Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Castraten: zingende engelen

29 januari 2019 Siebrand Krul

Alessandro Moreschi was de laatste van de castraten. Hoewel paus Pius X in 1903 castraten in kerkkoren verbood, mocht hij nog tot Pasen 1913 zingen in het koor van de Sixtijnse Kapel. Er is door de Engelse Gramophone and Typewriter Company een opname gemaakt die op internet te beluisteren is.

Moreschi was toen zijn glorietijd voorbij en zijn stemgeluid doet denken aan de zang van Meryl Streep in haar glansrol als Florence Foster Jenkins. Maar in zijn hoogtijdagen werd de stem van Alessandro ‘engelachtig’ genoemd. Een ambassadeursvrouw verzuchtte na een optreden dat de zanger een snik legde in iedere toon. Castraten waren vanaf de 17de tot ver in de 19de eeuw een fenomeen, vaak met een ongekende sterrenstatus. Koningen, keizers en pausen wilden de beschikking hebben over een koor met één of meer castraten.
De kerk werkte zich in 1587 in de nesten met het verbod om vrouwen toe te laten in een kerkkoor, verwijzend naar de Bijbeltekst 1 Kor. 14:23: ‘Dat uw vrouwen in de gemeenten zwijgen’. Men onderving het tekort aan sopranen en alten met jongenskoren en Spaanse zangers, die waren getraind in het zingen met een kopstem.

Karikatuur door John Vanderbank van de castraat Francesco Bernardi alias Il Senesino afgebeeld als een reus in een opera van Händel.
De castraat Marc Antonio Pasqualini terwijl hij wordt gekroond door Apollo. Schilderij uit 1641 door Andrea Sacchi. (MET, New York)

Doorgeknipt en afgebonden

Telkens weer werd het betreurd dat prachtige jongensstemmen verloren gingen zodra de baard in de keel kwam. Het was bekend dat castratie een rigoureuze oplossing was om de stem te behouden, maar daarop stonden strenge straffen. Niettemin namen ‘artsen’ het risico van de operatie, want met een castraat met een mooie stem was veel geld te verdienen. Er waren artsen die kennis van castraties hadden omdat de operatie werd toegepast om hernia of waanzin te bestrijden. Kwakzalvers die rondtrokken om varkens en stieren te besnijden bekwaamden zich soms ook in het castreren van jongens tussen de zeven en twaalf jaar. De knaap werd met het onderlichaam in een melkbad gezet en daarna in koud water gestopt om het bloeden zoveel mogelijk te stelpen. De verdoving bestond uit het toedienen van opium en het dichtduwen van de halsslagader totdat de patiënt flauw viel. Een knecht hield het slachtoffer stevig vast. Er werd een snede in de lies gemaakt, waardoor de testikels naar buiten werden getrokken en verwijderd. De zaadstreng werd doorgeknipt en afgebonden. Als de jongen geluk had, overleefde hij de operatie en begon aan een zangcarrière.

Alessandro Moreschi, de laatste castraat in het koor van de Sixtijnse kapel.
Portret van de beroemde castraat Farinelli, geschilderd circa 1750. (Real Academia de Belles Artes, San Francisco)
Koorknapen op een schilderij van José Callegos y Arnosa. (Carmen Thyssen Museum, Malaga)

Vertroeteld als renpaarden

De ingreep had allerlei fysieke veranderingen tot gevolg door het ontbreken van testosteron. De jongens hadden geen adamsappel, kregen geen baardgroei maar hadden wel veel hoofdhaar. Soms hadden ze nogal ronde vormen en de neiging om dik te worden. Door de verminderde werking van de hypofyse groeiden de botten door met als gevolg dat castraten vaak uitzonderlijk lang waren. Lange en zware castraten die meisjesrollen vervulden, maakten een vreemde indruk en werden dan ook bespottelijk gemaakt op allerlei prenten.
De castraten waren kostbaar en werden vertroeteld als renpaarden. Dat wil niet zeggen dat ze een makkelijk leventje leidden. De conservatoria in Napels bijvoorbeeld, ontstaan uit middeleeuwse weeshuizen, waren gespecialiseerd in gedegen muzikale opleidingen. Er werd zangles gegeven waarbij de leerlingen voor een spiegel oefenden om hun mimiek te leren beheersen. De stembanden werden getraind, de ademhaling geoefend. Het gevolg was dat volwassen castraten beschikten over een sterk geluid, terwijl zij een toon eindeloos lang konden aanhouden, tot verbazing van het publiek. Verder werd er onderricht gegeven in de compositieleer, het bespelen van één of meer instrumenten en het beheersen van een uitbundige mimiek, die vooral van belang was toen in het begin van de 17de eeuw de opera ontstond. Er bestond al de gewoonte om na de kerkdienst zangstukken op te voeren met als onderwerp Bijbelse verhalen of heiligenlevens.

Anoniem portret van een castraat, waarschijnlijk Adamo Solzi. (Sotheby’s)

Goed betalende Engelsen

Omstreeks 1590 kwam de Camerata Florentina, een gezelschap van musici en geleerden in Florence, op het idee om de klassieke Griekse drama’s als zangstukken op te voeren. De opera was geboren en castraten werden benaderd om behalve in de kerk ook in theaters op te treden. ‘Talentscouts’ trokken door Europa op zoek naar goede stemmen. Vooral de Engelsen betaalden goed. De Duitse muziekkenner Johann Mattheson schreef: ‘De Italianen verheerlijken muziek, de Fransen verlevendigen muziek, de Duitsers verheffen muziek, maar de Engelsen betalen voor muziek. Zangers lieten zich graag overhalen om naar Engeland te komen en daarbij mochten de als curiositeit geziene castraten niet ontbreken. Carlo Broschi, die bekend werd onder zijn artiestennaam Farinelli, ontving zelfs een gage van 5.000 pond per jaar. Bij een optreden raakte een dame in een loge zo in vervoering dat zij uitschreeuwde: ‘One God, one Farinelli’.

Thomas Gainsborough schilderde omstreeks 1773 dit portret van de castraat Giusto Ferdinando Tenducci. (Barber Institute of Fine Arts, Birmingham)
Zingende koorknapen geschilderd door Antonio Rivas (1845-1911). (Veiling 1fstdibs)

‘Kanonnen zonder kogels’

Samuel Pepys had zo zijn bedenkingen over de castraten die hij eunuchs noemde, kanonnen zonder kogels, die zich vooral concentreerden op muzikale hoogstandjes maar slecht bij tekst waren. Hij zag liever een aantrekkelijke sopraan. Farinelli liet na drie jaar Engeland in de steek en reisde naar Frankrijk voor een optreden voor Lodewijk XV, daarna belandde hij aan het hof van de sombere Philips V. Iedere avond zong hij voor de koning, en zoals de Bijbelse koning Saul werd opgevrolijkt door het harpspel van de jonge David, verlichtte Farinelli dagelijks de depressies van de Spaanse koning.
Er zijn boeken vol geschreven over de wonderlijke levens van castraten die een sterrenstatus bereikten. Over de ongelukkige levens van castraten die niet over een uitzonderlijke stem beschikten is weinig bekend.
(Ruud Spruit)

Op 2 februari 2019 overleed de auteur van dit artikel, Ruud Spruit, tamelijk onverwacht, op 77-jarige leeftijd. Ruud maakte vele spraakmakende artikelen voor G-Geschiedenis. Lees het bericht over zijn overlijden van 5 februari 2019.

Openingsbeeld: Koorknapen krijgen les, geschilderd door José Gallegos y Arnosa (1857-1917). (Pinterest)

Lees het volledige artikel in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder