Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Karl Marx’ jeugdjaren

17 december 2018 Siebrand Krul

Terwijl Europa probeert revoluties en opstanden ongedaan te maken, leeft het liberale gedachtegoed voort. Ook ten huize van de familie Marx in Trier. In zijn jeugdjaren is Karl zoon is, broer, scholier, vriend, een kind van Trier, van Pruisen, nazaat van Joodse voorouders. Rollen die zijn verdere leven zullen bepalen.

Thuis is ‘Moor’ zijn roepnaam, wellicht vanwege zijn donkere huidskleur. Voor ‘Moor’ zelf en voor zijn ouders staat al vroeg vast dat bijzondere geestesvermogens zich in huize Marx aandienen. Krachten die de wereld zowel betoveren als onttoveren zullen, met en zonder spoken. Zijn ouders zien in hem een ‘gelukskind’ met ‘intellectuele capaciteiten’. Gaat Karl daarvan naast zijn schoenen lopen? Komt daar het ambitieuze, egoïstische, ijdele karakter vandaan dat zijn criticasters hem toedichten? Zijn dochter Eleanor citeert later haar tante, die Karl een ‘vreselijke tiran’ noemt.

Karl Marx als student. Tekening van Hellmut Bach uit 1953, naar een tekening van David Levy Elkan.

Voor het welzijn van de mensheid

De jongen schrijft voor zijn eindexamen in een opstel over zijn beroepskeuze: ‘Maar wie de furie van de eerzucht in haar ban krijgt, is door zijn verstand niet meer te beteugelen en stormt naar waar haar roep weer-klinkt: hij kiest niet zijn toekomstige maatschappelijke positie, maar geeft zich over aan toeval en schijn.’ Voor de jonge Marx heeft het leven een duidelijke zin: ‘De ware leidsvrouwe bij onze beroepskeuze dient echter het welzijn der mensheid, onze eigen vervolmaking te zijn,’ want, zo vervolgt hij, ‘dan ervaren we geen arme, benauwde, kleinzielige vreugde, maar een geluk dat miljoenen toebehoort. Onze daden leven stil, maar eeuwig bezielend voort en op onze as storten edele mensen hun hete tranen.’ Nee, aan retorische vermogens zal het aankomende student niet ontbreken …

Marx’ leraar op het gymnasium, Johannes Steininger.

Papengang

Het leven van de baardeloze Marx begint op 5 mei 1818. In Trier hebben de Pruisen het voor het zeggen, zij het nog niet zo lang. De stad en het keurvorstendom waar het de hoofdstad van geweest was, maken na het Napoleontische interregnum en de Bevrijdingsoorlogen verwarrende tijden door. De burgers zoeken houvast en hopen op bepaalde vrijheden – zowel voor zichzelf, als voor de nieuwe, Duitse natie. De Franse Revolutie had de roep om gelijkheid over de Rijn gedragen. Op 9 augustus 1794 bezetten Franse troepen Trier. Later haalde Napoleon flink de bezem door de ‘Papengang’, zoals de strook Duitsland op de linker Rijnoever met zijn vele bisdommen genoemd werd. Daarna werkte zijn ‘Code Civil’ nog door. Dat kon ook het reactionaire Weense Congres niet meer ongedaan maken. Toch liet de zogeheten Restauratie, het herstel van het absolutisme, diepe sporen in Europa na. De Duitse vorsten reageerden met vervolging, censuur en decreten op het vrijheidsfeest van 1817 op de Wartburg. Het liberale Trier leed, de economie, waarin wijn- en bosbouw de toon aangaven, leed en de grote Joodse gemeenschap leed.

Marx’ geboortehuis in Trier, nu een museum.

Schandelijke decreet

Daartoe behoorde ook de familie Marx. De rabbijn Meier Halevi Marx, Karls grootvader, verhuisde in 1788 van Saarlouis naar Trier. Aanvankelijk bracht de Franse bezetter ondanks anti-Joodse sentimenten in de stad verbetering in het lot van de Joden, natuurlijk met de bijgedachte deze bevolkingsgroep zo beter te assimileren. Napoleon zelf stond vijandig tegenover de Joden, wat hem tot tegenstrijdige maatregelen verleidde. Zo vergrootten zijn decreten eerst de beroepsmogelijkheden van de Joden, die zich tot dan grotendeels tot de handel en het bankwezen hadden moeten beperken. Maar daar liet hij dan in 1808 op volgen wat zijn ‘schandelijke decreet’ zou gaan heten: een hernieuwde inperking van de beroepsmogelijkheden én de burger-rechten van Joden.
Karls vader Heinrich heette ooit Heschel. In 1814 trouwde hij met Henriëtte, een Jodin die eveneens uit een rabbijnenfamilie stamde. Ze kwam uit Nijmegen en bleef haar hele leven slecht Duits spreken. Heinrich was werkzaam als advocaat. Hij was succesvol en stond in aanzien. In 1831 schopte hij het tot raadsheer, maar alleen doordat hij jaren eerder een belangrijke beslissing voor zichzelf en zijn gezin genomen had: in 1819 bekeerde hij zich tot het protestantisme. De doopakte was niets minder dan een beroepsvergunning en open-de deuren die voor gelovige Joden gesloten waren. Eens te meer nu de Pruisen aan de macht waren en de rechten van de Joden verder inperkten. De overige gezinsleden hadden Heinrichs volstrekt pragmatische besluit te volgen en in 1824 werden de kinderen gedoopt (Karl was toen zes jaar), een jaar later, in 1825, moeder Henriëtte, die beducht geweest zal zijn voor de reactie van haar familie.

Bedevaart naar Trier (1844): de streek was aartskatholiek. Toen de Marxen tot het protestantisme overgingen, behoorden ze dus nog steeds tot een minderheid. Voor Marx-biograaf Rolf Hosfeld een ‘bescheiden teken van geestesvrijheid’.

Op zwart zaad

Het echtpaar kreeg negen kinderen, van wie er slechts vier het 26ste levensjaar bereikten. Onder hen dus Karl, die in zijn brieven geen blijk geeft van bijzonder warme gevoelens voor zijn moeder. Daarvoor vond de steeds op zwart zaad zittende Karl haar simpelweg te gierig. Of vond hij haar maar een simpele ziel en een lastige kloek? Overbezorgd om haar kinderen was ze zeker. Keer op keer informeerde ze naar Karls gezond-heid. Henriëtte Marx overleed op 30 maart 1863, haar man al op 10 mei 1838, toen Karl nog maar twintig jaar oud was.
Karl schijnt tot aan zijn dood een afbeelding van zijn vader Heinrich bij zich gedragen te hebben, ook al had deze zijn eigenzinnige telg herhaaldelijk een reprimande gegeven. Maar moet een kind niet juist tegen zijn ouders in opstand komen? En eens te meer als dat kind zich opmaakt om het tegen de hele wereld op te nemen en een revolutie te ontketenen? Anderzijds: de basis voor Karls gedachtegoed werd duidelijk gelegd door zijn vader en diens kring.

Het oude Joodse kerkhof van Trier.

Onder politietoezicht

Heinrich Marx is een vrijdenker. Geen oproerkraaier, maar een kind van de Verlichting, dat droomt van een parlementair stelsel. Zonder militarisme, terrorisme en fanatisme. Als lid van het Trierse Casinogenootschap verkeert hij in het gezelschap van mensen als schooldirecteur Johann Hugo Wyttenbach en de hoge Pruisi-sche ambtenaar Ludwig von Westphalen, die beiden ook in Karls leven een voorname rol spelen. Op een van hun bijeenkomsten, in januari 1834, laten de aanwezigen zich ertoe verleiden de Marseillaise te zingen. Heinrich Marx is op dat feest aanwezig, maar verlaat de zaal voor die in gezang uitbarst. Zijn aanwezigheid, plus de gloedvolle toespraak waarop hij de Trierse afgevaardigden in het Pruisische parlement onthaalt, volstaan echter om Marx cum suis onder politietoezicht te stellen. Wyttenbach moet zelfs een codirecteur naast zich dulden die over zijn handelen verslag uitbrengt.
De filosofische overpeinzingen waar de jonge Karl Marx zich in genoemd opstel aan overgeeft, stammen regelrecht van de vrijdenker Wyttenbach. Van evenveel gewicht is de invloed van Regierungsrat Von West-phalen. Marx draagt later zijn proefschrift op aan deze man, die in hem de passie voor de literatuur en met name Shakespeare gewekt heeft. Daarnaast is Von Westphalen de vader van Karls schoolvriend Edgar en diens oudere zus Jenny, met wie Karl al vader en moedertje speelde en later ook zal trouwen.

Karl Marx in 1875. Foto John Mayall.

Het gist

Marx groeit dus op in een omgeving vol liberale, maar onder verdenking staande gedachten. De hoop die zijn vader tijdens de Bevrijdingsoorlogen koesterde kent hij niet – alleen repressie en ongelijkheid. Frans? Prui-sisch? Habsburgs? Waar hoor ik thuis? Hoe ziet mijn toekomst eruit? Om over de technische vooruitgang maar te zwijgen: wat brengen al die veranderingen in bedrijvigheid en handel? Waartoe leidt de industrialise-ring?
In 1830 maakt Frankrijk de Julirevolutie door. Opstanden in België en Polen volgen. Een gistingsproces met hoogst ongewisse uitkomst zet in, een onbekende toekomst probeert gestalte aan te nemen – ideale omstan-digheden voor wie op zoek is naar een passende rol op het wereldtoneel. Een onverschrokken onderzoeken-de geest en passie lijken tot de voornaamste eigenschappen te zijn geworden waar een wereldverbeteraar over dient te beschikken. Karl Marx heeft beide – met en zonder baard.
(Janina Lingenberg)

Openingsbeeld: Trier omstreeks 1900. Op deze foto van rond 1890 oogt de stad aan de Moezel wat slaperig, maar Marx’ geboorteplaats had wel degelijk deel aan de wereldgeschiedenis. Toen de stad aan het eind van de Franse heerschappij in Pruisische handen overging, vervloog de hoop van het liberale volksdeel.

Lees nog veel meer over Karl Marx in zijn 200ste geboortejaar in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder