Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Met de lans omhuld

27 november 2019 Siebrand Krul

‘Gezegend is de man, die in zijn zakken vinden kan, een condoom, hij heeft van druiper of geen pokken last, hoe dikwijls ook de liefde hem verrast.’ Deze (vrij bewerkte) lofzang op het condoom is geschreven omstreeks 1720 en afkomstig uit Condom, a Poem, het enige bekende maar des te opmerkelijker werk van de Brit White Kennett.

Het laat zien dat het condoom in die tijd al volop bekend was. Ze werden gemaakt van dierlijke darmen of vissenblazen en om het mannelijke lid aangebracht. Niet zozeer om zwangerschap te voorkomen (daarover was men nog bar onwetend) maar vooral als bescherming tegen de stoet van geslachtsziekten die altijd op de loer lagen.

Condoom uit 1813, gemaakt van darm met begeleidende handleiding in het Latijn waarin het uitdrukkelijk als bescherming tegen geslachtsziekten wordt aanbevolen.

Deze vorm van bescherming komen we al in de Oudheid tegen. Het woord ‘condoom’ zelf duikt voor het eerst op in een geneeskundige verhandeling over syfilis uit 1717. Deze dodelijke geslachtsziekte was door de conquistadores vanuit Amerika naar Europa gebracht en maakte op het oude continent veel slachtoffers. De Britse arts Daniel Turner, schreef: ‘Het “Condum” is het beste, zo niet het enige preservatief dat onze libertijnen tot op heden hebben gevonden. Maar omdat het het gevoel zo vermindert, heb ik sommigen van hen horen beweren dat ze liever syfilis riskeren, dan een verbintenis aan te gaan cum Hastis sic clypeatis – met de lans aldus omhuld.’

Prent uit een uitgave van Casanova’s autobiografie.

Hele fijne omhulsels of blazen

Het gebruik van het darmcondoom maakte vanaf de 17de eeuw -juist door de syfilis- steeds meer opgang. Het condoom werd met behulp van een koordje op zijn plaats gehouden -tenminste, dat mocht je hopen- en meerdere keren hergebruikt. De verkoop was vooral in handen van vrouwen die hun brood verdienden in de prostitutie. De Utrechtse Augustinus Freschots deed in het begin van de 18de eeuw verslag van het nachtleven in zijn geboortestad ten tijde van de Congres van Utrecht.

Diplomaten uit heel Europa waren samengekomen om een einde te maken aan de Spaanse Successieoorlog, maar hadden intussen ook nog wel tijd voor een verzetje. Freschots noemt in zijn bloemrijke beschrijving ook het condoom: ‘Het bestaat uit een aantal hele fijne omhulsels of blazen, die men om het instrument van plezier wikkelt en die effectiever zijn dan wanneer ze van ijzer waren en het in staat stellen het gevaar te trotseren in de vesting waar het zich verbergt’. Ze konden gekocht worden, zo wist hij, bij een vrouw aan het Begijneplein. Zo nodig legde zij het gebruik ervan aanschouwelijk uit.

Een poster voor condooms van de Sovjet-Russische fabriek ‘Krasniy Resinschik’ (de Rode Rubberman), 1938.

In de 19de eeuw onderging het condoom een belangrijke verbetering. Voortaan werden ze gemaakt door houten of glazen mallen in een rubbervloeistof te dopen en waren ook veel elastischer dan die van darm. Het gebruik van latex zorgde vanaf 1930 voor een nog sterker en comfortabeler condoom.

Onder de toonbank

Vanaf het begin was het voorbehoedsmiddel omstreden. Tegenstanders hielden vol dat de onzedelijkheid erdoor zou toenemen. Vanaf 1900 werd in het kader van wetgeving op de openbare zedelijkheid de verkoop van het condoom langzaam maar zeker in de meeste landen van Europa verboden (Nederland 1911, België 1922). In de jaren zestig groeide de roep om opheffing van dat verbod. Toen in 1969 twee studenten van de katholieke kweekschool in Beverwijk van school werden gestuurd omdat ze condooms bij zich hadden, leidde dat tot bezetting van de school en landelijke ophef. In 1970 werd in Nederland de verkoop van het condoom vrijgegeven, in België drie jaar later. Tot dan was de verkoop iets wat stiekem vanonder de toonbank plaats vond. Vooral vanuit kerkelijke hoek was er nog veel weerstand.

Condoomautomaat in Amsterdam, 1978.

In het Overijsselse stadje Kampen uitte die zich in de commotie rond de voorgenomen plaatsing van een condoomautomaat aan de openbare weg. De christelijke partijen waren faliekant tegen. Maar er waren ook voorstanders, waaronder de burgemeester van de stad, Wiert Berghuis. Hij wees op de risico’s van ‘tienerfeestjes’: ‘Ik zeg u: bescherm de meisjes. De jongens gaan hun gang en lopen daarna weg, maar de meisjes hebben de last te dragen […] Wij moeten rekenen met het veel vrijere sexuele verkeer dan vroeger, hoe men dat ook moet beoordelen. Ik maak geen reclame voor condooms. Ik weet niet eens hoe zo’n ding eruit ziet’. Die laatste ontboezeming bracht een aantal Dolle Mina’s (beweging voor vrouwenemancipatie, HS) naar Kampen waar zij de burgemeester en gemeenteraad een condoom aanboden, keurig verpakt met een roze lintje. De plaatsing van de condoomautomaat werd trouwens door een meerderheid van de raad verworpen. Maar lang heeft dat besluit niet standgehouden.
Harry Stalknecht

Openingsbeeld: Controle op gaatjes in een Britse condoomfabriek omstreeks 1935.

Lees het volledige verhaal in de nieuwste G/GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder