Stelling

Alle mondiale problemen hebben één oorzaak: er zijn teveel mensen

Stem

Agenda

Oorlogsgetuigen
De Tachtigjarige Oorlog leeft vooral voort als de moedige opstand van de nietige Lage Landen tegen het oppermachtige en brute Spanje. De werkelijkheid was complexer. Sociale ongelijkheid, godsdiensttwisten, verstedelijking en verburgerlijking zijn maar een paar ingrediënten van het verhaal, dat ooit begon als een schreeuw om meer individuele vrijheid. 80 jaar oorlog in het Rijksmuseum in Amsterdam wil het hele verhaal vertellen.
Anonieme Richter
Gerhard Richter, een grote Duitse kunstenaar, inspireerde filmmaker Florian Henckel von Donnersmarck (‘Das Leben der Anderen’) voor de film ‘Werk ohne Autor’, dat een beklemmend beeld schetst van Duitsland in en na de Tweede Wereldoorlog. Ook geeft de film een goed overzicht van de verschillende kunststromingen in de vorige eeuw.
Koloniaal museum Tervuren
Eind vorig jaar heropende het Afrikamuseum in Tervuren. Al ver voor daarvoor daverde het in de media over de manier waarop het museum, quasi-modern Africamuseum genaamd, het koloniale verleden zou presenteren. Zoals de stichter, Leopold II, bedoeld had? Of met uitleg over de zwarte kanten van het verleden, ongeacht het koninklijk tintje?

Marx’ mecenas: Friedrich Engels

09 januari 2019 Siebrand Krul

Zonder hem was het marxisme nooit geworden wat het nu is. Wel jammer dat hij de armlastige Marx finan-cieel bijstond met geld dat hij over de ruggen van de arbeiders verdiende. Hun eerste ontmoeting, in novem-ber 1842 in Keulen, voorspelde al weinig goeds. Karl Marx, redacteur bij de Rheinische Zeitung, wilde zo gauw mogelijk van zijn bezoeker af. Het zou kunnen dat hij die als concurrent beschouwde.

Per slot van rekening had Friedrich Engels al een aantal sociaalkritische stukken voor het blad geschreven en bekendheid verworven met zijn scherpe pen. En nu was hij op weg naar het Engelse Manchester, om in de katoenspinnerij van zijn vader zijn handelsopleiding voort te zetten. Graag had hij daar als correspondent van de Rheinische Zeitung over de Engelse arbeidersbeweging bericht, maar Marx had er geen oren naar.
Het was hoogst ongebruikelijk dat een fabrikantenzoon serieuze belangstelling toonde voor de situatie van de arbeiders. Friedrich Engels, geboren op 28 november 1820 in Barmen (later opgegaan in Wuppertal), was toch echt voorbestemd om in de voetsporen van zijn vader te treden. En die dacht precies te weten hoe hij de jongen van al die sociaal bevlogen gekkigheid kon verlossen. Hij haalde hem een jaar voor het eindexamen van school en deed hem in 1838 bij een koopman in Bremen in de leer. Maar de oude heer had er niet opgerekend dat de jongeling zich ver van huis des te vrijer zou ontwikkelen. Friedrich Engels begon te schrijven en publiceerde in 1839 onder pseudoniem de Brieven uit het Wupperdal, waarin hij de armoede van de arbeiders beschreef, die hem van kindsbeen af vertrouwd was. Waar hij zich het meest aan stoorde, was de ongerijmdheid tussen de streng piëtistische vroomheid van zijn familie en de kennelijke vanzelfsprekendheid van de uitbuiting in de textielfabriek, waar ook kinderen zich in het zweet werkten. Toen al begon En-gels aan het christendom te twijfelen.

Friedrich Engels in 1856. Foto door George Lester.

Naar Manchester

Engels hield lang de façade van gehoorzaam zoon in stand, maar na zijn leertijd meldde hij zich in Berlijn tegen de wil van de zijn vader vrijwillig voor het leger. Zijn ware doel was echter het volgen van colleges aan de universiteit daar. Hij sloot zich aan bij de Jong-Hegelianen en verkeerde nu in dezelfde kringen als Karl Marx, voordat die een baan als redacteur in Keulen aannam. Toen Engels terugkeerde naar Barmen, had hij zich van het christendom afgekeerd en was hij ervan overtuigd dat de mens zijn lot in eigen hand kon nemen. Dit zou de voornaamste stimulans vormen voor zijn toenadering tot het communisme.
Voorlopig echter zocht hij zijn broodwinning nog in de handel. Toen zijn vader hem in 1842 naar Manchester stuurde, leerde hij de nare trekken van het kapitalisme kennen, waar Manchester berucht om was: een schemerrijk van rook, uitgebraakt door reusachtige fabrieken, neerdalend op overvolle krottenwijken, een oord van ziekte en wanhoop. Hoe konden de arbeiders zich uit deze ellende bevrijden? Het antwoord op die vraag verwachtte hij van de visionair die hij al jaren ten zeerste bewonderde, ook al had die hem hij de Rheinische Zeitung de deur gewezen: Karl Marx.

Meetings

De Rheinische Zeitung.

Op zijn terugreis naar Duitsland in 1844 maakte hij dus een tussenstop in Parijs, waar Marx inmiddels woonde. Dit keer verliep de ontmoeting een stuk gemoedelijker. Nadat beide heren het een paar avonden op een drinken gezet hadden, konden ze het uitstekend met elkaar vinden en voelden ze dat ze elkaar aanvulden. Een levenslange vriendschap had z’n beslag gekregen.
De familie in Barmen merkte meteen dat het verblijf in Engeland de mid-twintiger veranderd had. Hij werkte zonder veel enthousiasme op kantoor. Wat hij met overgave deed, was uitgebreid corresponderen met Marx. Verder nam hij deel aan de eerste communistisch geaarde meeting in Wuppertal. Zijn ervaringen in Manchester verwerkte hij in de verhandeling De situatie van de arbeidende klasse in Engeland van 1845 – een scherpe veroordeling van het kapitalistische systeem, die tot een breuk met zijn vader leidde.
Engels’ geschrift over het Manchester-kapitalisme zou weinig overtuigend uitgevallen zijn, als hij niet over een informante beschikt had, die hem in het arbeidersmilieu introduceerde en deuren voor hem opende die anders gesloten waren gebleven. Zij heette Mary Burns, was een Ierse fabrieksarbeidster en werd de levensgezellin van Engels.

Avontuurtjes

Het Marx-Engelsmonument in Berlijn-Mitte.

Die nam het met de huwelijkse trouw echter niet zo nauw. Waar Marx zich erop voorstond een voorbeeldig huisvader te zijn, gaf Engels openlijk toe aan zijn driften. ‘Van Engels ,’ schrijft de Engelse historicus Gareth Stedman Jones in zijn Marx-biografie van 2017, ‘kun je niet anders zeggen dan dat hij een ongemakkelijke mengeling te zien geeft van een aan onderworpenheid grenzend plichtsbewustzijn tegenover Karl als zijn politieke mentor en een dubieuze zoektocht naar seksuele avontuurtjes met prostituees en fabrieksarbeid-sters.’ Engels’ vrienden fronsten de wenkbrauwen, zeker Karl en Jenny Marx, die overigens ook de liaison met de proletarische Mary Burns afkeurden.
Maar ondanks al die promiscuïteit was zorgzaamheid wel degelijk een wezenlijke karaktertrek van Engels. Dat gold voor Mary, maar bovenal voor Karl Marx, die sinds zijn verhuizing naar Londen alle moeite had zijn gezin te onderhouden. Voor zijn vriend gaf Engels zijn eigen ambities eraan: hij verzoende zich met zijn vader en keerde in 1850 terug op het kantoor van Ermen & Engels in Manchester, om in Marx’ onderhoud te voorzien en die vrij te houden voor zijn levenstaak: de wetenschappelijk analyse van het kapitalisme. Engels stelde zich uit vrije wil in dienst van de man die hij als zijn meerdere beschouwde.

Uit het familiebedrijf

Engels op een vijftig mark-biljet van de DDR.

Bijna twintig jaar lang leidde Engels een dubbelleven, presenteerde zich aan de buitenwereld als ambitieuze zakenman, terwijl hij samen met Marx de wereldrevolutie voorbereidde. In beide levenssferen bewoog hij zich met volstrekte vanzelfsprekendheid. Zo kon hij, op en top de gentleman, oprecht genieten van een vos-senjacht of champagnebuffet. Wat hem wel dwarszat, was het feit dat zijn inkomen rechtstreeks uit de uit-buiting van het proletariaat in Manchester voortkwam. Maar dan hield hij zichzelf maar voor dat hij anders niet in staat geweest zou zijn om Marx en diens baanbrekende werk te financieren.
In 1869 kon hij dankzij het van zijn vader geërfde aandeel uit het familiebedrijf stappen. Eindelijk had hij de handen vrij om naar Londen te verhuizen en zijn vriend bij te staan. Hij slaagde er niet alleen in om Marx’ deels warrige gedachtegangen helder te structureren en begrijpelijk te verwoorden, maar beschikte ook over de nodige praktijkervaring, waar het de theoreticus Marx ten enenmale aan ontbrak. Daarnaast publiceerde hij artikelen onder de naam van Marx – om het honorarium af te dragen aan zijn vriend.

Mary Burns

Mary Burns, Engels grote liefde.

Engels’ opofferingsgezindheid ging zelfs zo ver dat hij het zich tot kort voor zijn dood liet aanleunen de vader te zijn van het kind dat Marx bij diens huishoudster verwekt had. Des te groter was Engels’ teleurstelling geweest toen Marx met weinig begrip reageerde op de plotselinge dood van Mary Burns in 1863: in zijn antwoord aan Engels schreef hij vooral over eigen ongerief, zoals zijn huurachterstand en kwaaltjes. De rou-wende Engels was diep gekrenkt. ‘Al mijn vrienden,’ schreef hij Marx, ‘al mijn kleinburgerlijke kennissen, hebben mij bij deze gelegenheid, die mij waarlijk genoeg heeft aangegrepen, meer medeleven en vriendschap getoond dan ik durfde hopen.’ Het door Marx gevraagde geld kon hij, zo vervolgde hij, zo gauw niet op-scharrelen.
Een tijd lang was het contact tussen de twee onderbroken, zodat Marx zich genoodzaakt zag z’n excuses aan te bieden. Natuurlijk werden die door Engels aanvaard: ‘Ik ben blij dat ik niet tegelijk met Mary mijn oudste en beste vriend verloren heb.’

Geen bedevaartsoord

Friedrich Engels in 1888. Foto door William Debenham.

Engels verwerkte uiteindelijk Mary’s dood. In de herfst van het jaar daarop werd haar zuster Lizzy zijn geliefde. Ook tegenover haar betoonde hij zich een zorgzame metgezel. Hij was zelfs bereid zijn principes overboord te zetten. Toen de katholieke Lizzy in september 1878 op sterven lag en hem bekende als ge-trouwde vrouw voor haar God te willen verschijnen, aarzelde hij geen moment: hij haalde de pastoor van de dichtstbijzijnde kerk naar het sterfbed en liet het huwelijk voltrekken.
Friedrich Engels heeft menig vriend overleefd. Hij overleed op 5 augustus 1895, na zich lange tijd aan de nalatenschap van Marx gewijd en de twee laatste delen van Het Kapitaal uitgegeven te hebben. In overeen-stemming met zijn laatste wil werd zijn lichaam verbrand en de urn in zee geworpen. Engels wilde voorkomen dat zijn graf een communistisch bedevaartsoord werd en zo ook maar iets afdeed aan de roem van zijn beste vriend.
(Karin Feuerstein-Prasser)

Openingsbeeld: Friedrich Engels (vierde van links) in het Gasthof zum Löwen in Bendlikon bij Zürich in 1893, samen met de familie Bebel en andere prominenten uit de sociaaldemocratische beweging in Duitsland. Van links naar rechts: dr. Simon (schoonzoon van August Bebel), Frieda Simon-Bebel, Clara Zetkin, Friedrich Engels, Julie Bebel, August Bebel, Ernst Schattner,[53] Regine Bernstein, Eduard Bernstein (deels).

Lees nog veel meer over Karl Marx in zijn 200ste geboortejaar in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Friet voor de vogels

Terwijl ik dit boek in de tuin lees, hoor ik een groene halsbandparkiet. Kleurrijk voorbeeld van een stadsexoot, die zich, komend uit tropische bosgebieden, perfect heeft aangepast aan het koelere Europese stadsleven (in De Brusselse Neckstraat slapen er ’s avonds 4.000).

Lees verder

Kroniek

Ivanhoe

Tweehonderd jaar geleden, in 1819, creëerde Walter Scott een geheel nieuw literair genre, de historische roman. Met in de hoofdrol de held Ivanhoe. Hierna verschenen 'De Leeuw van Vlaanderen' van Hendrik Conscience, 'De drie musketiers' en 'Robin Hood'. Walter Scott verzon een figuur in een historische werkelijkheid. Zeker in de 19de eeuw speelde nationalistische elementen een belangrijke rol. Bij Ivanhoe zijn de Saksen de goeden, de (Franse) Normandiërs de kwaaierikken.

Lees verder

Heilige van de week

Rachel

15 januari(† ca. 1600 voor Chr.) Deze naam betekent in het Hebreeuws schaap. Rachel wordt genoemd in het Oude Testament. Op een dag komt er een jongen, Jakob, naar het dorp waar Rachel woont. Hij is verliefd op haar en wil met haar trouwen. Haar vader Laban wil dat Jakob eerst zeven jaar zijn kudde schapen hoedt. Jakob stemt toe.

Lees verder