Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Stinkt het nog?

23 november 2020 Siebrand Krul

Een onderzoeksproject in de Poolse stad Lublin laat zien hoe geuren en hun perceptie nieuwe inzichten verschaffen in de dagelijkse geschiedenis van mensen. Sociale en politieke veranderingen hangen vaak 'in de lucht' in de ware zin van het woord. Stephanie Weismann van de universiteit van Wenen doet onderzoek naar huishoudelijke luchtjes uit de Koude Oorlog.

Het Poolse parfummerk ‘Pani Walewska’ heeft een cultstatus: in de jaren zeventig bloeide de cosmeticasector in de Volksrepubliek Polen. Naast Franse geuren en Sovjetproducten vertegenwoordigden eigen parfumlijnen een nieuwe welvaart. Toen er in interviews over parfums werd gesproken, resoneerden de beoordelingen ook. Sovjet-damesparfums hadden bijvoorbeeld over het algemeen een slechte reputatie in Polen. Ze werden vaak ‘betere insecticiden’ genoemd en drukten daarmee gemengde gevoelens jegens de Sovjet-Unie uit, aldus cultuurwetenschapper Stephanie Weismann van het Instituut voor Oost-Europese geschiedenis aan de Universiteit van Wenen.
Hoe onder meer de geur van cosmetica en huishoudelijke chemicaliën werd waargenomen in de Poolse stad Lublin tijdens de Koude Oorlog en de jaren van transformatie, d.w.z. rond 1989, wordt voornamelijk onderzocht door middel van verhalende interviews, maar ook via internetfora en vele andere bronnen. Weismann heeft ongeveer zestig interviews afgenomen met getuigen geboren tussen 1950 en 1975. Met een focus op een Oost-Europese (Polen spreken liever van Centraal-Europees) stad brak de geesteswetenschapper nieuwe wegen in. Tot dusver heeft stadsgeschiedenisonderzoek naar ‘sensorische geschiedenis’ zich voornamelijk gericht op West-Europese en transatlantische steden.

Geurnoten van de Poolse Volksrepubliek. (Foto Stephanie Weismann)

Levensechte plekken als kennisbron

Voor de interdisciplinaire onderzoeksaanpak van ‘Sensorische Studies’ spelen zintuiglijke waarnemingen, in dit geval de reukwaarneming van plaatsen, objecten, culturele praktijken en mensen, een belangrijke rol. Ook omdat geuren sociale en culturele classificaties bepalen, zoals de begrippen ‘stedelijk’ versus ‘provinciaal’ of ‘wij’ versus ‘de anderen’. Geuren en hoe ze worden herinnerd, vertellen ook veel over zelfbeeld, gevoelens van erbij horen en afwijzing.
De badkamer en zijn geurkosmos dienen als geurbarometer voor sociaal-politieke veranderingen. De geuren van geïmporteerde consumentenproducten uit het Westen werden steeds meer vermengd met de lokaal geproduceerde goederen. ‘Met name wasmiddelen en zeep van beide kanten van het verdeelde Duitsland waren populair en bepaalden de perceptie van het ‘Westen’. De wasmiddelenmerken Omo en Fa Seife waren veelbelovende geuren en boden ruimte voor allerlei projecties ‘, legt Weismann uit. De op handen zijnde sociale en politieke verandering hing bijna ‘in de lucht’.

Lublin in 1964.

In het onderzoeksproject naar de geurgeschiedenis van Lublin, dat ook representatief kan zijn voor andere Oost-Centraal-Europese steden, onderzoekt Weismann niet alleen de badkamer uit de transformatiejaren, maar ook de stedelijke binnenplaats uit het Interbellum. Deze tijdvensters of ‘olfactorische diepe boorgaten’, zoals de onderzoekster het noemt, geven nieuwe inzichten in de sociale en culturele geschiedenis van de 20ste eeuw. Weismann wil twee dingen ontdekken: ten eerste, hoe politieke, sociale, culturele en economische structuren en processen in Oost-Centraal-Europa zijn gecondenseerd tot sensueel waarneembare reukervaringen. En ten tweede, hoe men veranderende ‘geurlandschappen’ (fraai wetenschapsjargon, maar duidelijk is wat ze ermee bedoelt), vooral hun perceptie, kan gebruiken om sociaal-culturele gevoeligheden en stemmingen af te leiden.

Luchtfoto van Lublin in de jaren dertig.

Gisteren ok, vandaag niet meer draagbaar

‘Geuren hebben veel invloed op iedereen en zijn zeer sterk verbonden met emoties. Daarover lees je dit jaar bij mensen die door covid-19 hun geurzintuig kwijt zijn. Als onderzoekers komen we dichter bij de sociale realiteit ‘, legt Weismann uit. Vooral de binnenplaats in Lublin en de klachten van bewoners zijn onthullend. De onderzoekster bespreekt hoe de beleving van geuren daar veranderde. Centrale bronnen voor deze case study zijn zowel documenten van de sanitaire commissie (rapporten, klachten) als de kroniekrubrieken en rubriekrubrieken van de lokale dagbladen.
Hoe het toen rook: een mengsel van keukenafval, dierlijke en menselijke uitwerpselen, maar ook organisch afval uit werkplaatsen zoals particuliere slachthuizen of leerproductie. Daarnaast werden boerderijdieren zoals varkens en kippen vaak op de binnenplaats gehouden. Er veranderde weinig in deze praktijken en geurlandschappen in de eerste helft van de 20ste eeuw. Maar hoe werd dit olfactorische landschap door de bewoners waargenomen? ‘Plots stonken deze omstandigheden voor veel mensen en er was een ware explosie van klachten, verzoeken en onderzoeken, en het aantal aanklachten nam ook toe’. Een ontwikkeling die nauw samenhangt met de politieke en sociale verandering van die tijd.

Maken nationale ambities en sociale vooruitgang mensen gevoelig?

Met de uitroeping van de Tweede Poolse Republiek na het einde van de Eerste Wereldoorlog kende het bewustzijn van nationaliteit en burgerschap een opleving in Polen. Lublin werd in hetzelfde jaar de hoofdstad van het woiwodschap. Velen voelden zich nu stadsbewoners en de vertrouwde geur van een stadshof werd nu als provinciaal en achterlijk ervaren, en ook andere reflexen kwamen tot uiting: zo werden ook joodse medeburgers blootgesteld aan olfactorische wrok. ‘De nieuwe klachten over geurproblemen geven informatie over leefomstandigheden en buurtomstandigheden en weerspiegelen politieke gevoeligheden en onvrede’, zegt de onderzoekster.
‘Waarbij de plotselinge roep om frisse lucht en de weerzin tegen vroegere omstandigheden ook voortkomt uit de democratische ontwikkelingen.’ Met het einde van de censuur beleefde de lokale pers gouden dagen, en kreeg ze ook het nieuwe recht om te klagen.
Het project, dat loopt tot 2022, toont de relevantie van geurperceptie voor onderzoek naar stadsgeschiedenis. Dit maakt duidelijk in hoeverre sociaal-culturele veranderingen ook terugkomen in de leefomgeving van het individu. Aan de andere kant weerspiegelt de geurige achtergrond van een stad, of deze nu wordt gekenmerkt door stank of geur, niet alleen het dagelijks leven, maar ook haar culturele geschiedenis.

Stephanie Weismann is projectmanager van Hertha Firnberg bij het Instituut voor Oost-Europese geschiedenis aan de Universiteit van Wenen. Met haar onderzoek naar de geurlandschappen van Lublin is ze betrokken bij het interdisciplinaire Research Center for the History of Transformations RECET.
Bron: Scilog. Het tijdschrift van het Oostenrijkse Wetenschapsfonds FWF

Recent is een onderzoek met andere instituten gestart onder de naam Odeuropa. Met een fikse subsidie van de Europese Unie (2,8 miljoen) wordt een geurtocht ondernomen naar dit ‘niet tastbaar erfgoed’. Geur is sterk indentiteitsbepalend. Kijk maar naar hoe de voor ons gore zwavelstank achter het IJzeren Gordijn bij mensen uit Polen, Tsjechië en de DDR nostalgische gevoelens oproept. Bedoeling is dat de eindresultaten terecht komen in een online Encyclopedia of Smell Heritage.

Openingsbeeld: Historica Stephanie Weismann op een geurexpeditie in de binnenplaatsen van Lublin.


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder