Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

De tragedie van de Cherokee

16 september 2020 Siebrand Krul

In 1838 moeten de Cherokees wijken voor de landhonger van de Europese kolonisten. Bij hun verdrijving komt een kwart van hen om. Aan oversteken van de half bevroren, machtig grote Mississippi viel onder deze omstandigheden niet te denken. Toch moesten de Cherokees naar de overkant. Terug naar hun geboorte-grond mochten ze niet. Deze wrede deportatie gaat als ‘Trail of Tears’ de geschiedenis in. Vier weken bivak-keerden ze het in die ijzige winter van 1838/39 aan de Mississippi.

Acht jaar eerder, op 28 mei 1830, had president Andrew Jackson de ‘Indian Removal Act’ ondertekend, die de VS-regering machtigde met de indianenvolkeren de voorwaarden voor hun herhuisvesting uit te onder-handelen. Deze deportatiewet dwong alle indianen die ten oosten van de Mississippi leefden hun land te ver-ruilen tegen het ‘indianenterritorium’ dat op het grondgebied van de tegenwoordige staat Oklahoma inge-richt was. Het hardst getroffen waren de Vijf Geciviliseerde Stammen, volken die zich aan de cultuur en leefgewoonten van de kolonisten aangepast hadden. En dus moesten ook de Cherokees weg van hun vruchtbare land in Alabama, Georgia, North Carolina en Tennessee. Terwijl zij nota bene eerder met hun be-zwaar tegen de wet door het hooggerechtshof in het gelijk gesteld waren.

Tah Che, een Cherokee-Chief, in 1837 getekend door Charles Bird King. In het overzichtswerk History of the Indian Tribes of North America wordt Tah Chee steevast aangeduid met ‘Dutch’. Onduidelijk is waarom.

Maar het was niet alleen door toedoen van de blanken geweest dat de Cherokees hun land verloren en aan de Mississippi de dood voor ogen hadden. Ze hadden het onheil deels over zichzelf afgeroepen. Had een minderheid van hen niet met de regering het Verdrag van New Echota gesloten, waarbij het gehele Chero-kee-gebied voor vijf miljoen dollar overging in handen van de blanken? Het werd op 29 december 1835 on-dertekend en ondanks heftige protesten in mei 1836 van kracht. Het gaf de indianen twee jaar de tijd.
De verdrijving van de Cherokees begon vroeg in de zomer van 1838 onder Jacksons opvolger Martin Van Buren. Die stuurde generaal Winfield Scott met 7.000 soldaten op hen af. Om hun het vluchten te beletten, sloten de soldaten de Cherokees op in ruim dertig overvolle en gebrekkig bevoorrade interneringskampen. Ongeveer 16.000 Cherokees moesten het zuiden verlaten en een 1.500 kilometer lange tocht naar het india-nenterritorium ondernemen. ‘Te voet gaande vrouwen werden door ruwe kerels met de bajonet voortgedre-ven […], het is het krijgsbedrijf in vredestijd,’ schreef baptistenzendeling Evan Jones in juni 1838.
Nadat vier door het leger georganiseerde tochten over het water in chaos eindigden, slaagden de indianen erin de rest van de herhuisvestingsoperatie door hun eigen volksraad te laten regelen. Opperhoofd John Ross kwam met generaal Scott een aantal tochten overeen, die na de zomer hervat en dan over land ondernomen zouden worden.

De oorspronkelijke territoria van de Cherokee Nations. Het begrip ‘grens’ moesten de Europeanen er bij de indianen met geweld inpeperen.

Door het barre weer moest er op een aantal van die tochten steeds weer halt gemaakt worden. Evengoed stonden sommige landeigenaren de indianen niet toe een kamp op te slaan of brandhout te verzamelen. Jesse Bushyhead, een Cherokee-geestelijke die zoals boven beschreven aan een half bevroren Mississippi vast kwam te zitten, bericht dat er daar 82 mensen van zijn groep overleden. In totaal kwamen er bij de deporta-ties minstens 4.000 Cherokees door honger, ziekte of uitputting om het leven – een kwart van allen die moes-ten vertrekken. De overlevenden spraken dan ook al snel van ‘Nunahi-Duna-Dlo-Hilu-I’, de ‘weg der tra-nen’.
Daarnaast wist een aantal Cherokees zich aan deportatie te onttrekken. De bekendste onder hen, Tsali, deed dat met geweld. Hij vluchtte met zijn familie naar de Smoky Mountains, waar de Oconaluftee Cherokees verblijfsrecht hadden. Omdat hij bij zijn ontsnapping twee soldaten gedood had, maakte generaal Scott jacht op hem. Op 30 november 1838 werd Tsali gevangen en gedood, maar door zijn verzet verwierf hij een hel-denstatus.

Chief John Ross leidde decennia de Cherokee. Hij had een Cherokee-moeder en een Schotse vader. Een indiaan, en zeker een chief, gold als model-indiaan als deze zich als Europeaan gedroeg en kleedde.

Veel historici aarzelen niet om de deportaties genocide te noemen. Voor Roxanne Dunbar-Ortiz was het ook geen incident: ‘Het Euro-Amerikaanse kolonialisme had van meet af aan een genocidale inslag,’ schrijft ze in haar boek An Indigenous Peoples‘ History of the United States. Tussen 1830 en 1850 werden er een kleine 100.000 indianen die ten oosten van de Mississippi leefden onder dwang geherhuisvest. Daarbij zouden tus-sen de 14.000 en 23.000 mensen zijn omgekomen.
Hoewel de Cherokees niet de enige gedeporteerde indianen waren, staat hun lot het diepst in het culturele bewustzijn gegrift. Dat komt deels doordat de deportaties in hun geval bijzonder lang en vol geweld en ont-beringen waren, deels door de verhalen en legenden die al snel de ronde deden. Al in 1838 vertelt William Shorey Coodey, de neef van opperhoofd Ross, over het vertrek van zijn groep: ‘Bijna pal westelijk verhief een donkere, spiraalvormige wolk zich met een onheilspellend geruis boven de horizon, een geluid dat mij bijna als een stem voorkwam waarin goddelijke verontwaardiging doorklonk over het onrecht dat mijn arme volk werd aangedaan.’ Over het leed van de vrouwen gaat de legende van de Cherokee Rose. Daarin wordt verteld hoe uit de tranen die de vrouwen geplengd hadden tere, witte rozen opbloeiden, waarna een zee van bloemen de afgelegde weg toedekte.

Bij de ingang van het Cherokee Removal Memorial Park, in de Hiwassee Wildlife Refuge in Meigs County, Tennessee, staat dit bord. Het park ziet uit op Blythe Ferry, waar meer dan 9.000 Cherokee de Tennessee River werden overgejaagd, het begin van de Trail of Tears in 1838. Ethnic cleansing uit hun thuisgronden in Oklahoma.

Tot de dag van vandaag wordt de herinnering in leven gehouden en in 1987 wisten de Cherokees voor twee van de gevolgde routes het predikaat National Historic Trail te verwerven. Hun historisch genootschap ver-zorgt met regelmaat opvoeringen van het toneelstuk Unto These Hills, dat het verhaal van de deportaties na-vertelt. Ook Tsali komt in het stuk voor, als volksheld die zich opoffert zodat enkele Oconaluftee Cherokees in hun geboorteland kunnen blijven. De waarheid is echter dat de Oconaluftee Cherokees van deportatie ver-schoond bleven doordat zij hun land al voor het Verdrag van New Echota gekocht hadden. Aan de kracht van de legende doet dat niet af en die ligt in de aandacht voor een schreeuwend onrecht dat in ernst en om-vang eenmalig is in de geschiedenis van de Verenigde Staten.
Sophia Schülke

De National Historic trails.

Haat als beleid

De zevende president van de VS, Andrew Jackson (1767-1845), draagt bij veel indianen nog altijd de bij-naam ‘de Duivel’. In zijn ambtsperiode werd het veelbesproken maar nooit uitgevoerde deportatiebeleid voortvarend ter hand genomen. Tot 1830 overheersten in de politiek de assimilatiegedachte en het streven de indianen de Europese levenswijze te laten overnemen. Maar in Washington groeide de scepsis hierover. De als indianenhater bekend staande Jackson greep terug op het radicale alternatief en gaf opdracht tot de eerste grootschalige deportaties. In mei 1830 werd de ‘Indian Removal Act’ aangenomen. Naar de letter ging het daarbij om onderhandelingen over de ruil van indianenland in de zuidelijke staten tegen land in de tegen-woordige staat Oklahoma, maar Jackson gebruikte de wet om de indianen bij opgelegd verdrag al hun vruchtbare land af te nemen – ook de zogeheten Vijf Geciviliseerde Stammen van de Cherokees, Chickasaws, Choctaws, Muskogees en Seminoles.

In het Cherokee Indian Reservation, North Carolina, jaren dertig. Postkaart van The Tichnor Brothers Collection Location. (Boston Public Library, Print Department)

Openingsbeeld: De Slag bij New Orleans. Generaal Andrew Jackson vuurt zijn troepen aan. Schilderij van Edward Percy Moran uit 1910. Jackson, bekend als de ‘Old Hickory’, was verantwoordelijk voor de Indian Removal Act uit 1830, die de indianen naar het westen verjoeg. Jackson werd in 1829 president van de Verenigde Staten en geldt als oerbeeld van de cliche-Amerikaan: onbehouwen, ongenuanceerd, ongeremd, vol zelfvertrouwen en eigendunk.

Lees nog veel meer artikelen over het epos van de indianen in de nieuwste G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder