Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Droom van een dorpspastoor

14 december 2021 Siebrand Krul

Het zijn weer de donkere dagen voor Kerstmis. Traditioneel brengt de televisie dan verslag uit van de kerkelijke plechtigheden in Rome: de middernachtmis en de pauselijke zegen Urbi et Orbi, telkens vanuit de majestueuze Sint-Pietersbasiliek. Maar je hoeft er niet voor naar Rome. Eenzelfde ervaring kan je opdoen in het Noord-Brabantse Oudenbosch, want daar staat de basiliek van pastoor Hellemons, een getrouwe repliek van de Sint-Pieter in Rome.

Wie met de wagen of de trein arriveert in Oudenbosch wordt getrakteerd op een surrealistisch panorama. Tussen de akkers en de velden waar koeien en schapen grazen, boven de bomen die het dorp omzomen, prijkt de levensgrote koepel van de basiliek, alsof Michelangelo en Bramante, de architecten van de Sint-Pietersbasiliek in Rome, hier op het Noord-Brabantse platteland hun werk eventjes hebben overgedaan. En niet éénmaal, maar zelfs tweemaal, want Oudenbosch telt zowaar twee architecturale kopieën van de Sint-Pieterskoepel.
Het meest opvallende gebouw van Oudenbosch, een rustig Noord-Brabants dorp met enkele duizenden inwoners, is de basiliek van de H.H. Agatha en Barbara, een enorme kerk gebouwd tussen 1865 en 1892 waarvan het ontwerp is geïnspireerd door twee Romeinse kerken. De koepel van de basiliek is een verkleinde kopie van de koepel van de Sint-Pietersbasiliek en de voorgevel is geïnspireerd door de Sint-Jan van Lateranen in Rome.

Pastoor Hellemons (l) en vader Vincentius (r).

Pastoor met een plan

Het was de toenmalige pastoor Willem Hellemons (1810-1884) die de aanzet gaf tot de bouw van deze kerk. Tijdens zijn opleiding had hij lange tijd in Rome verbleven en was daar als seminarist goed bevriend geraakt met kardinaal Bartolomeo Alberto Cappelari. Korte tijd later werd Cappelari tot paus gekozen onder de naam Gregorius XVI.
In 1834 werd Hellemons als jonge priester benoemd tot assistent-kapelaan in de Sint-Agathaparochie van Oudenbosch, toen nog gevestigd in een klein gotisch dorpskerkje. Toen hij in 1842 pastoor werd van de parochie, begon stilaan het idee te groeien om de oude kerk te vervangen door een groot bedehuis, liefst in de Italiaanse barokstijl die hij tijdens zijn studententijd in Rome zo was gaan appreciëren. Hellemons contacteerde de Nederlandse bouwmeester Pierre Cuypers, die later ook het Amsterdamse Rijksmuseum zou ontwerpen. Maar toen in de jaren 1860 was hij vooral bekend als kerkenbouwer in neogotische stijl. Niet toevallig valt dit samen met het katholiek reveil dat zeker vanaf 1853 – het jaar dat de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland werd hersteld – zorgt voor een kerkelijke bouwwoede in neogotiek.

Oudenbosch in de ochtendnevel.
Buitenaanzicht van de basiliek.

Pittig detail: het was dezelfde architect Cuypers die het oude dorpskerkje inspecteerde en in een rapport aan de kerkfabriek concludeerde dat ‘dit gebouw niet meer behoorlijk kan voldoen aan de eisschen die men moet stellen aan eene parochiale kerk…’ Dat hijzelf tegelijk ook een nieuwe kerk kon ontwerpen, was mooi meegenomen. Hij hoopte waarschijnlijk een ‘moderne’ neogotische kerk te mogen tekenen.
Pastoor Hellemons had echter een vast omlijnd idee; hij wou een replica van de Romeinse Sint-Pietersbasiliek met de (iets versmalde) voorgevel van de Sint-Jan van Lateranen, de kerk waar hijzelf indertijd tot priester was gewijd en waar hij vlakbij logeerde. Hoewel Cuypers geen fan was van neobarok, volgde hij zijn bouwheer en tekende een natuurgetrouwe kopie die de kenmerken van beide Romeinse kerken in zich verenigde. Hij reisde zelfs naar Rome om de architectuur van de Romeinse basilieken de visu te bestuderen.

Interieur van de basiliek in 360°.

Het resultaat mag er zijn. Een toevallig passant in Oudenbosch zal zich de ogen uitwrijven. Zag ik daar nu net de Sint-Pietersbasiliek of heb ik gedroomd? De gelijkenis is inderdaad treffend. En niet alleen de koepel doet Romeins aan, ook het interieur van de kerk is verbluffend in zijn gelijkenis met het Vaticaanse voorbeeld. Tot het bronzen baldakijn van Bernini boven het altaar toe, met de gekende gedraaide zuilen.
En alsof het nog niet genoeg is: ja, er staat ook een kopie van de Piëta van Michelangelo in een zijkapel. Overal herken je dezelfde pracht en praal, met één verschil: hier is geen gekleurd marmer, ook geen brons gebruikt, wel beschilderd pleister- en houtwerk.

Piëta van Michelangelo, kopie van Oudenbosch.

Rijke weduwes

Wie financierde deze bouwactiviteiten? Pastoor Hellemons zelf was van eenvoudige komaf en had weinig of geen vermogen dat hij kon inbrengen als startkapitaal. De giften van de katholieke gelovigen van Oudenbosch zorgden natuurlijk voor een begin, maar de grootste bijdragen werden geleverd door enkele rijke parochianen. Vooral burgemeester Van den Dries, lid van de Eerste Kamer en rijk landeigenaar, droeg veel bij. Hij was getrouwd met een al even rijke adellijke weduwe en vermits hun huwelijk kinderloos bleef, had het echtpaar heel wat geld ter beschikking dat ze naar believen konden besteden.

Italiaanse terrazzovloer in de basiliek.

Ook later zouden de pastoors van Oudenbosch kunnen terugvallen op gefortuneerde katholieken, die maar wat graag hun hemel afkochten dankzij gulle giften voor de afwerking van de basiliek. Zo werd de prachtige terrazzovloer aangelegd ter vervanging van de eenvoudige plavuizen op kosten van een schatrijke barones, die geregeld op bezoek kwam in de kerk en zich beklaagde over de vuile, grauwe vloer. Op haar kosten werd een heel team van Italiaanse terrazzowerkers ingehuurd die bijna twee jaar bezig waren met het aanleggen van de kostbare nieuwe terrazzo- en mozaïekvloer, één van de grootste van Nederland.

Kloosterpand en kapel Saint-Louis, Oudenbosch.

Pastoor Hellemons had blijkbaar aan één replica van de Sint-Pieters niet voldoende, want tegelijkertijd liet hij ook een kloosterkapel optrekken voor het Saint-Louis Jongensinternaat dat hij samen met Vader Vincentius had gesticht. Nu ja, kapel? Eigenlijk een uit de kluiten gewassen kerk, die niet zou misstaan in een middelgrote stad. En ook hier stond de Sint-Pietersbasiliek van Rome model mét ook weer de voorgevel van de Sint-Jan van Lateranen, kortom een kleinere versie van de grote basiliek van H.H. Agatha en Barbara. Alleen het interieur is soberder, maar nog wel Romeins geïnspireerd. Het zorgt alleszins voor de verwarrende skyline van Oudenbosch: twee, bijna identieke koepels, de ene wat groter dan de andere, maar allebei zó weggelopen uit Rome.

De Basiliek van de Heiligen Agatha en Barbara is een rooms-Katholieke kerk te Oudenbosch. Interieur van basiliek van Oudenbosch, verticale panoramafoto vanuit koepel.

Zouavenpastoor

Overigens heeft pastoor Hellemons zijn kerk nooit voltooid mogen meemaken. Hij overleed in 1884 toen de voorgevel nog niet was afgewerkt. Ook het prachtige interieur was nog niet gedecoreerd met de marmerschilderingen. De kerkelijke eretitel van basiliek – basilica minor – heeft de Agathakerk pas ontvangen in 1912.
Pastoor Willem Hellemons staat in Nederland ook bekend als dé zouavenpastoor. Zouaven waren soldaten in pauselijke dienst die vanaf het jaar 1861 streden ter verdediging van de kerkelijke staat tégen de eenmaking van Italië. De zouaven werden gerekruteerd uit jonge katholieke vrijwilligers, o.m. in Nederland.
Pastoor Hellemons was een fervent voorstander van de kerkelijke staat en maakte van Oudenbosch het centrale verzamelpunt van waaruit de Nederlandse zouaven vertrokken richting Italië. Vóór de basiliek van Oudenbosch staat een monument ter herinnering aan de gesneuvelde zouaven. En in het oude raadhuis vind je het Zouavenmuseum.

Galerij: Mattheus.
Galerij: Lucas.
Galerij: Marcus.
Galerij: Johannes.

Koepel in de kop

Niet iedereen liep hoog op met de ambitieuze plannen van pastoor Hellemons en zijn opvolgers. In Oudenbosch zelf waren er alleen maar voorstanders, maar in naburige dorpen werd wel eens smalend gedaan over die Bosschenaren met hun grootheidswaanzin. ‘In Oudenbosch hebben ze de koepel in de kop’, werd er gezegd.
Ook de bisschop van Breda had het aanvankelijk niet voor Hellemons en co. Niet alleen was Hellemons van oorsprong geen seculiere priester, maar een pater. Hij behoorde tot de orde der cisterciënzers en had dus geen bisschoppelijke seminarie-opleiding genoten. Bovendien zal er ook wel een zekere vorm van jaloezie meegespeeld hebben. In Breda beschikte de bisschop immers niet over een grote kerk. Hij moest zich tevreden stellen met een eerder bescheiden kerk als kathedraal. Eerst de Sint-Antoniuskerk, later de Sint-Barbarakerk, maar geen van deze bedehuizen kon tippen aan wat er in Oudenbosch stond. Ach, de bisschop was ook maar mens.
Bron: Canvas curiosa/Koen De Vos/Louk Voncken
Met dank aan Jan Bedaf van de basiliek, Ben Brans en Mark Buijs (kapel van Saint-Louis)


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder