Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

De tragische prins

14 december 2021 Siebrand Krul

Het was weliswaar een anti-orangistisch gedicht, maar wie kort na zijn tragische dood in het kolkende water van het Haringvliet nog eens poëtisch zo genadeloos wordt verdronken, heeft er bij leven - zo valt te vrezen - er niet veel van gemaakt. Een oordeel waar zijn biograaf, Ronald de Graaf, afgaande op de titel van zijn boek: Friso. Het tragische leven Johan Willem Friso 1687-1711, het mee eens is.

De wakkre Friso viel, eilacy!
In ’t water met veel alteracy,
En zwom daer nog een korte spacy,
Tot hy verdronk; – o consternacy!
’t Geviste lijk zal, met veel stacy
Begraven, al d’imaginacy
Wegnemen van de populacy.
Zoo leeft de Vrijheid bij Gods gracy!

Toch heeft De Graaf een leesbaar boek van flinke omvang geschreven over deze voorvader van de huidige koning van Nederland. Daarvoor moest hij wel alles uit de kast trekken om de grote gaten in de dat korte leven (Friso werd nog geen 24 jaar) op te vullen. Het hofleven in Leeuwarden, waar de Friese tak van de Oranje-dynastie resideerde, wordt uitvoerig beschreven, waarbij meteen het provincialisme opvalt.

Portret van Johan Willem Friso (1687-1711) in wapenrusting. Kopie van Jacob Le Bon, naar een origineel door Lancelot Volders. Onderdeel van de collectie portretminiaturen. (Rijksmuseum Amsterdam)

Wat een verschil met de oorspronkelijke tak van de Oranjes, die na Willem van Oranje met huwelijken wist door te groeien tot in de families van de vooraanstaande Europese koningshuizen. De kinderloze stadhouder Willem III, wiens beoogde opvolger Friso was, bracht het zelfs tot koning van Engeland. Niets van deze grandeur, daar in Friesland. Toen zijn vader Hendrik Casimir II in 1696 overleed, bleef de jonge stamhouder achter met een bemoeizuchtige Moeder (Henriette Amalia von Anhalt-Dessau) en zeven jonge zusjes. Het was de start van een moeizaam leven.
Dat werd manifest na de dood van Willem III (1702). Als erfgenaam wachtte Friso na zijn benoeming in zijn stamprovincies Friesland en Groningen – in de laatstgenoemde gewest verliep dat al problematisch – vergeefs op zijn aanstelling in de rest van de Republiek. De Staten-Generaal in Den Haag moesten er weinig van weten. Ze waren allerminst onder de indruk van de bestuurlijke en militaire capaciteiten van de jonge prins, die geen politieke middelen bezat om de benoeming af te dwingen.
Een machtige schoonfamilie die de kansen kon keren, was ook onhaalbaar, zoals De Graaf schrijft: ‘Door de precaire politieke situatie kon Friso niet worden gekoppeld aan een belangrijke koninklijke prinses om zo promotie te maken.’ De ‘precaire politieke situatie’ sloeg op de langdurige militaire schermutselingen in de Zuidelijke Nederlanden en Noord-Frankrijk tussen de Republiek en Engeland enerzijds en Frankrijk aan de andere kant. Uiteindelijk trouwde Friso op 26 april 1709 met Maria Louise van Hessen-Kassel, telg uit een van die vele Duitse vorstendommen.

Prins Johan Willem Friso verdrinkt bij Moerdijk, 14 juli 1711. Gravure door Simon Fokke, 1758. (Rijksmuseum Amsterdam)

Om zich toch te bewijzen, zocht Friso het slagveld op. Moedig was hij, zo bleek in de grote slag bij Malplaquet (1709) op de grens van de Zuidelijke Nederlanden en Frankrijk. Doch ook dat mocht niet baten. Na eerdere complimenten werd hem verweten, dat hij zich te roekeloos had gedragen en alles in dit militaire treffen de waagschaal had gesteld. Ondanks de winst waren aan de kant van de Fransen minder slachtoffers te betreuren.
Intussen was er ook een slepende strijd ontbrand over de fysieke erfenis van Willem III. Niet alleen Friso maakte er aanspraak op. Ook Frederik I van Pruisen deed als nazaat van Frederik Hendrik en Amalia van Solms zijn rechten gelden. Pas ver na de dood van Friso en Frederik zou de kwestie definitief worden beslecht.
Veel eerder was Frederik naar Den Haag gekomen om zijn zaak bij de Staten-Generaal te bepleiten. Voor een mogelijke definitieve regeling reisde Friso daarom in 1711 van het slagveld naar de residentie. Aangekomen voor de oversteek Moerdijk-Strijensas scheepte Friso in op de plaatselijke veerboot, maar het vaartuig kapseisde in het golvende water. Het lichaam van de erfprins werd pas negen dagen later, vlak bij de plek des onheils, gevonden. Opmerkelijk is dat zijn dood alleen in de noordelijke gewesten werd betreurd. De lijkbezorging had ook nog heel wat voeten in de aarde. Pas een jaar na de gebeurtenissen in Moerdijk werd het gebalsemde lichaam bijgezet in de grafkelder van de familie in de Grote of Jacobijnerkerk te Leeuwarden.

Johan Willem Friso als generaal van het Staatse leger, 1707. Anonieme prent, midden 19de eeuw. Rijksmuseum Amsterdam)

Zelfs daar vond de onfortuinlijke prins – zit het in de naam? – geen rust. Toen in 1795 de Fransen alsnog arriveerden in wat er van Republiek over was, maakte zij zich met hun patriottische vrienden in Leeuwarden schuldig aan lijkschennis. De kisten van Friso en Maria Louise werden uit de grafkelder gesleept en ‘in elkaar getrapt’. Een getuige – aldus biograaf De Graaf, later: ‘Al de beenderen, sieraden, zijden kussens en bekleedsels, vlaggen, stukken van vernielde wapenstukken lagen in een chaos door elkaar.’ Pas in de 19de eeuw werden alle lichaamsdelen bij elkaar geraapt en in twee loden kisten teruggeplaatst in de grafkelder.
Ten slotte blijft voor de biograaf de vraag te beantwoorden welke betekenis het leven van prins Friso heeft gehad voor zijn tijdgenoten op politiek, militair en maatschappelijk gebied. De Graaf doet zijn best: Friso was gedisciplineerd, een toegewijde en liefdevolle echtgenoot, voorkomend en vriendelijk ‘in de sociale omgang met Hollandse en Pruisische politici.’ Moedig ook, maar zonder indruk te maken op de politiek belangrijke figuren in Den Haag en buitenlandse bondgenoten. De controverse met de koning van Pruisen over de erfenis van Willem III trok een extra grauwsluier over zijn politieke aspiraties.
Theo Gerritse

Ronald de Graaf, Friso. Het tragische leven van Johan Willem Friso
Boom, Amsterdam 2021. 351 blz. € 29,90 ISBN 978 90 244 3676 7

Lees nog veel meer boekbesprekingen in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder