Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Stalins boerenoorlog

15 december 2020 Siebrand Krul

In 1929 geeft Stalin opdracht tot een geforceerde landbouwcollectivisatie. Als de in het nauw gedreven boeren zich verzetten, jaagt het regime miljoenen van hen in de hongerdood. De berichten uit de jaren 1930 tot en met 1933 zijn gruwelijk, het totaal aantal doden wordt geschat op tussen zes en acht miljoen, onder wie drie tot vijf miljoen Oekraïners.

‘Lieve oom, we hebben geen brood of iets anders te eten. Vader en moeder zijn uitgeput van de honger, ze zijn gaan liggen en staan niet meer op. Neem me bij je in huis in Charkov, oompje, omdat ik anders omkom van de honger. Kom me halen, ik ben jong en wil leven, maar hier ga ik dood, want iedereen gaat hier dood.’ Het meisje dat in 1933 deze woorden schrijft, is tien jaar oud. Het lot heeft haar het slachtoffer gemaakt van een stalinistische vernietigingsoorlog tegen het eigen volk. Haar treft geen enkele blaam, net zomin als miljoenen landgenoten, die willens en wetensde hongerdood worden ingedreven. Miljoenen Oekraïners sterven in wat nota bene ‘de graanschuur van Europa’ wordt genoemd, éé van Europa’s vruchtbaarste landbouwgebieden.

Poster uit 1930 – Verdrijf de koelakken uit de kolchoz!

Het excessieve geweld tegen de boeren in de Sovjet-Unie dateert van 1928 en het eerste vijfjarenplan. Daarin keert de regering zich definitief af van de markteconomie. Eerder, tijdens de burgeroorlog en een korte periode van consolidatie, was de partij gestopt met haar pogingen de landbouw te collectiviseren. De toenmalige Nieuwe Economische Politiek stond de boeren toe voorraden aan te leggen en opbrengsten zelf te verkopen. Maar dan blijkt deze vrede niet meer dan een bedrieglijke wapenstilstand geweest te zijn.

Een ‘rode trein’ vervoert inbeslaggenomen levenmiddelen (1932).

De harde hand waarmee een goed functionerende bedrijfstak de nek omgedraaid wordt, komt vooral voort uit angst. Eind jaren twintig gonst het in de communistische partij van de geruchten over een op handen zijnde inval door de westerse mogendheden. ‘Als de imperialisten ons niet meteen aanvallen,’ waarschuwt de latere premier Molotov in november 1929 de kameraden in het Centraal Comité van de CPSU, ‘hebben we nog vierenhalve maand om op het gebied van de economie en de collectivisatie een doorbraak te forceren.’ De partij besluit om het totale productievermogen op de zware industrie te richten. ’s Lands graanschuren worden gebruikt om nieuwe fabrieken en machines te financieren.

Hongersnood in de Sovjetunie in 1933. Hoe donkerder, hoe katastrofaler.

De voorraden van de boeren worden op zo’n grote schaal geconfisqueerd, dat het aan graan ontbreekt om de veestapel te voeren. Overal begint men dus het vee te slachten. Het aantal paarden zou hierdoor tussen 1928 en 1932 met de helft afgenomen zijn, dat van melkkoeien met eenderde. De partij ziet in deze stelselmatige noodslachtingen echter de wil van de boeren om het vlees zelf te consumeren of te verhandelen en zo aan de gedwongen collectivisatie te onttrekken. Op 27 september 1929 verkondigt Stalin de ‘liquidatie van het koelakkendom als klasse.’ De koelak, letterlijk ‘vuist’ en in overdrachtelijke zin de welgestelde boer die met de vuist een onrechtmatig verworven eigendom omklemt, wordt tot boeman verklaard.

Staatsspionnen ontdekken op een kerkhof verstopte zakken met meel, 1 november 1930.

De ‘ontkoelakisering’ die nu op gang komt is echter veel breder van opzet en richt zich van meet af aan tegen de gehele boerenstand. Alleen al in de maanden januari en februari 1930 worden zestig miljoen boeren gedwongen toe te treden tot een landbouwcollectief – dat is ongeveer de helft van het totale aantal boeren.
Ook de geheime dienst vat zijn taak nogal breed op en ziet bijvoorbeeld al een koelak in een boer die een dak van golfplaten op z’n boerderij heeft of één melkkoe bezit. ‘Ze dreven de ge-ontkoelakiseerden naakt de straat op, sloegen hen en dwongen hen hun eigen graf te graven. Ze trokken vrouwen hun kleren uit, fouilleerden hen, stalen voorwerpen van waarde en geld,’ bericht een ooggetuige in 1931.

Een Oekraïnse krant bericht in 1932 dat 5,8313 miljoen ton graan bij staatsinstellingen moet worden ingeleverd.

Niet alleen de vermeende koelak zelf wordt gearresteerd, maar zijn hele gezin wordt weggevoerd, soms ook vermoord. Aan het eind van de campagne in 1932 zijn er zo’n twee miljoen mensen gedeporteerd.
Wie niet in een strafkamp eindigt, belandt in een kolonie, meestal in een afgelegen streek, om daar bos en land te ontginnen, kanalen te graven. De voedselvoorziening in deze kolonies is abominabel. In januari 1932 zijn dan ook al 500.000 vermeende koelakken omgekomen.

Uitgemergelde vrouw met kleinkind. (Staatsarchief van Kazachstan, januari 1933)

Intussen gaat de invordering onverminderd door. In 1931 wordt opnieuw bijna de helft van de oogst in beslag genomen. De boeren hebben nu niet eens genoeg zaaigoed meer. Overal in de Sovjet-Unie komen de boeren in opstand tegen deze rooftochten van staatswege. Bijna de helft van de grotere opstanden doet zich voor in Oekraïne, waar het boerenverzet door een onafhankelijkheidsstreven aangewakkerd wordt.

Hongerdoden langs de weg in Charkiw. Foto van Alexander Wienerberger, 1933.

Hoewel de hele Sovjet-Unie aan de voedselcrisis dreigt te bezwijken, wil de partij het verzet de nek breken. Men komt met onmenselijke maatregelen die de dood van miljoenen op de koop toe nemen, wellicht zelfs tot doel hebben. In de winter van 1932/33 breekt een grote hongersnood uit. De grenzen van Oekraïne worden afgesloten voor alle personen- en goederenverkeer, het geplunderde volk aan zijn lot overgelaten. In februari 1933 worden zo’n 200.000 vertwijfelde boeren aan de grens aangehouden, terug de hongerdood ingestuurd of naar kampen afgevoerd.
André Weikard

Openingsbeeld: De verplichte inlevering van tarwe, jaartal onbekend.

Lees ook de andere helft van dit gruwelverhaal, plus nog veel meer artikelen over Stalin, in de nieuwe G/GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder