Stelling

Bibliotheken moeten sneller en radicaler moderniseren

Stem

Agenda

Van Croÿ tot Arenberg
Een van de favoriete verblijfplaatsen van de familie Arenberg was het kasteel in Heverlee, bij Leuven. Tot begin 17de eeuw was het in het bezit van een andere adellijke familie, de Croÿs. Het was Willem van Croÿ die de oude burcht langs de Dijle liet ombouwen tot een kasteel dat gezien wordt als hét voorbeeld van de Vlaamse Renaissance. Het kasteel op 'de manier van Brabant' gebouwd kreeg zelfs navolging buiten de Lage Landen.
Achter de muur
De multimediale tentoonstelling The Pink Floyd Exhibition: Their Mortal Remains biedt een bijzondere inkijk in het gesloten pantheon der rocksterren. Drummer Nick Mason bij de presentatie in Dortmund: ‘This band was famous for not getting on, this exibition is about collaboration.’

Val van Granada

04 december 2018 Siebrand Krul

Op maandag 2 januari 1492 viel het doek over bijna acht eeuwen Moorse aanwezigheid op het Iberische schiereiland. Vergezeld van het puikje van de Castiliaanse adel, de voornaamste bisschoppen en abten van het land en de belangrijkste raadgevers van het hof reden koningin Isabella van Castilië en koning Ferdinand van Aragon te paard Granada binnen.

Bij het Alhambra werden ze opgewacht door emir Boabdil, met de sleutels van de stad in zijn hand. Boabdil wilde van zijn paard afstijgen om de hand van de koning te kussen, maar Ferdinand stond dat niet toe. Omdat deze hem ook geen hand wilde geven, kuste de Moorse koning zijn arm. Met deze gebeurtenis werd een langdurig en voor de Europese geschiedenis belangrijk proces afgesloten: de Reconquista. Maar het was óók een beginpunt van een voor de wereldgeschiedenis veel ingrijpender proces: de ontdekking en kolonisatie van de Nieuwe Wereld.

 

Fransisco Pradilla Y Ortiz, Rendición de Granada (1882). Een gedramatiseerde weergave van het moment waarop emir Boabdil de sleutels van Granada aan het Spaanse koningspaar wil overhandigen. Dit immense schilderij (330 bij 550 cm) maakt deel uit van de collectie van Palacio del Senado in Madrid.

 

Eenwording Spanje

Aan het begin van de tweede helft van de 15de eeuw zag het er niet naar uit dat er zo snel zulke successen geboekt zouden worden. Castilië leek wel een anarchie. Lokale en regionale edelen hadden het heft in eigen hand genomen en het land was veranderd in een vrijplaats voor roversbenden. Tegen deze achtergrond werd in 1469 een van de beroemdste huwelijken uit de wereldgeschiedenis voltrokken: de twee erfgenamen van de koninkrijken Castilië en Aragon – op dat moment nog aartsrivalen – gaven de voorkeur aan de trouwring boven de strijdbijl. Met dit huwelijk werd de basis gelegd voor de eenwording van het moderne Spanje. Nadat zij heerser in hun gebied werden – Isabella van Castilië besteeg de troon in 1474 en Ferdinand van Aragon in 1479 – werkten zij met grote voortvarendheid aan de opbouw van een monarchie met absolutistische trekjes. Een belangrijke zet in het lastige schaakspel om de machtspositie van de adel aan banden te leggen, was de vorming van een plattelandspolitie (de hermandades). Minstens zo belangrijk was de oprichting van een algemene, voor heel Spanje geldende inquisitie. Hiermee werd de onafhankelijke positie van de hoge geestelijkheid (en daarmee de zeggenschap van ‘Rome’) sterk ingeperkt.

 

Panoramafoto van het Alhambra, met op de achtergrond de toppen van de Sierra Nevada.

 

Laatste islamitische bolwerk

Nadat deze cruciale stappen op het gebied van centralisatie en staatsvorming waren gezet, richtte het koningspaar de blik naar het zuiden van het schiereiland. Hier wachtte de reconquista nog op voltooiing. Vijf eeuwen eerder was al een begin gemaakt met de strijd tegen het door de Omajjaden gevormde kalifaat Córdoba. Aan het eind van de 15de eeuw was slechts het emiraat Granada nog over.
In 1482 begon de oorlog tegen dit laatste islamitische bolwerk op het Iberisch Schiereiland. In dat jaar ondertekende paus Sixtus IV – zijn naam leeft nog voort in de naar hem vernoemde Sixtijnse kapel – een bul waarin de oorlog tegen Granada het predicaat ‘kruistocht’ verleend werd. Daarnaast verklaarde hij zich bereid deze strijd van ‘het kruis’ tegen ‘de halve maan’ financieel te ondersteunen. Als toegift stelde hij aan de deelnemers ook nog een flink aantal aflaten in het vooruitzicht. Ridders uit Engeland en Frankrijk, uit Vlaanderen en buurland Portugal sloten zich bij de legers van Ferdinand en Isabella aan om eendrachtig deze laatste kruistocht tot een goed einde te brengen. De emir van Granada moest het nagenoeg zonder hulp van buitenaf tegen de christelijke overmacht opnemen. De hem toegezegde hulp door de Noord-Afrikaanse emirs en de sultan van Egypte kon in Andalusië niet aan land komen omdat de Aragonese vloot dit op bekwame wijze wist te beletten.

 

Fransisco Pradilla Y Ortiz, El suspiro del moro (1879/1892). De plek waar Boabdil nog een laatste blik kon werpen op de stad die hij op 2 januari 1492 moest verlaten, staat bekend als ‘de laatste zucht der Moren’. (Part. Collectie)

 

Symbolische overwinning

De aanleiding voor de oorlog vormde de weigering van Granada om nog langer de heffingen aan de Spaanse schatkist te voldoen. Toen de Moren de christelijke grensplaats Zahara bezetten, kwam er per omgaande antwoord van Ferdinand en Isabella. Zij belegerden met ruim tweeduizend ruiters en drieduizend voetsoldaten de westelijke grensplaats Alhama. In korte tijd viel deze stad in christelijke handen. Deze overwinning had vooral een grote symbolische betekenis: voor het eerst sinds vele decennia streden rivaliserende edellieden niet langer onderling of tegen de koning, maar vochten zij eensgezind – ‘schouder aan schouder’ – als een trouwe vazal mét hun koning tegen een gemeenschappelijke vijand.

 

Het zwaard dat toebehoord zou hebben aan de laatste emir van Granada. (Musée de Cluny)

 

Alhambra

Het verlies van Alhama kwam in Granada hard aan. Hier was sinds 1238 de Nasriden-dynastie aan de macht. De Nasriden waren – in de woorden van een eminent historicus – ‘een geslacht van corrupte, genotzuchtige, zwakke en onbeduidende tirannen’. Toch wisten de emirs van de Nasriden lang stand te houden omdat ze grootmeesters waren in het zich voortdurend aanpassen aan zich wijzigende omstandigheden en het sluiten van compromissen om te overleven. Dat ze konden uitblinken in het verbergen van hun eigen zwakheden, was voor een deel te danken aan de citadel waarin ze hun residentie hadden ingericht. Ten noorden van Granada ligt op een hoge rots het Alhambra, een fort dat in 1333 tot paleis was omgebouwd. Eeuwenlang was dit een onneembare vesting.

 

Detail van het in 1881/1885 gebouwde Columbusmonument op het Plaza de Colón in Madrid.

 

Zoon tegen vader, tegen moeder, tegen broer

Na het verlies van Alhama in 1482 kon de bestaande tweespalt in het koninkrijk Granada niet langer geheim gehouden worden. Ontevreden edelen brachten de emir ten val en plaatsten diens zoon Boabdil als emir Mohammed XII op de troon. Een rivaliserende factie daagde het gezag van Boabdil uit door in de havenstad Almería diens broer tot emir te verheffen. Vanaf dat moment was Granada verscheurd door intriges: vader tegen zoon, zoon tegen zoon, zoons tegen moeder. Mede door deze interne verdeeldheid in het laatste Moorse bolwerk, slaagden de legers van Ferdinand en Isabella er in om Granada in een steeds strakkere wurggreep te nemen. In 1485 werd het hooggelegen Ronda, in het westelijk deel van het koninkrijk Granada, veroverd. Twee jaar later volgde Malaga. Bij deze belegering werd voor het eerst gebruik gemaakt van uit Frankrijk, Italië en Duitsland aangevoerde kanonnen. Met deze ‘lombarden’, zoals ze in de volksmond heetten, werden kogels van marmer en ijzer op de stadsmuren afgeschoten. In de daaropvolgende jaren viel de ene na de andere stad, zodat op den duur alleen de hoofdstad Granada nog resteerde.

 

Plaquette in Santa Fé waarop de herinnering levend wordt gehouden dat in deze stad op 17 april 1492 het contract tussen Christoffel Columbus en het Spaanse koningspaar getekend werd.

 

Best beveiligde stad onder de zon

Granada herbergde op dat moment minstens vijftigduizend inwoners en een ontelbaar aantal vluchtelingen. De stad was te sterk om stormenderhand te nemen. Iedereen was het erover eens ‘dat een stad als deze, door muren omgeven, met aan alle kanten zulke sterke stenen torens, een stad waarvan de Genuese handelaren unaniem verzekerden dat het de best beveiligde plek was onder de zon, dat zo’n stad onmogelijk genomen kon worden. Niet met kracht, niet met geoefende soldaten of met welk wapen ook. Van zo’n stad moest men stukje bij beetje de ledematen afsnijden. Pas dan, als de vleugels eenmaal gekortwiekt waren, kon de rest van de veren geplukt worden. Alleen zo, onderdrukt en lam gemaakt, zou ze het best zich uit eigen beweging aan de voeten van de koningen vlijen’, aldus Pedro Martyr d’Anghiera, een uit Italië afkomstige diplomaat en geschiedkundige.
Ferdinand van Aragon nam dit ongevraagde advies ter harte en stelde zijn plannen bij. Hij koos dus niet voor een grootscheepse aanval, maar hij paste met veel geduld de uithongeringtactiek toe. Nadat het omringende platteland grondig was platgebrand, liet hij in de onmiddellijke nabijheid van Granada, met uitzicht op de majestueuze vesting het Alhambra, een nieuwe stad bouwen. Vanuit Santa Fé – Spaans voor ‘Heilig Geloof’ – werd de inname van Granada in alle rust voorbereid.

 

Een Spaans bankbiljet met Columbus en koningin Isabella als hoofdpersonen.

 

Sneeuw van de Sierra Nevada

In korte tijd was het tentenkamp omgebouwd tot een strak geometrisch opgezette stad met torens en kantelen, een omheining in de vorm van een rechthoek waarbinnen enkele duizenden mensen beschutting vonden: hovelingen, officieren, raadslieden en soldaten. De stenen muren vormden een omlijsting voor het krijgstoneel te midden van het groen van de vlakte. Van een afstand domineerde het Alhambra de heuvels van Granada. Nog hoger in de lucht schitterde de sneeuw van de Sierra Nevada in de zon. Rondom de omheining van Santa Fé liep een brede gracht met bruggen bij de vier poorten van de stad, één voor elk van de windrichtingen. De stad was precies in vieren verdeeld. In het centrum was het paradeplein, waar de kerk oprees en waar het wit met grijze koninklijk paleis stond, dat maar één verdieping had. In dit paleis wachtten Ferdinand en Isabella geduldig de ontwikkelingen af.
(Cor van der Heijden)

 

(Openingsbeeld: Manuel Gómez-Moreno González, Salida de la familia de Boabdil de la Alhambra (circa 1880). De koninklijke familie van de laatste telg van de Nasridendynastie die in Andalusië de scepter zwaaide, staat op het punt om uit Granada te vertrekken. (Museo de Bellas Artes de Granada))

 

Lees de andere helft van dit boeiende artikel, temidden van talrijke bijdragen over de Islam in Europa, in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Momentum voor de gruwel

De notulen van de Wannseeconferentie vormen een uniek document. Letterlijk omdat van de dertig gemaakte kopieën er maar één exemplaar bewaard is dat na de Tweede Wereldoorlog is opgedoken. Figuurlijk omdat in geen enkel ander document van nazi-Duitsland de ideeën over de massamoord op de Joden zo samenhangend, duidelijk én cynisch zijn geformuleerd.

Lees verder

Kroniek

Vrouw mag niet veel

In zaal De Doele in Bolsward hield maandagavond 1 december 1908, 110 jaar geleden, de 'Vereeniging voor vrouwenkiesrecht' eene vergadering. Een van de sprekers was Mejuffrouw C.S. Groot, Presidente der afdeeling Hoorn. Spreekster toonde met aanhalingen uit ’t Burgerlijk Wetboek hoe weinig de Nederlandsche vrouwen mogen.

Lees verder

Heilige van de week

Theresia van Avilla - 15 oktober († 1582)

De naam Theresia komt waarschijnlijk van het Griekse woord voor warmte, zomer, of het Griekse jageres. Misschien betekent de naam wel bewoonster van het eiland Thera, tegenwoordig Santorini.

Lees verder