Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Tegen de halve wereld

16 juni 2021 Siebrand Krul

In 1704 vormt zich een geweldige anti-Franse alliantie in Europa. Doel is een Bourbon-supermacht te verhinderen. In Beieren komt het tot een treffen tussen beide coalitielegers. Höchstädt, Beieren, de ochtend van de 13de augustus 1704: de stalknecht van de graaf van Merode-Westerloo stormt de schuur binnen waarin zijn heer overnacht. Hij rukt de bedgordijnen open: ‘De vijand nadert!’ De graaf, die het bevel over een Franse cavaleriebrigade voert, slaat de ogen op.

In de nazomer van 1704 wordt de Zonnekoning onpasselijk. Zijn geneesheren monsteren de koninklijke uitwerpselen, beoordelen ze naar kleur, consistentie en oppervlaktestructuur. En ontdekken een dode lintworm. Een paar dagen later krijgt de 66-jarige Lodewijk XIV zulke hevige congestie en ademproblemen, dat het hem zwart voor ogen wordt. De artsen hebben direct een plausibele verklaring: het ligt natuurlijk aan die worm. Op zijn weg door het lichaam van Zijne Majesteit moet die een spoor van verwoesting getrokken hebben – en nu worstelt Ludovicus Magnus met de gevolgen.

bKarel II van Spanje. Het ergste voorbeeld van Habsburgse inteelt, zowel geestelijk als lichamelijk.

Het is waarachtig geen aangename tijd voor de grootste Lodewijk van het aardrijk. Hij zit met die vermale-dijde worm die z’n ingewanden aanvreet en dan is er ook nog dat onheilspellende gebrek aan berichten uit het buitenland. Er had allang nieuws uit Beieren moeten zijn, waar Frankrijks maarschalk, Camille d’Hostun de la Baume, hertog van Tallard, het gevecht aangegaan schijnt te zijn. ‘Van Biberachs heuvels’, in de buurt van Augsburg, schreef de maarschalk hem nog een optimistische brief, maar sindsdien heeft Lodewijk niets meer van hem gehoord. Als dat geen slecht teken is …

Lodewijk XIV roept zijn kleinzoon Filip van Anjou in Versailles uit tot nieuwe koning van Spanje.

Bij Höchstädt wordt de graaf van Merode-Westerloo door de openstaande schuurdeur iets gewaar dat hem even de adem beneemt: het wijde, zonbeschenen land – bezaaid met vijandelijke soldaten! Ongesoigneerd, zo vanuit bed haast hij zich naar het slagveld. ‘Men kan zich nauwelijks een grandiozer schouwspel voorstellen,’ zal hij zich later herinneren. ‘Een onwaarschijnlijk heldere zon bestraalt beide legers die elkaar over de vlakte naderen.’ Een totaal van meer dan 100.000 soldaten, duizenden paarden, 142 stuks geschut. Eén ding staat vast: een hels gevecht zal ontbranden. Maar hoe dat afloopt valt met geen mogelijkheid te zeggen.
Het op handen zijnde bloedvergieten kan de loop van de Europese geschiedenis veranderen, want het is de eerste serieuze krachtmeting in een oorlog die bijna heel het continent tot slagveld gemaakt heeft, van Spanje via het Duitse Rijk tot in Hongarije. Aan de ene kant staan Frankrijk, Spanje en Beieren, aan de andere kant, zo kun je zonder al te veel overdrijving zeggen, ‘de rest van de wereld’: Engeland, de Republiek der Verenigde Nederlanden (een grootmacht in die tijd), Portugal, de Duitse keizer, het koninkrijk Pruisen en een sleep kleine Duitse vorstendommen. Samen vormen zij het ‘Haags Verbond’ – met maar één doel: de formatie van een Bourbon-supermacht voorkomen.

Prins Eugenius van Savoye, door Jacob van Schuppen. Schilderij uit 1718. Langdurig bruikleen van het Rijksmuseum Amsterdam aan Museum Belvedere in Wenen.

Koning Lodewijk XIV is de zoveelste Bourbontelg op de Franse troon en de machtigste heerser van Europa. Door de dood van de kinderloze Spaanse koning Karel II in 1700 kon ook in Madrid een Bourbon de troon bestijgen: Philips V, een kleinzoon van Lodewijk. Zijn aanspraken op de troon zijn omstreden en ook de Oostenrijkse Habsburgers kunnen bogen op nauwe banden met het Spaanse koningshuis. Dat waren immers ook telkens Habsburgers. Misschien was een grootschalig conflict nog te vermijden geweest, als Lodewijk het de laatste tijd juist weer niet zo bont gemaakt had met snoeven en uitdagen – Lodewijk, de ouwe leeuw zonder haren en tanden (z’n haren waren uitgevallen, z’n tanden hadden zijn artsen getrokken).

John Churchill, de eerste hertog van Marlborough.

Wie zijn zijn tegenstrevers in dit conflict? In elk geval niet meer zijn eeuwige rivaal, de bleke, tengere, aldoor hoestende koning-stadhouder Willem III van Oranje, want die is in 1702 na een val van zijn paard overleden. Sindsdien zijn er drie anderen op de voorgrond getreden. Allereerst de Nederlandse regeringsleider Anthonie Heinsius, een in het zwart geklede, calvinistische burger, die in Den Haag als vrijgezel in een eenvoudige huurwoning leeft. Hij staat voor de protestantse republikeinse gedachte en geldt als de spiritus rector van het Haagse Verbond. Zijn afkeer van het absolutistische Frankrijk is tot haat geworden door een hem aangedane smaad: de Franse minister van oorlog had gedreigd Heinsius, toen Nederlands gezant in Versailles, in de Bastille te gooien.

Detail van een wandtapijt in het paleis van Blenheim door Judocus de Vos. In het verschiet het dorp Blenheim; in het middel de watermolens die veroverd moesten worden om een bruggehoofd over de Nebel aan te leggen. Vooraan een Engelse grenadier die een Franse standaard heeft veroverd.

De tweede hartstochtelijke tegenspeler is prins Eugenius van Savoye. Hij is in Parijs geboren en opgegroeid aan het hof van de Zonnekoning, zijn moeder was een tijdje Lodewijks geliefde. De door hem fel begeerde militaire loopbaan had Lodewijk gedwarsboomd, met een verwijzing naar z’n kleine postuur en zwakke gestel. Eugenius was daarom in Oostenrijkse dienst getreden en leek geen ander doel te kennen dan Lodewijk van diens ongelijk te overtuigen.
De laatste in het driespan is John Churchill, hertog van Marlborough en gunsteling van de nieuwe Engelse koningin Anna. Hij wordt niet door haat jegens Lodewijk gedreven, maar door hebzucht en ambitie. Hoezeer hij ten koste van alles wil slagen heeft hij net bewezen: in een geforceerde mars zonder weerga heeft hij de onder zijn bevel verenigde Engelse en Nederlandse landstrijdkrachten van Keulen tot diep in Beiers gebied gevoerd, om zich daar te verenigen met de keizerlijke troepen onder prins Eugenius en gezamenlijk de strijd aan te gaan met het Franse leger onder Tallard.

Diorama van de veldslag in het museum van Höchstädt aan de Donau en Allemagne. In het midden de doorbraak van de geallieerde cavalerie, die de Tallard-squadrons terugduwde. Op de voorgrond de felle gevechten voor en rond Blenheim.

Beide partijen beschikken over ongeveer 50.000 man. Tallards strijdmacht bestaat alleen uit Fransen en Beierse bondgenoten, maar Marlborough en Eugenius voeren een bont gezelschap van Nederlanders, Engelsen, Hannoveranen, Pruisen, Denen, Hessen en Oostenrijkers aan.
Na de middag ontbrandt de strijd in alle hevigheid. Aanvankelijk worden de geallieerden her en der teruggedreven, maar dan slaagt Marlborough er na een aantal vergeefse stormlopen toch in Tallards linie te door-breken. De maarschalk heeft geen reserves meer en moet toezien hoe zijn slagorde uiteenvalt. De Fransen vluchten in paniek. Honderden ruiters worden in de Donau gedreven en verdrinken. De graaf van Merode-Westerloo stort te paard van een vier meter hoge steile helling. ‘In een oogwenk vielen er verscheidene mannen en paarden boven op me. Ik lag minutenlang onder mijn paard bekneld.’ Het Franse leger wordt niet zozeer verslagen, als wel vernietigd. Er zijn 20.000 Fransen en Beieren gesneuveld of zwaar gewond geraakt, 14.000 anderen wacht de krijgsgevangenschap.

Gedenksteen op de uitzichtplek van de Franse legerleiding, Lutzingen.

De Slag bij Höchstädt ontneemt Lodewijk de nimbus van onoverwinnelijkheid, die hij in een kleine halve eeuw van strijd verworven heeft. Na een bijzonder strenge winter, gevolgd door misoogsten, is hij in 1709 eindelijk bereid in te stemmen met een troonsafstand van Philips V. Maar de geallieerden overspannen de boog door daaraan onaanvaardbare voorwaarden te verbinden. Het brengt Lodewijk tot een ongehoorde daad. Hij wendt zich in een brief tot zijn onderdanen en vraagt hun steun voor het voortzetten van de oorlog.
En zo duurt het dan nog eens vier jaar, voordat in 1713 de Vrede van Utrecht en een jaar later die van Rastatt gesloten wordt. Elke oorlogspartij krijgt iets: de Republiek der Nederlanden ter bescherming tegen Frankrijk een vestingbarrière voor haar zuidgrens. Oostenrijk-Habsburg wint de hoofdprijs en verwerft de Spaanse, zuidelijke Nederlanden, plus de Spaanse bezittingen in Italië, waaronder Milaan en het koninkrijk Napels.
Christoph Driessen

Openingsbeeld: De Slag bij Höchstädt door John Wootton (1682–1764).

Lees het volledige artikel, plus nog veel meer verhalen over de Bourbon-dynastie, in de nieuwe G/GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder