl kan het gebeuren dat in sommige jaren dezelfde kalenderdag tweemaal voorkomt of in andere jaren een bepaalde kalenderdag helemaal niet. Niet echt handig dus.
Het gebruik van al die afwijkende kalendersystemen leverde ook problemen op bij de communicatie tussen landen. De kanselarij van een bisdom in Frankrijk gebruikte bijvoorbeeld de Paasstijl terwijl confraters in Engeland de Kerststijl volgden. Het spreekt vanzelf dat er verwarring kon ontstaan over kalenderdata bij internationale contacten.
In de loop van de 16de eeuw gaan de meeste Europese landen stilaan de huidige Nieuwjaarstijl aannemen, maar pas na de Franse Revolutie wordt het ook écht algemeen en gaat Nieuwjaarsdag 1 januari samenvallen met de start van het nieuwe kalenderjaar.

Dionysius Exiguus. (Universiteit Freiburg)

En waarom 2022?

Dat we in oudejaarsnacht van 31 december op 1 januari overgaan van het jaar 2021 naar 2022 is uiteraard ook arbitrair. In het Westen en bij uitbreiding in een groot deel van de wereld volgen we de christelijke jaartelling. Maar de Joodse kalender zit al aan het jaar 5782, de Chinese aan 4718, terwijl de Islamitische nog maar 1444 jaren telt.
Hoe komen wij aan ons jaartal 2022? Zoals bekend tellen wij vanaf de geboorte van Christus, maar net zoals we eigenlijk niet weten op welke dag die zou geboren zijn, is ook zijn geboortejaar niet precies bekend. De evangelisten – of de schrijvers die de Kerstverhalen later toevoegden – geven wel enkele hints. Zo lezen we bij Lucas dat keizer Augustus een decreet uitvaardigde dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Hij laat deze volkstelling gebeuren tijdens het bewind van landvoogd Quirinius over Syrië (Lc. 2: 1-2). Lucas spreekt ook over de regeringsperiode van koning Herodes de Grote (Lc. 1: 5). Uit deze aanduidingen – voor zover we de Evangelies als historische bron mogen beschouwen – zouden we de geboorte van Jezus kunnen situeren rond het jaar 6 voor Christus.

Gregorius XIII.

En toch tellen wij nu 2022 én niet – wat correcter zou zijn – 2025. Dat komt door Dionysius Exiguus, een monnik die in de 6de eeuw een Paaskalender wou opstellen. Hij stelde voor om een nieuwe jaartelling te introduceren en die te laten aanvangen bij het geboortejaar van Christus. Jezus wordt geboren in het jaar +1 en het jaar daarvoor was het jaar -1. Er is dus geen jaar 0. De christelijke jaartelling plaatste het jaar AD 1 (Anno Domini = het jaar van de Heer) in het jaar AUC 754 van de Romeinse jaartelling (Ab Urbe Condita = vanaf de stichting van de stad Rome). Men vergiste zich wel een zestal jaar. Deze jaartelling kwam vanaf de 8ste eeuw in gebruik en werd algemeen vanaf 1000.

Christus’wederopstanding. Door Dierick Bouts, omstreeks 1455.

De tien verdwenen oktoberdagen

In verband met kalenders hoor je vaak spreken over de Juliaanse en de Gregoriaanse kalender. De Juliaanse kalender, genoemd naar Julius Caesar, werd gebruikt in de Romeinse tijd. Deze tijdrekening bleef ook na de val van het Romeinse rijk in gebruik in de christelijke wereld, maar er stelde zich een probleem. De berekening van het zonnejaar volgens de Romeinen was immers niet accuraat en ook de correcties met schrikkeldagen en schrikkeljaren konden de afwijking van het kalenderjaar met het échte zonnejaar op den duur niet meer ongedaan maken. Na duizend jaar liep de Juliaanse kalender daardoor méér dan zeven dagen achter op de zon.
In de 16de eeuw was de afwijking opgelopen tot tien dagen. Tijdens het pontificaat van paus Gregorius XIII voerde men een grondige kalenderhervorming door, vandaar Gregoriaanse kalender. De paus decreteerde dat 4 oktober 1582 zou gevolgd worden door 15 oktober 1582. Door het schrappen van tien dagen liep de kalender opnieuw correct. Men paste ook de schrikkelcorrecties aan om in de toekomst grote afwijkingen te vermijden.
In katholieke landen werd de Gregoriaanse hervorming al gauw toegepast. Protestantse landen wachtten tot de 18de eeuw. Rusland bleef de Juliaanse kalender gebruiken tot 1918. Dat verklaart waarom de ‘Oktoberrevolutie’ van 1917 nu herdacht wordt in november.
Bron: Canvas curiosa/Koen De Vos

Openingsbeeld: Gerard van Honthorst, De aanbidding der herders. (Wallraf-Richartz Museum Keulen)


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder