Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

De Reichsgründung

06 januari 2021 Siebrand Krul

Op 18 januari 1871, 150 jaar geleden, vond de Reichsgründung plaats: in de Spiegelzaal van het Paleis van Versailles werd koning Wilhelm I van Pruisen door de Duitse vorsten tot Duits keizer uitgeroepen. Niet alles verliep van een leien dakje: zoals zijn broer de Duitse kroon had geweigerd aanvaarde Wilhelm de keizerlijke waardigheid met tegenzin en de Beierse koning Lodewijk II was slechts na omkoping tot toetreden bereid gebleken.

Dit Duitse Rijk bestond uit de staten van de Noord-Duitse Bond, aangevuld met Beieren, Württemberg, Baden en het andere deel van Hessen-Darmstadt. Het was niet, zoals men in 1848 had gewild, een liberale en constitutionele monarchie, maar anti-liberaal en onvolledig constitutioneel. Ook was het rijk sterk militaristisch van aard. Het keizerrijk was een vorstenbond onder Pruisische leiding, maar waarbij de afzonderlijke staten op cultureel en bestuurlijk gebied een grote mate van soevereiniteit genoten. Aan het zelfbewuste Beieren waren concessies gedaan.
Op 9 en 10 december 1870 besloten de Reichstag en de Federale Raad de titel van keizerlijk voor te dragen aan de houder van het federale presidium (de Pruisische koning); Wilhelm accepteerde die op 18 december. De nieuwe federatie werd omgedoopt tot ‘Duitse Rijk’. Dit werd van kracht op 1 januari 1871 met een nieuwe grondwet. De latere proclamatie was slechts een ‘handeling van formele instructie en ambtsaanvaarding’, de ‘18de Januari was niet de oprichtingsdag van het Reich ‘(E. R. Huber).

‘Deutschlands Zukunft’. Het bijschrift: ‘Kommt es unter einen Hut? Ich glaube, ’s kommt eher unter eine Pickelhaube!’ Spotprent uit het Oostenrijkse satirische tijdschrift Kikeriki, 22 augustus 1870. Met de Oostenrijkse hegemonie in Centraal-Europa was het gedaan: de toekomst behoorde tot Pruisen, pardon: Duitsland.

18 januari was gekozen als de dag van de keizerlijke proclamatie, de dag van de kroning van Frederik III van Brandenburg tot de eerste Pruisische koning, als Friedrich I in 1701, waarmee het koninkrijk Pruisen werd opgericht. Dit bleef de Pruisische kroningsdag en Königsberg de plaats van handeling. Dat ging in 1871 natuurlijk niet. De herinnering aan de eerste kroning, precies 170 jaar geleden, verbond het Hohenzollern-vorstenhuis met mythen en tradities.
Ten tijde van de keizerlijke proclamatie werd de Franse hoofdstad Parijs belegerd door coalitietroepen. De zetel van het grote hoofdkwartier van de Duitse legers was Versailles. Rond Parijs verzamelden zich de leiders van de coalitie en al gauw viel de keus op Versailles: Duitsland symboliseerde daarmee dat het een plaats tussen de grootmachten had verworven.

Bismarck, gekleed als smid, met opgestroopte hemdsmouwen en leren werkschort, achter het aambeeld. Hij smeed de Reichseiniging: eindelijk, na vele eeuwen Kleinstaaterei, hebben ook de Duitsers een centraal bestuurde natie. Het wemelt in Duitsland nog altijd van de beelden en herdenkingstekens van Bismarck. Hij is de smid of de loods, nooit de soldaat. Na de Reichseiniging stond zijn hele politiek in het in vrede beschermen van zijn schepping. (Terracotta/brons, Deutsches Historisches Museum, Berlijn)

Op 18 januari 1871 marcheerden Duitse troepen in parade-uniformen rond het paleis van Versailles en maakten een bos met veroverde vaandels. Otto von Bismarck las de proclamatie voor: ‘We nemen de keizerlijke waardigheid op ons, ons bewust van onze plicht om de rechten van het Reich en zijn leden in Duitse loyaliteit te beschermen, de vrede te bewaren, de onafhankelijkheid van Duitsland te verdedigen op basis van de verenigde kracht van zijn volk. Wij aanvaarden het in de hoop dat het Duitse volk zal kunnen genieten van de beloning van hun hete en zelfopofferende strijd in blijvende vrede en binnen de grenzen die het vaderland de veiligheid geven die het al eeuwenlang ontbeert tegen hernieuwde aanvallen van Frankrijk. God zou ons en onze opvolgers bij de keizerlijke kroon toestaan om altijd veelvouden van het Duitse rijk te zijn, niet bij militaire veroveringen, maar in goederen en geschenken van vrede op het gebied van nationaal welzijn, vrijheid en orde. ‘
Daarop riep de groothertog van Baden ‘Zijne Majesteit, Kaiser Wilhelm’, waarop de andere aanwezigen driemaal antwoordden. De ceremonie eindigde terwijl het hoera-geroep van de ingezette troepen buiten verder ging. De uitdrukking ‘Kaiser Wilhelm’ vermeed de exacte, grondwettelijke titel ‘Duitse Keizer’, waarmee Wilhelm tandenknarsend akkoord moest gaan. Maar dat toegeven aan Bismarck was Wilhelm wel gewend.

Openingsbeeld: Het uitroepen van het Duitse keizerrijk op 18 januari 1871. Wilhelm I werd Duits keizer en niet, tot zijn ergernis, keizer van Duitsland. Dit doek van Anton von Werner hangt in slot Friedrichsruh, nog altijd het onderkomen van de familie Bismarck nabij Hamburg. Bismarck kreeg het van de Hohenzollern ten geschenke ter gelegenheid van zijn zeventigste verjaardag. De eerste twee uitvoeringen van het schilderij zijn in de oorlog verloren gegaan. De scene in het Paleis van Versailles: uiterst links op de verhoging (in het zwart) kroonprins Frederik Willem (de latere Frederik III), daarnaast zijn vader Wilhelm I en groothertog Frederik I van Baden, die als eerste een toost op keizer Wilhelm uitbracht. In het midden (met het witte uniform) Otto von Bismarck, direct rechts van hem Helmuth von Moltke. (Bismarck Museum, Friedrichsruh)

Eind 2021 brengt G-Geschiedenis een special uit over de Frans-Duitse Oorlog van 1870, die zulke verstrekkende gevolgen heeft gehad.


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder