Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

La bella Napoli

06 juli 2021 Siebrand Krul

De Zonnekoning zou verrukt geweest zijn van het prachtige paleis van Caserta. Niet ver buiten Napels laat zijn achterkleinzoon Carlo di Borbone rond het midden van de 18de eeuw een groots bouwwerk verrijzen. Het draagt een koepel, telt 1.200 vertrekken en 1.900 vensters, herbergt een theater en een kapel. Een kolos-saal trappenhuis overdondert de bezoeker, geholpen door marmeren leeuwen, vergulde wanden en prachtige fresco’s.

Een park biedt alle gelegenheid tot flaneren, langs fonteinen, cascades en een heus aquaduct. ‘Een immens paleis,’ lezen we later bij de Duitse dichter Goethe, die het op zijn grand tour aandeed. Nee, de boodschap die koning Karel VII van Napels ermee afgeeft is duidelijk: wij Bourbons weten wat heersen is, ook in Italië.
Het paleis geldt als een juweel van de Italiaanse Barok en kwam in 1997 op de Werelderfgoedlijst. Het doet niet onder voor Versailles en overtreft het volgens sommigen zelfs, terwijl anderen het bespotten als ‘het grootste paleis voor het kleinste rijk’. Je ziet in één oogopslag dat het legendarische pronkslot van overgrootvader Lodewijk XIV model gestaan moet hebben voor Caserta. De bouw ervan wordt in 1751 in opdracht gegeven door Carlo di Borbone, die in personele unie als Karel VII over Napels en als Karel V over Sicilië heerste. Voor de uitvoering tekende de vermaarde architect Luigi Vanvitelli.

De hal met de grote trap, koninklijk paleis van Caserta.

Karel VII blijkt voor de Napolitanen een lot uit de loterij, een van de beteren uit een lange stoet van vreemdelingen die Vesuvius en de baai van oudsher aangetrokken hebben: Grieken en Romeinen, Noormannen en Staufers, Spanjaarden en Oostenrijkers. Dat verleden verklaart ook waarom ‘La bella Napoli’, de hoofdstad van het koninkrijkje in het pittoreske Campanië, al in de 18de eeuw een ware smeltkroes is, waar de pizza al wel aanwezig is, maar de maffia en ‘O sole mio’ nog niet.
Als de op drie na grootste stad van Europa (achter Constantinopel, Londen en Parijs) is Napels met zijn 300.000 inwoners bij Karels aantreden bont, lawaaiig en bruisend. Maar de piazza en het oude koningspaleis hebben wel betere tijden gekend. Vulkaanuitbarstingen, onlusten en epidemieën hebben de stad geteisterd, armoede en wanbestuur lijken onuitroeibaar als Carlo er in 1734 aan de macht komt. Hij is de eerste koning in tweehonderd jaar die ook in Napels resideert, brengt hervormingen op gang, stimuleert de kunsten. Nu begint een van de glansperioden van de stad. Het Napels van de Bourbons zal als een magneet werken op kunstenaars en intellectuelen, beroemdheden als Goethe en Mozart lokken.

De troonzaal in het koninklijk paleis van Caserta.

Hoezeer Carlo di Borbone hier ook op z’n plaats is, hij kwam er dankzij de gewone koehandel waarmee in Europa de scepters vergeven worden: de Bourbons, die sinds het einde van de 16de eeuw over Frankrijk heersen (zie het artikel op blz. 24 e.v.), leggen in 1713 ook de hand op het vroegere wereldrijk van de Spaanse Habsburgers. In 1735 verwerven ze na het gewapende conflict over de Poolse erfopvolging bovendien het tot dan Habsburgse Zuid-Italië.
Het jaar daarvoor had de toen achttienjarige Carlo – die een forse Bourbon-neus paarde aan zowel Spaans eergevoel als Franse kunstzin – Napels trouwens al ingenomen. De komende 130 jaar regeren de Bourbons de koninkrijken Napels en Sicilië. Sinds de Middeleeuwen waren beide gebieden nu eens verenigd, dan weer gescheiden geweest. In weerwil van die wisselingen kwam de naam ‘Koninkrijk der Beide Siciliën‘ op, die nu dus ook de officiële naam wordt.
Napels profiteert het meest van de nieuwe dynastie, die er ettelijke paleizen neerzet. In 1737 opent het Teatro San Carlo, dat later dankzij operacomponisten als Donizetti en Rossini wereldfaam verwerft. Een jaar later beginnen de opgravingen in de antieke, onder vulkaanas bedolven stad Herculaneum, tien jaar later in Pompeji.

Karel III als koning van Spanje, bij zijn kroning in 1771.

Bezoekers geven hoog op van de levendige bedrijvigheid in de straten van Napels, van het lekkers dat je daar eet, de uitbundige volksfeesten, de devotie tijdens de processies, de straathandelaren. Maar ook de vreselijke armoede in de stegen van Napels ontgaat de bezoekers niet. Door het leegstromende platteland wemelt het er van de straatkinderen, bedelaars en kruimeldieven. Je hebt er arm en rijk, maar haast geen burgerij, wat de hele streek tot ver na het afdanken van de Bourbons parten zal spelen.
Om de lazzaroni, de armen, bekommert de vorst zich niet – hij heeft miljoenen dukaten nodig voor zijn schitterende paleizen, presenteert zich door zijn kunstcollecties en een koninklijke academie als verlicht despoot. Zijn echtgenote en zijn eerste minister Bernardo Tanucci zorgen intussen voor een liberale koers in politiek en economie – waarna plots alles anders wordt …

Napels in 1727.

In 1759 erft Carlo de Spaanse troon en verlaat hij Italië. Het paleis in Caserta staat nog in de steigers en zal pas door zijn zoon en opvolger Ferdinand bewoond worden. Deze trouwt daar negen jaar later met Maria Carolina, dochter van de Oostenrijkse keizerin Maria Theresia. Het nieuwe koningspaar is conservatief en ontslaat daarom de liberale Tanucci.
De Napolitanen sluiten de zeer benaderbare Ferdinand in hun hart, noemen hem zelfs ‘koning der bedelaars’. Zijn vrouw ‘doet’ de politiek, maar kan het land een nieuwe crisis niet besparen. In 1798 verdrijft het uit Frankrijk overgewaaide revolutionaire elan de Italiaanse Bourbons. Na een republikeins intermezzo en een heerser uit de Napoleon-clan keren ze in 1816 terug, maar met de glans van weleer is het gedaan.
Frauke Scholl

Lees het volledige artikel, plus nog veel meer verhalen over de Bourbon-dynastie, in de nieuwe G/GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!

Openingsbeeld: Karel nabij Napels, 1734.


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder