Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Beep Beep Yeah!

26 mei 2021 Siebrand Krul

Het oudst bekende muziekinstrument is een in Duitsland opgegraven 35.000 jaar oude fluit, gemaakt uit het bot van een vale gier. Sinds die tijd zijn steeds nieuwe manieren gevonden om muziek te maken. Maar altijd werd daarbij de klank op een natuurlijke manier tot stand gebracht. Tot de komst van de synthesizer dat veranderde.

Het eerst gedocumenteerde elektrische instrument was de Clavecin Électrique uit 1759 van de Parijse jezuïet Jean-Baptiste Delaborde. Het was een carillon-achtige constructie met bellen die in beweging werden gebracht door Leidse flessen, een soort batterij die kort daarvoor was uitgevonden door de Leidse hoogleraar Van Musschenbroeck. De aandrijving was dan wel elektrisch, het geluid zelf was dat niet. Het verhaal gaat dat de clavecin bij voorkeur in het donker werd bespeeld waarbij de vonkjes van de elektrische ontladingen van de Leidse flessen nog wel meer dan de muziek indruk maakten.

Het elektronische hart van het telharmonium was kolossaal. In 1907 schreef de Preanger Bode: ‘Het is natuurlijk hoogst onwaarschijnlijk dat het Telharmonium nu opeens alle instrumenten naar het museum van oudheden zal verbannen, doch men hoeft niet veel fantasie te bezitten om het instrument een schitterende toekomst te voorspellen’.

In de eeuw daarna werd er veel geëxperimenteerd. De ‘Musical Telegraph’ van Elisha Gray uit 1876 mag gelden als het eerste echte elektronische instrument waarbij een oscillator het geluid voortbracht. Maar de moeder aller synthesizers is toch wel het telharmonium, in 1897 bedacht door de Amerikaan Thaddeus Cahill. Geluid werd opgewekt met een ‘toonwiel’ waarbij aan één zijde een staafmagneet met spoel was opgesteld. Door het ronddraaien van het toonwiel werd zo een specifieke spanning opgewekt die na versterking als een toon was te horen.

Friedrich Trautwein (1888-1956) was oorspronkelijk ingenieur en in 1923 betrokken bij de totstandkoming van de eerste Duitse radiozender. (Bild/Getty Images)

Muziek als water uit de kraan

Calhill had grootse plannen met zijn vinding. Hij wilde met het instrument muziek via telefoonlijnen distribueren naar theaters, hotels en restaurants. Die moesten daar natuurlijk wel voor betalen. Je zou daarom het telharmonium de eerste audio-streamingdienst kunnen noemen, een soort ‘Spotify’ avant la lettre. ‘Get Music on Tap Like Gas or Water’, muziek als water uit de kraan, zo werd beloofd. Revolutionair, want radio was er nog niet. Alles aan Calhills project was kolossaal. Zo woog het telharmonium 200 ton.

Alfreds Hitchcock in een dramatische pose voor de trautonium, het instrument dat zorgde voor het vogelgekrijs in de film Birds. (Universal Pictures Company, 1963)

Voor de opstelling van het ruim achttien meter lange instrument was een complete kelderverdieping nodig. En stroom, heel veel stroom. Want om de muziek met voldoende kracht over honderden aansluitingen te kunnen verdelen, was een sterk signaal noodzakelijk. Het bespelen van het ingewikkelde instrument vergde twee man. De klank leek op dat van het latere hammondorgel, de veel bescheidener nazaat van Cahills moloch. Het project werd geen succes; de exploitatiekosten waren te hoog en de constructie was storingsgevoelig. Reguliere telefoonabonnees waren ‘not amused’ wanneer de telharmonium het netwerk weer eens plat legde. Een economische dip deed de rest.

Het album The Zodiac Cosmic Sounds van Mort Garson was in april 1967 de allereerste commerciële plaat waarop de moog-synthesizer was te horen. Als advies stond op de hoes: beluisteren in het donker.

De kunst van het lawaai

Ook in de eerste decennia van de 20ste eeuw bleef de belangstelling voor elektronische muziek aanhouden. Stromingen zoals het modernisme wilden breken met de traditionele vormen en zochten daarbij ook letterlijk naar nieuwe geluiden. De Italiaan Luigi Russolo leefde zich uit op zijn ‘intonarumori’ of ‘lawaaimachine’, eigenlijk een synthesizer die geen synthesizer was want strikt mechanisch. Hij publiceerde in 1913 zijn spraakmakende pamflet ‘L’arte dei rumori ’- de kunst van het lawaai- met daarin een revolutionaire visie op geluid en muziek. In 1920 kwam de Rus Lew Termen met de theremin op de proppen, een eigenaardig elektronisch instrument met een klank die nog het meest leek op dat van een zingende zaag. Het werd gebracht als een toonbeeld van de moderniteit van de nog prille Sovjet-Unie, het vaderland van de Rus.

Robert Moog (1934-2005) tussen zijn synthesizers. Moog noemde de computer ‘de meest belangrijke gebeurtenis in de muziekgeschiedenis sinds de uitvinding van de snaar, en dat is een lange tijd geleden’. (Bob Moog Foundation)

In de jaren dertig kwam de Duitser Friedrich Trautwein met zijn ‘trautonium’ op de proppen. Het trautonium werd bespeeld door het indrukken van een weerstandsdraad, gespannen over een metalen plaat. Het kon een veelheid aan klanken voortbrengen. In 1935 demonstreerde hij het toestel aan Joseph Goebbels, de nazi-minister van propaganda. Die vond het prachtig en liet er 1936 het geluidssysteem voor de Olympische Spelen mee testen. Een compacte uitvoering, als snel ‘volkstrautonium’ genoemd, moest de Duitse huiskamer veroveren. Maar met een prijs van 400 rijksmark, bijna drie maandsalarissen van een gemiddelde Duitse arbeider, was er weinig ‘volks’ aan. Bovendien had die al gauw wel iets anders aan zijn hoofd. Het instrument bleef een curiosum. In 1963 schitterde het nog één keer in Hitchcocks filmklassieker Birds waar het zorgde voor het angstaanjagende gekrijs van de vogels.
Harry Stalknecht

Openingsbeeld: In 1970 werd de mini-moog gelanceerd. Het werd een van de meest invloedrijke synthesizers in de elektronische muziek.

Lees het volledige artikel, plus nog veel meer boeiende historische artikelen, in de nieuwe G/GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder