Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Harmonicawanden en gestileerde slangen

24 november 2021 Siebrand Krul

Historische interieurs zijn kwetsbaar. Wanneer een pand van eigenaar verandert, wordt het interieur meestal als eerste aangepast. Dat is nooit anders geweest en hoeft zeker niet altijd een verarming te betekenen, maar sommige interieurafwerkingen zijn zo bijzonder dat zij bescherming verdienen. Dat is nu gebeurd bij een zestal panden in Amsterdam-Zuid. Ze zijn aangewezen als gemeentelijk monument, daterend uit begin 20ste eeuw.

Omstreeks 1875 ontstonden aan de zuidkant van Amsterdam nieuwe buurten voor de welgestelde burgerij als het Museumkwartier, de Willemsparkbuurt en de Concertgebouwbuurt. Projectontwikkelaars bouwden hier in ruime hoeveelheden herenhuizen en villa’s. Deze – vaak voor de markt ontworpen – woonhuizen werden in veel gevallen voorzien van standaard-interieurafwerkingen, die daarom echter niet minder luxueus waren en dikwijls de laatste snufjes op het gebied van wooncomfort bevatten. Daarnaast werd er ook in opdracht gebouwd door architecten van naam en werden voor de meest exclusieve interieurs experts in de arm genomen die maatwerk leverden. Op veel plaatsen in Oud-Zuid zijn uit het laatste kwart van de 19de en het eerste kwart van de 20ste eeuw tijd nog fraaie interieurafwerkingen aan te treffen in de vorm van indrukwekkende trappenhuizen, beschilderde plafonds, rijk gesneden betimmeringen van kostbare houtsoorten, zeldzame wandbekledingen en kleurige glas-in-loodramen.

De harmonicawand in De Lairessestraat 29. (Foto Jan van Galen, RCE)

Bewustwording?

Meer dan tien jaar geleden besloot het stadsdeelbestuur onderzoek naar historische interieurs te ondersteunen, om eigenaren bewust te maken van de waarde. In 2009 verscheen in dit kader de publicatie Huizenportretten 1875-1945, met beschrijvingen en foto’s van dertien bijzondere historische interieurs in Amsterdam-Zuid. In 2012 volgde het boek Wonen in een monumentaal huis 1875-1945, Toen en nu, waarin dieper op de cultuurhistorische achtergronden en de materiële aspecten wordt ingegaan. Vooralsnog werd gewacht met het toekennen van een monumentale status aan de betreffende panden, in de verwachting dat een grotere bewustwording vanzelf tot beter onderhoud en instandhouding zou leiden. In 2018 droeg het Cuypersgenootschap, mede op basis van het eerdergenoemde onderzoek, een reeks panden met bijzondere interieurs in Amsterdam-Zuid voor om aangewezen te worden als gemeentelijk monument. Voor twaalf daarvan werd de aanwijzingsprocedure gestart. Op grond van hernieuwd onderzoek en geactualiseerde beschrijvingen door Monumenten en Archeologie werden er uiteindelijk zes door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit aangemerkt als monumentwaardig. Het feit dat op de helft van de voorgedragen panden negatief geadviseerd moest worden omdat de interieurs nog in recente tijden te zeer bleken te zijn aangetast, illustreert de noodzaak van deze actie.

Interieur van Prins Hendriklaan 29, een van de panden die vanwege haar bijzondere interieur is aangewezen als gemeentelijk monument. (Foto Jan van Galen, beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Draaiwanden

Bij het onderzoek door Monumenten en Archeologie zijn veel nieuwe gegevens naar boven gekomen over bouwgeschiedenis, opdrachtgevers, architecten, interieurontwerpers en fabrikanten en leveranciers van interieuronderdelen. Dat het hierbij lang niet altijd om grote namen hoeft te gaan, bewijst het geval van De Lairessestraat 93. Dit in 1920 opgeleverde pand maakt deel uit van een uniforme gevelwand van tien huizen, voor de markt ontworpen en gebouwd door de aannemer en bouwondernemer H. van der Schaar. Voor het ontwerp van de voorgevels in versoberde Amsterdamse Schoolstijl nam hij de architecten Th. Groenendijk en Th. J. Lammers in de arm, een praktijk die in deze tijd niet ongebruikelijk was.

Interieur van Van Eeghenstraat 88, een van de panden die vanwege zijn bijzondere interieur is aangewezen als gemeentelijk monument. (Foto Jan van Galen, beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Ook voor het interieur van nummer 93, dat sterk afwijkt van die van de overige negen huizen, is naar alle waarschijnlijkheid een specialist aangesteld, maar het is niet bekend wie. De wanden van de garderoberuimte achter de vestibule zijn afgewerkt met groene tegels, afgewisseld met bruine en zwarte exemplaren en kleine reliëftegels. In de wandafwerking zijn een nog originele spiegel, paraplubak en plantenbak opgenomen. De meest in het oog springende ruimte van de begane grond is echter de centraal gesitueerde ‘hall’. Deze staat met de overige vertrekken in verbinding door middel van harmonicavormige draaiwanden met prachtige gebrandschilderde glas-in-loodramen met voorstellingen van gestileerde slangen van een onbekende glazenier.

De Lairessestraat 93: de wanden van de garderoberuimte achter de vestibule zijn afgewerkt met groene tegels, afgewisseld met bruine en zwarte exemplaren en kleine reliëftegels. (Foto Jan van Galen (2009), beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Deze wanden maken een flexibele indeling en een gevarieerd gebruik van de ruimten mogelijk. In geopende toestand lopen deze alle in elkaar over, in gesloten toestand fungeert het middelste deel van de draaiwand als gewone deur. De grotendeels glazen wanden zorgen daarnaast voor transparantie en een ruimtelijk effect. Dit bijzondere systeem van draaiwanden is ongetwijfeld de wens geweest van de eerste eigenaar van het pand, de textielhandelaar Leonard Drilsma. De Lairessestraat 93 laat zien dat een flexibel gebruik van de ruimte niet was voorbehouden aan modernistische architecten als Gerrit Rietveld (Rietveld-Schröderhuis, Utrecht, 1924) of vertegenwoordigers van de Belgische art nouveau als Victor Horta (Hôtel Solvay, Brussel, 1898). Andere voorbeelden in Nederlandse woonhuizen zijn echter uiterst zeldzaam. De firma Röder en Verbeek in Rotterdam en Den Haag adverteerde in 1916 met een soortgelijk draaiwandensysteem, dus het fenomeen moet enige verspreiding hebben gekend.

Bron: Stad Amsterdam

Openingsbeeld: De Lairessestraat 93: de harmonicawanden maken een flexibele indeling en een gevarieerd gebruik van de ruimten mogelijk. (Foto Jan van Galen (2009), beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder