Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Verdronken Testerep

05 mei 2021 Siebrand Krul

Aan de Belgische kust lag ooit een eiland, genaamd Testerep, met aan de ene kant Oost-ende, aan de andere West-ende en in het midden lag Middel-kerke. Het werd overspoeld in de 13de en 14de eeuw en de stad Oostende verhuisde een stuk landinwaarts. Waar ligt het nu? Ontdek het verhaal van het verdronken eiland Testerep.

Stel je even voor: je leeft in de Middeleeuwen en je wandelt langs de Vlaamse kust. Ter hoogte van het dorp Leffinge, hoog en droog gelegen op een terp, zie je een zeearm, een brede getijdengeul. En achter die geul ligt een langwerpig eiland in zee. Het draagt de naam Testerep, soms verbasterd tot Ter Streep. Testerep is het resultaat van een eeuwen durende evolutie. In de prehistorische tijd ziet deze kust er helemaal anders uit. 9000 jaar geleden is het een waddenlandschap dat zich ver in zee uitstrekt, zoals je dat nu nog ziet aan de noordzijde van Nederland en Duitsland. Vanaf de Romeinse tijd wordt er aan zoutwinning gedaan. Het is een heel dynamisch landschap dat aan sterke wijzigingen onderhevig is. Geleidelijk schuift de kustlijn meer landinwaarts. Er ontstaat een brede duinenrij, grote getijdengeulen die daar doorheen lopen met daarachter een overstromingsgebied, een landschap van schorren en slikken dat constant verandert. Lokale schaapsboeren maken graag gebruik van de schorreneilanden als graasland voor hun kudden, zeker vanaf de Vroege Middeleeuwen.

Het vroegmiddeleeuwse dorp Leffinge op de terp, in de achtergrond ligt Testerep. (Reconstructietekening VUB)

Vlaanderen

Het schorren- en slikkengebied aan de kust ligt etymologisch aan de oorsprong van de naam ‘Vlaanderen’. Het oer-Germaanse flaumaz (> flamdra > flandria > vlaanderen) betekent ‘overstroomd land’ en dat is precies wat het oude kustgebied was: een stuk land dat tweemaal per dag door de zee werd overstroomd. Aanvankelijk sloeg de naam alleen op het waddengebied langs de Vlaamse Noordzeekust. Later gaat de naam over op het hele graafschap.
In de 5de en 6de eeuw groeit Testerep uit tot een heus eiland, een langwerpige strook van een goede vijftien kilometer, van het achterliggende vasteland gescheiden door een getijdengeul. Langs de westelijke zijde staat die geul in verbinding met de IJzer, langs de andere kant loopt ze uit in de Noordzee.
In 992 schenken de graven van Vlaanderen een stuk van Testerep als schaapsweide aan de Sint-Pietersabdij van Gent. Er worden dijken aangelegd langsheen de getijdengeul en er ontstaan woonkernen. Reeds voordien was er bewoning van schaapsherders en kustvissers, maar nu groeit de bevolking en ontwikkelen zich echte dorpen. In het begin van de 12de eeuw wordt een kerkje gesticht ter ere van Onze-Lieve-Vrouw: Sanctae Mariae de Testreep, later kortweg Mariakerke genoemd. Op de westelijke kop van Testerep ontstaat Westende. In het midden van het eiland achter de duinenrij aan de geulzijde ligt een andere woonkern: Middelkerke.

Gereconstrueerd middeleeuws vissersdorp Walraversijde. (Raversyde.be)

Aan de kustzijde is een smalle inham, een ijde of yde, een geschikte landingsplaats die de vissers toelaat hun boten aan land te trekken. Hier ligt het vissersdorp Raversijde. In den beginne heet het Walraversijde. Op deze plek is heel wat onderzoek gebeurd. In de duinen is een middeleeuws vissersdorp heropgebouwd op basis van archeologisch onderzoek. Het is eigenlijk de tweede locatie, want het eerste oorspronkelijke dorp lag verderop zeewaarts, nu onder het strand van Raversijde.
Dit vroege dorpje Walravensyde-op-Testerep wordt reeds vernoemd in de 13de eeuw. Het wordt overstoven door het zand onder invloed van de grote stormvloeden. Tot de vroege jaren zeventig kon men af en toe bij eb op het strand van Raversijde nog sporen zien van structuren van dit dorp (veenwinning en restanten van woningen), maar door de aanleg van golfbrekers en latere zandopspuiting kwam het niveau van het strand hoger en ligt alles nu onder één à twee meter zand.

Sporen van veenwinning op het strand van Raversijde. (E. Cools)

Oost-ende

Aan de oostelijke kant van het eiland zal zich een stad ontwikkelen. Aanvankelijk was hier niet meer dan een open zanderige vlakte die afliep naar zee. In 1266 sticht Margareta van Constantinopel, gravin van Vlaanderen, op die plek een nieuwe stad: Oostende genaamd, naar analogie met Westende aan het andere uiteinde van Testerep. De stad wordt heel planmatig ontworpen door de grafelijke landmeters: een stratennet in dambordpatroon met identieke bouwpercelen van telkens 310 vierkante meter (11,5 x 27 meter). Op een dubbel perceel komt een stadshalle en daarnaast een marktplein van dezelfde grootte. Er wordt een kerk gebouwd en een haven aangelegd, dit alles vermoedelijk omgord door een omwalling.
Dit oude Oostende, dat in de 13de eeuw uitgroeit tot een kleine havenstad, ligt enkele honderden meters ten noordwesten van de huidige stad. Men spreekt over Oostende-op-Testerep. Testerep is trouwens in deze periode geen écht eiland meer, los van het vasteland. De getijdengeul, die eeuwenlang de scheiding vormde, is de voorbije decennia met dijken afgezet waardoor de zeearm stilaan begint te verzanden. Dat proces verloopt nog sneller wanneer omstreeks 1150 een dam wordt aangelegd die de Testerepgeul afsluit van de IJzer. Deze afsluitdijk, de Nieuwendam – zo heet de plek daar nu nog altijd – zorgt ervoor dat het achterliggende water dichtslibt. De zeearm wordt ingepolderd en verdwijnt. Alleen aan de oostelijke kant blijft vermoedelijk een modderige kreek achter.

Kaart van Oostende in 1560, de witte stippellijn duidt de ligging van de oude stad aan, onderaan de nieuwe stad, op de zwarte stip ligt nu het casino. (Nationaal Geografisch Instituut)

Sint-Vincentiusvloed

Testerep, dat we vanaf nu een schiereiland kunnen noemen, heeft veel te lijden onder de stormvloeden die de Noordzeekusten geregeld teisteren in de loop van de 13de en 14de eeuw. In tegenstelling tot de kant van de intussen verzande en ingepolderde getijdenkreek is de zeezijde van Testerep nooit beschermd geweest met dijken. Gevolg is dat bij elke storm aanzienlijke stukken strand en duinen wegspoelen en de zeezijde nog kwetsbaarder achterblijft. De woonkernen op Testerep die aan de strandzijde liggen, zoals Raversijde en Oostende, hebben vaak te kampen met overstromingen.
De doodsteek voor Testerep komt er tijdens de rampzalige Sint-Vincentiusstorm in de nacht van 22 januari 1394. Een stormvloed met orkaankracht beukt op de kust en overstroomt het afkalvende, zanderige Testerep. Het oude havenstadje Oostende wordt overspoeld ‘par les tempestes et orages… la nuit de Saint-Vincent…’ Archiefbronnen spreken over zware overstromingen en onherstelbare verwoestingen. Vallen er slachtoffers? Hoogstwaarschijnlijk wel, maar hierover zwijgen de kronieken. De bewoners zullen wat overblijft van Oostende niet heropbouwen en geleidelijk opgeven.

Oostende ca. 1700. De strook met het oude stadsdeel is verdwenen onder de vestingwerken. (Biblioteca Nacional Portugal)

Alleen een smalle strook waarop de kerk staat, blijft bewaard en wordt geïncorporeerd in de nieuwe stad die een jaar na de stormramp door de Bourgondische hertog Filips de Stoute wordt hersticht, enkele honderden meters verderop gelegen, meer landinwaarts. Tijdelijk zijn er dus twee Oostendes, het oude, grotendeels vernielde stadje op Testerep en de nieuwe havenstad, zuidelijker gelegen. Het nieuwe Oostende krijgt opnieuw een dambordpatroon met halle, marktplein en haven en in 1434 een nieuwe kerk. De bekende Peperbusse is daar een overblijfsel van. En dat stukje Oostende-op-Testerep met de oude kerk? Dat verdwijnt en wordt gesloopt bij de aanleg van nieuwe vestingmuren door de Spanjaarden.
Van het eiland Testerep blijft na al die eeuwen niet veel meer over. De landzijde is door de inpoldering van de getijdengeul opgegaan in het vasteland, de zeezijde is door de opeenvolgende stormen afgekalfd en verdwenen in zee en onder het strand. De huidige kustlijn loopt zowat halverwege door wat vroeger Testerep was.

Deze dynamische kaart geeft weer hoe Testerep evolueerde van eiland via schiereiland tot vasteland.

Bodemscan

Onder het zand of op de zeebodem moeten dus nog relicten terug te vinden zijn van Testerep. De Universiteit Gent heeft daarom in samenwerking met het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) onderzoek gedaan met een nieuw hoogtechnologisch toestel – voor de techneuten onder ons: een multi-transducer parametrische echosounder – waarmee een driedimensionale scan van de zeebodem en onderliggende lagen kan gemaakt worden. Te zien waren ‘structuren’ onder de zeebodem, enkele honderden meters voor de kust van Oostende ter hoogte van het Casino. Dat is ongeveer op de plaats waar de oude havenmuren moeten gelegen hebben. Het oude Oostende-op-Testerep heeft nog veel te vertellen…

Openingsbeeld: Cartografische schets van Testerep (de zwarte stippellijn geeft min of meer de huidige kustlijn aan).

Canvan curiosa/Koen De Vos
Met dank aan dr. Tine Missiaen (Ugent) en prof. Dries Tys (VUB)


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder