Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Tula’s strijd voor vrijheid

31 mei 2019 Siebrand Krul

Op plantage Knip op Curaçao begint de dag op 17 augustus 1795 zoals gebruikelijk met het luiden van de ‘slavenbel’; het teken om aan het werk te gaan. Maar een groep van ongeveer vijftig slaafgemaakten laat de plantage-eigenaar weten dat ze niet aan het werk gaan. Drijvende kracht achter deze moedige actie is Tula.

Tula is samen met enkele anderen al een tijd bezig met de voorbereidingen. De eigenaar van de plantage, Casper Lodewijk van Uijtrecht, zit met de handen in het haar. Aan de gouverneur van Curaçao schrijft hij: ‘Mijne slaven sijn des morgen gekomen en weijgeren in ’t algemeen dienste te doen wat verder haare intentie is, weet ik niet.’
Maar de geest is uit de fles. Ook op de nabijgelegen suikerplantage Santa Cruz is inmiddels een opstand van de grond gekomen onder leiding van Bastian Carpata. Tula trekt met zijn mensen naar Santa Cruz om zich bij Carpata te voegen. Uiteindelijk bestaat de groep waarschijnlijk uit ongeveer 1.200 mannen.
De volgende dag trekt Tula met zijn volgelingen naar het oosten. Op weg naar Willemstad, de hoofdstad van Curaçao, passeren ze vele plantages. Vaak zijn die verlaten, maar niet altijd; er vinden ook aanvallen en plunderingen plaats, waarbij niet alleen slaafgemaakten bevrijd en wapens buitgemaakt worden, maar ook enkele slachtoffers vallen. Onderweg sluiten steeds meer mannen zich aan bij Tula, die als de leider van de opstand beschouwd wordt.

Eerste pagina van het verslag dat pater Schinck heeft opgesteld van zijn bezoek aan Tula op 19 augustus 1795. (Nationaal Archief, archieven van Curaçao, Bonaire en Aruba, 1707-1828 (1859), 1.05.12.01, inv.nr. 105 folio 769)

‘Wij zoeken onze vrijheid’

De Koloniale Raad doet een poging om de opstand te beteugelen. Aan de ene kant door militairen op strategische posities te manoeuvreren, en aan de andere kant door een bemiddelaar naar Tula te sturen. Pater Jacobus Schinck moet proberen om verder bloedvergieten te voorkomen. Maar hij heeft geen succes; Tula houdt vast aan zijn eis dat de slaven vrijgelaten moeten worden: ‘Wij zijn al te zeer mishandelt, wij zoeken niemand kwaad te doen, maar zoeken onze vrijheid, de fransche negers hebben hunne vrijdom bekoomen, Holland is ingenomen door de franschen, vervolgens moeten wij ook hier vrij zijn’.
Nu besluiten de Nederlanders met geweld in te grijpen. Onder de opstandelingen vallen negen doden en vele anderen raken gewond. Uiteindelijk worden Tula en een aantal van zijn medestanders gevangengenomen en overgebracht naar Fort Amsterdam in Willemstad.

Kaart van het eiland Curaçao, met in de inzet midden boven een plattegrond van het Fort Amsterdam, waar Tula gevangen zat en waar ook zijn gewelddadige verhoren plaatsvonden. (Nationaal Archief, collectie Buitenlandse kaarten Leupe, 4.VEL, inv.nr. 590A)

Verhoor, marteling en straf

Tula weet de martelingen tijdens zijn verhoren erg lang te doorstaan, maar uiteindelijk breekt hij. Onder dwang bekent hij de leider van de slavenopstand te zijn geweest en dat het zijn doel was het Nederlandse bestuur omver te werpen en zelf de leider van Curaçao te worden.
Deze informatie kennen we alleen uit de verslagen van de Nederlandse autoriteiten van Curaçao. Het is dus maar de vraag of Tula ook daadwerkelijk heeft toegegeven dat hij met zijn opstand uiteindelijk de baas van Curaçao wilde worden. De Nederlanders zijn natuurlijk vooral op zoek naar een aanleiding om tot gruwelijke executie van Tula over te gaan. Op die manier willen zij een voorbeeld stellen, om toekomstige opstandelingen al bij voorbaat te ontmoedigen. Daarom bedenken ze voor Tula een zo wreed mogelijke straf: hij wordt eerst geradbraakt, daarna in zijn gezicht geblakerd en vervolgens onthoofd. Zijn hoofd wordt op een paal tentoongesteld met daarnaast een bord: ‘Tula, opperhoofd van de moordenaars, oproerlingen, plunderaars en brandstichters’.
Tula is in 2010 uitgeroepen tot nationale held van Curaçao. Jaarlijks wordt op 17 augustus stilgestaan bij Tula en zijn moed om in opstand te komen.: Dia di lucha pa libertat, ook wel Tula-herdenking genoemd. Ook is op Curaçao een monument opgericht ter nagedachtenis aan Tula’s strijd voor de vrijheid.
Arjan Poelwijk, Nationaal Archief

Educatieve presentatie Wie ben ik, wie was jij?

Het leven van Tula is een van de verhalen die te zien is in de tentoonstelling Wie ben ik, wie was jij? in het Nationaal Archief in Den Haag. In deze educatieve presentatie ervaren bezoekers hoe de tijd, plaats en omstandigheden waarin je geboren wordt invloed hebben op de mogelijkheden en keuzes die je wel of niet hebt.
Gewapend met een zaklamp en een tablet ga je in de tentoonstelling op zoek naar de levensverhalen van historische personen als George Maduro, Aquasie Boachi, Tula, Cornelia van Nijenroode of Aletta Jacobs. Door te chatten met deze mensen kom je er achter voor welke moeilijke keuzes zij in de loop van hun leven komen te staan en met welke belemmering zij worden geconfronteerd. Wat doe je als je als kind wordt weggegeven en opgroeit in een ver land? Wat als je wilt studeren, maar je mag niet omdat je vrouw bent? Heb je iets te kiezen als je in slavernij wordt geboren? Zo kom je er achter dat gelijke behandeling en gelijke rechten niet vanzelfsprekend zijn.

Kijk voor meer informatie over Wie ben ik, wie was jij? op de website van het Nationaal Archief https://www.nationaalarchief.nl/beleven/tentoonstelling/wie-ben-ik-wie-was-jij

Openingsbeeld: Het monument ter nagedachtenis van de slavenopstand van 1795. Op de achtergrond het landhuis Kenepa. (Wiki Commons)

Benieuwd naar het complete artikel? En nog veel meer historische verhalen? Koop de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu in de winkel voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder