Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Van claren ijse en snee

12 januari 2020 Siebrand Krul

Zodra de eerste sneeuw maar beneden dwarrelt en de grond wit kleurt, zie je ze op de hoeken van de straten verschijnen: sneeuwpoppen. Voor het maken van één sneeuwman zijn tien miljoen vlokken nodig. Maar de sneeuwpop is zoveel meer dan een koude som. Hij vormt een warme herinnering in ons collectieve geheugen, een echo uit vervlogen kinderjaren.

Hoelang we al ons evenbeeld uit sneeuw maken is onmogelijk te zeggen. Het is verleidelijk om onze vroegste voorouders vrolijk bezig te zien met sneeuw. Homo sapiens als homo ludens, de spelende mens. Maar de eerlijkheid gebiedt dat daar geen bewijs voor is. Een sneeuwman laat zich nu eenmaal niet fossieleren en ook grottekeningen getuigen niet van hun vroege bestaan.

De eerste foto van een sneeuwpop is in 1853 gemaakt door een Engelse vrouw, Mary Dillwyn, en laat zien dat de sneeuwman niets is veranderd.

De sneeuwman is blijkbaar zo gewoon dat zelfs Clio hem niet opmerkt. De oudst bekende afbeelding van een sneeuwman is te vinden in een getijdenboek dat omstreeks 1390 in Brussel is gemaakt voor Johanna van Brabant, toen hertogin van Brabant en Limburg. Bij een tekst over de kruisiging van Jezus staat een figuur die waarschijnlijk een sneeuwman voorstelt. Hij zit op een stoel en kijkt benauwd naar het vuur dat hem dreigt te smelten. De hoed van de sneeuwpop wijst op een karikaturale weergave van een Jood, in het christendom lange tijd verantwoordelijk gehouden voor de dood van Jezus. Een spotafbeelding dus.

De oudste afbeelding van een sneeuwman is te vinden de collecties van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag, in een 14de-eeuws Brussels getijdenboek.

Mirakel van Brussel

De bewoners van de Lage Landen hadden iets met sneeuw en ijs. En sneeuw viel er ook meer dan genoeg in de periode tussen 1450 en 1850, de Kleine IJstijd. In de eerste weken van 1511 verschenen in de straten van Brussel overal sneeuwsculpturen, zeker zo’n 110 in getal. Ze maakten op de Brusselaars zoveel indruk dat er werd gesproken van het Mirakel van Brussel. Stadsdichter Jan Smeken schreef een beeldend verslag op rijm: ‘d’Wonder dat in die stat van Bruesel ghemaect was, van claren ijse en snee’. Zeker drie weken lang was het druk in de straten van de stad. Grote drommen mensen vergaapten en vermaakten zich met de sneeuwfiguren. Het waren stuk voor stuk kunstige voorstellingen uit de Bijbel en de Oudheid, maar ook prikkelende zinnenbeelden en spotternijen. Zo was er een soort van manneke pis dat in de mond van een man plaste, een wellustige hoer met welgevormde boezem en een openlijk vrijend stelletje.
Gevaar voor vandalisme was er ook toen al. Het stadsbestuur waarschuwde dat ‘nyemandt egheenen personaigien, die van den sneeuwe gemaect waeren, by daighe noch by nachte en mochten in stucken breken, op de correctie van den heren ende van der stadt’

Het Bloedbad van Fort Schenectade. De twee sneeuwmannen naast de poort spelen in de overlevering een belangrijke rol.

‘Hij vringt, hij plakt, hij kneed’

De sneeuwfeesten bleven in de Zuidelijke Nederlanden lang populair. We kennen ze van Mechelen (1571) en Rijssel (1600). Van Antwerpen is er een uitgebreide beschrijving uit 1772. Daarin een schets van de ontberingen van de sneeuwkunstenaars: ‘men ziet den meester houwen, hij vringt, hij plakt, hij kneed, men ziet hem hevig douwen, niet zonder grote smert, niet zonder grooten rouw, zijn vingers staan als stijf, door ’t nijpen van de kouw’. Maar vrolijkheid had toch wel zwaar de overhand. Een beeld van Bacchus trok in ieder geval veel volk en werkte duidelijk inspirerend op de sinjoren, want er werd volop ‘gesopen’!

Voor een minder feestelijke vermelding van een sneeuwman maken we een oversteek naar Noord-Amerika, naar het Hollandse fort Schenectade in het jaar 1690. De naam is indiaans van oorsprong en betekent ‘achter de dennebomen’. Het fort lag aan de Hudson, ongeveer 250 kilometer ten noorden van het huidige New York. Het werd beschermd met een houten wal. Toch wist een groep Fransen, ondersteund door indianen tijdens een felle sneeuwstorm op 8 februari de vesting binnen te dringen. Zeker zestig bewoners werden afgeslacht en de nederzetting werd tot de grond toe afgebrand. De Hollanders leken volledig verrast. De poort die dicht hoorde te zijn, stond open. Iemand met gevoel voor humor had aan weerskanten van de poort twee sneeuwpoppen als wachtpost neergezet. Achteraf werd gezegd dat de dienstdoende wachters erop rekenden dat de sneeuwmannen eventuele belagers wel zouden afschrikken terwijl zij hun wacht in de warmte van een nabijgelegen taverne uitzaten. Een fabeltje natuurlijk. Maar dat de sneeuwmannen er gestaan hebben en door de Fransen zijn opgemerkt staat vast.
Harry Stalknecht

Openingsbeeld: Koningin Wilhelmina en prinses Juliana met haar hondje als sneeuwpop, Berlijn, 1913. (Fotocollectie Het Leven, Spaarnestad)

Lees het volledige artikel in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder