Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Cecil Rhodes, imperialist

23 november 2020 Siebrand Krul

Als geen ander vertegenwoordigde Cecil Rhodes de hard core Europese imperialist: idealisme rondstrooiend dat het hem om een beter lot voor de arme Afrikanen te doen was, maar ondertussen zonder scrupules zijn eigen zakken vullen en zo veel mogelijk land onder gezag van de Britse kroon brengen. Twee Afrikaanse landen zouden zijn naam dragen, zijn diamantbedrijf De Beers is nog altijd ’s wereld grootste.

‘Eureka – ik heb het gevonden!’ De juwelier die in 1866 wel een ‘glinsterende kiezelsteen’ van de Afrikaan-der-boer Erasmus Jacobs wilde overnemen getuigde evenzeer van ontwikkeling als van humor toen hij Ar-chimedes’ uitroep als naam voor zijn vondst koos: een diamant van 21,25 karaat. ‘Eureka!’ zeiden alle ge-lukszoekers hem na en spoedden zich naar de Oranjerivier – 30.000 van hen in een paar maanden tijd. Hun kamp New Rush zwol aan tot een stad, die in 1873 de naam Kimberley kreeg.
Tot de bewoners behoorde ook een slungelige Engelsman van achttien jaar – de domineeszoon Cecil Rhodes. Z’n ouders hadden hem in 1864 naar Zuid-Afrika gestuurd in de hoop dat het milde klimaat zijn zwakke ge-zondheid ten goede zou komen. Bovendien was zijn oudere broer hem al als landverhuizer voorgegaan naar de Kaap. Maar in Zuid-Afrika werd de bleekneus al gauw door een nieuwe ‘koorts’ bevangen – de begeerte naar diamanten en naar land.

‘The Rhodes Colossus’, cartoon van Edward Linley Sambourne, gepubliceerd in ‘Punch’ (ook wel ‘London Charivari’, 10 december 1892) nadat Rhodes plannen had aangekondigd voor een telegraaflijn van Kaapstad naar Caïro in 1892.

Cecil Rhodes paarde deze onhebbelijkheden aan een wakkere koopmansgeest. In plaats van zelf in de grond te wroeten, handelden hij en zijn broer in prijzig delversgereedschap en overige benodigdheden. De winst staken ze in de aankoop van nieuwe diamantrijke gronden, zoals het boerenland van de familie De Beers. Het zware werk lieten ze over aan zwarte dagloners.
Met een goed gevulde beurs keerde Cecil in 1873 terug naar Engeland, om in Oxford rechten te studeren. In de clubs en sociëteiten aldaar liep hij warm voor het concept van een Britse imperialistische expansie en de ‘lotsverbetering’ die dat de betreffende ‘primitieve’ volkeren zou brengen. En zo keerde hij in 1876 als vurig imperialist terug naar Zuid-Afrika. Daar verdrong zijn mijnbouwfirma De Beers met hulp van de Rothschild-bank steeds meer concurrenten van de diamantmarkt, tot hij nagenoeg monopolist was geworden.

Rhodes en Ndebele izinDuna onderhandelen over vrede op de Matopos Hills, volgens beschrijving van Robert Baden-Powell, 1896.

Als een van de rijkste mannen van zijn tijd ging Rhodes in de politiek. Hij werd als afgevaardigde in het Zuid-Afrikaans parlement gekozen en werkte in die hoedanigheid actief mee aan de bezetting van Beetsjoe-analand (tegenwoordig: Botswana) in 1885. Het was echter maar een kleine stap op weg naar zijn grote droom: de inrichting in Oost-Afrika van een aaneengesloten Brits territorium ‘van de Kaap tot aan Caïro’, beklonken met de aanleg van een spoorweg van de Middellandse Zee naar Kaap de Goede Hoop.

Franse karikatuur van Rhodes, die hem tijdens de Tweede Boerenoorlog in Kimberley laat zien, terwijl hij uit de toren tevoorschijn komt met papieren met een champagnefles achter zijn kraag.

De conservatieve premier Salisbury hielp Rhodes van koningin Victoria een concessie los te krijgen die hem machtigde in haar naam verdragen met inheemse stamhoofden te sluiten. ‘Ik doe mijn uiterste best om de rijksdelen van Uwe Majesteit uit te breiden,’ verzekerde hij haar bij die gelegenheid. Strikt genomen ging het bij deze verdragen om de winning van bodemschatten, de aanleg van een spoorlijn en het in cultuur brengen van land, maar waar ze op neerkwamen was de onderwerping van de stammen aan het Britse gezag.

Begrafenis van Rhodes in Adderley St, Kaapstad, op 3 april 1902.

De eersten die Rhodes verschalkte waren de Matabele. Hun land zou de kern van de nieuwe kolonie Zuid-Rhodesië (het huidige Zimbabwe) gaan uitmaken. In weerwil van aanzwellende kritiek op zijn slinkse me-thoden verlegde Rhodes zijn werkterrein tot over de Zambezi en loodste de inheemse bevolking een tweede kolonie binnen, Noord-Rhodesië (het huidige Zambia).
Bij het Tanganjikameer liep Rhodes’ sneltreinkolonisatie echter vast. In 1890 hadden de Duitsers in Oost-Afrika een groot stuk van de Afrikaanse koek weten te bemachtigen en nu stonden ze een aaneensluiting van Britse gebieden in de weg.
Franz Metzger

Openingsbeeld: Cecil Rhodes, tekening van Mortimer Menpes.

Lees de andere helft van dit verhaal, plus nog veel meer artikelen over de wedloop om Afrika in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder