Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Schaap in wolfskleren

15 december 2020 Siebrand Krul

‘Ontoebereid is de smaak flauw en onaangenaam’. Zo oordeelde nog in 1901 de Middelburgse Courant over de tomaat. Toen de tomaat in de 16de eeuw naar Europa kwam werd hij aanvankelijk overal met argwaan ontvangen. Dat had te maken met de rode kleur, die gold als gevaarlijk.

De oudste tomaat ter wereld ligt, ietwat geplet, in Leiden. Het is één van de 477 gedroogde planten in het ‘En Tibi’-herbarium, omstreeks 1550 in Italië gemaakt. En dat is geen toeval. Het is vanuit daar dat de rode vrucht zich over de wereld verspreidde.
De oertomaat kom oorspronkelijk uit de Andes. Toen de Spanjaarden rond 1520 Mexico veroverden werd hij daar door de Azteken al volop gecultiveerd en ‘xitomatl’ genoemd. Via het Spaanse Sevilla kwamen Zuid-Amerikaanse producten op de Europese markt. Zo ook de tomaat. Van daar bereikte de vrucht Italië, waar het koninkrijk Napels na een reeks bloedige oorlogen net onder Spaans bestuur was komen te staan. De Italianen noemden hem ‘pomo d’oro’, de gouden appel.

Stilleven met tomaat, aubergine en ui geschilderd door de Napolitaan Luis Meléndez (1716-1780).

En ze vertrouwden hem niet. Felgekleurde vruchten golden als gevaarlijk. Die mening werd versterkt door mannen als de Franse botanicus De Tournefort (1656-1708) die de tomaat herkende als familie van de giftige nachtschade. Hij gaf de tomaat veelzeggend de naam lycopersicon esculentum: wolfsperzik. In wetenschappelijke geschriften werd het eten van groente sowieso ontraden. Als mogelijk geneeskrachtige plant had de tomaat al wel de aandacht van Rembert Dodoens (1517/18-1585), de befaamde Mechelse geneesheer, botanicus en hoogleraar te Leiden. ‘Den stercken stinckenden reuck van dese Gulden-Appelen geeft ghenoegh te kennen hoe onghesondt ende quade datse gheten sijn’, zo schreef hij. Volgens Dodoens was de voedingswaarde van de tomaat ook nog eens beperkt ‘ende tot de ghesondtheyd gheensins streckende’.

De oudste tomaat ter wereld is te vinden in het Leidse ‘En Tibi’-herbarium, zo genoemd naar de Latijnse inscriptie op de omslag. ‘En Tibi Perpetuis Ridentum Floribus Hortum’, wat zoveel betekent als ‘Hier voor jou een glimlachende tuin met eeuwig bloeiende bloemen’.

Vilvoordse tomaten volgens Parijs’ procedé

Ondanks de geringe waardering van groenten werden ze in Italië, anders dan elders in Europa, steeds vaker op het menu gezet. Het was armeluis-eten want groenten waren goedkoop en makkelijk zelf te verbouwen. De Napolitanen werden zelfs schimpend ‘mangiafoglie’ genoemd: bladvreters. Maar die vertrouwdheid met groente zorgde er wel voor dat ook de tomaat vanaf 1700 in Italië steeds meer werd gegeten. Wel altijd eerst gebakken of gekookt, want rauw durfden nog maar weinigen het te wagen. Vanuit Italië vond de tomaat langzaam zijn weg naar de rest van zuidelijk Europa. Meer noordelijk bleef de weerstand tegen de groente hardnekkig. In 1699 daagde een Britse vrouw haar Franse echtgenoot voor de rechter op beschuldiging van mishandeling. Als Fransman liet hij tot wanhoop van zijn eega ruimschoots groente en salades op tafel zetten. De vrouw vreesde voor haar gezondheid en snakte naar een groot stuk vlees.

Een Nederlandse advertentie uit 1947. Ook in België was de tomaat toen al helemaal ingeburgerd. De met garnalen gevulde tomaat werd daar een nationale klassieker die bij feestelijke maaltijden niet mocht ontbreken. ‘Na de zee hoort een garnaal in een tomaat’, zo vonden veel Belgen. Ontwerp Eppo Doeve.

Pas in de 19de eeuw kreeg de tomaat ook in Noord-Europa voet aan/in de grond. Sinds 1830 verschenen tomaten op de Parijse markten en van daar kwamen ze naar Brussel. In 1848 slaagde een Vilvoordse tuinder er in om tomaten te kweken volgens het Parijse procedé, dat wil zeggen in serres onder glas. Twintig jaar later werden de vruchten in België al als ‘vrij algemeen’ bestempeld. In 1880 waren er zelfs al meer dan een dozijn verschillende rassen in België bekend.

Een boekje met recepten met tomatenpuree van de Belgische conservenfabrikant Marie Thumas (voor 1940). Het bedrijf werd in 1980 overgenomen door het Franse Bonduelle. Tomaat gevuld met garnalen werd na de oorlog een Belgische klassieker die bij feestelijke gelegenheden niet mocht ontbreken. ‘Na de zee hoort een garnaal in een tomaat’, zo vonden veel Belgen.

Verhoogt de levenslust

In Nederland lag dat anders. Nog in 1901 schreef de Middelburgse Courant: ‘Tot de vruchten, die in het buitenland, vooral in Frankrijk en België, algemeen worden aangekweekt, maar die men in Nederland slechts zelden ontmoet, behoort de tomaat. Ziet men ze nog een enkelen keer, dan is het in een potje, waarin zij, om hare mooie vruchten, moeten dienen tot sierplant.’ Ze worden ook wel pantamoer of pondemoer genoemd, een verbastering van het Franse pomme d’amour.
Hoe anders elf jaar later. Lees de Tilburgse Courant: ‘Het is nog niet zoolang geleden, dat de tomaat behoorde bij die delicatessen, welke slechts weinige menschen kenden en welke nog al duur werden betaald. Maar zelden heeft een vrucht zoo spoedig de algemeene populariteit verworven, gelijk de tomaat’. En jubelend: ‘Op het geestesleven heeft de tomaat in zoover een gunstige werking, dat zij de fantasie scherpt en den levenslust verhoogt. Zij zal zwaarmoedigen en hypochonders uit de sanatoria houden en de algemeene levensvreugde onder de menschheid aanmerkelijk doen stijgen’.
Harry Stalknecht

Openingsbeeld: Teler Arie Bakker bij zijn tomaten, 1945. Hij boerde in de Sloterpolder, toen nog een agrarisch gebied aan de rand van Amsterdam dat door stadsuitbreiding na 1953 compleet is opgeslokt door wat nu de wijk Slotervaart is. (Online fotoarchief familie Bakker)

Lees ook de andere helft van dit verhaal, plus nog veel meer boeiende historische artikelen, in de nieuwe G/GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder