Stelling

Het bombardement op Dresden was genocide.

Stem

Agenda

Luchtvaartdagen Soesterberg
Op 25 en 26 augustus vinden de Soesterberg Luchtvaartdagen (niet te verwarren met de Luchtmachtdagen die in 2019 worden gehouden) plaats bij het Nationaal Militair Museum (NMM) op Park Vliegbasis Soesterberg. Unieke vliegtuigen en straaljagers, waaronder de F-4 Phantom, worden uit het depot gehaald en voor het publiek tentoongesteld. Meer dan twintig vliegtuigen kunnen van dichtbij worden bekeken, in sommige kun je plaatsnemen in de cockpit. Ook is er een theatervoorstelling van het Flying Circus.
Resist!
In mei 1968 gaan in Parijs de studenten de straat op uit protest tegen conservatisme en moralisme. De tentoonstelling met de Engelstalige (?) naam Resist! The 1960s Protests, Photography & Visual Legacy in Bozar in Brussel blikt terug op dat protest, uitwaaierend naar de Praagse Lente, de Vietnamoorlog, de burgerrechtenbeweging in de VS en de Afrikaanse onafhankelijkheidsstrijd.

Gibraltar, doorn in Spaans oog

07 augustus 2018 S. Krul

Ruim 300 jaar geleden veroverde Engeland het schiereiland Gibraltar op de Spanjaarden. Die hebben zich nooit bij dit verlies neer kunnen leggen, terwijl de rots voor de Engelsen een van de laatste brokstukken van het Britse wereldrijk is. De amper zeven vierkante kilometer grote rots in de Middellandse Zee duikt opnieuw in de actualiteit op vanwege de aanstaande Brexit; de Spanjaarden overwegen een blokkade. De zoveelste.

De een is het om zijn territoriale integriteit te doen, de ander om het behoud van zijn status als wereldmacht. Voor beide vormt Gibraltar de sleutel tot de Middellandse Zee. Dat geldt trouwens al sinds de Oudheid, toen deze uitloper van het Iberisch schiereiland en die van het Atlasgebergte, vlak ertegenover in Afrika, de Zuilen van Hercules genoemd werden.
Sinds 1713, het jaar van de inname door de Engelsen, zit het conflict muurvast. Maar nu lijkt het jaar 2016 beweging in de zaak gebracht te hebben: terwijl de Britten zich toen in een referendum voor een Brexit uitspraken, blijkt maar liefst 96 procent van de inwoners van Gibraltar voor het EU-lidmaatschap te zijn. Dat nieuws wekte in Spanje nieuwe hoop, maar als de rotsbewoners iets nóg beslister afwijzen dan een vertrek uit de EU, dan is het wel een terugkeer naar Spanje. Dat bleek in een referendum uit 2002. Op de vraag of Groot-Brittannië de soevereiniteit over Gibraltar zou moeten delen, antwoordde toen 99 procent ontkennend.

 

 

Hoe vastbesloten de Engelsen zijn het Britse gezag te handhaven, blijkt wel uit een uitspraak van de voorma-lige leider van de conservatieve partij, Michael Howard. Krap een week na het indienen van een officieel verzoek tot beëindiging van het EU-lidmaatschap vergeleek hij de ruzie tussen Madrid en Londen om Gi-braltar met die om de Falklandeilanden, niet ver uit de Argentijnse kust. ‘Deze week is het 35 jaar geleden dat een andere Britse regeringsleider een strijdmacht de halve wereld rond gestuurd heeft om de vrijheid van een kleine groep Britten tegen een ander Spaanstalig land te verdedigen,’ zei hij en voegde er strijdlustig aan toe: ‘Ik ben er rotsvast van overtuigd dat onze huidige premier dezelfde vastberadenheid aan de dag zal leg-gen om de mensen op Gibraltar bij te staan.’
Wat de Engelsen tot zulk verbaal wapengekletter brengt, is een passage in de ontwerptekst voor de EU-richtlijnen voor de Brexit-onderhandelingen. Die kent de Spanjaarden iets toe wat verdacht veel op een veto-recht over Gibraltar lijkt. Letterlijk staat er: ‘Als het Verenigd Koninkrijk de Unie verlaat, kan geen enkel verdrag tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk zich tot het grondgebied van Gibraltar uitstrekken, zonder dat het Verenigd Koninkrijk en het koninkrijk Spanje daar overeenstemming over hebben bereikt.’

 

Castle Street in het hogere gedeelte van Gibraltar.

 

Van strategisch belang was Gibraltar al in de vroege Middeleeuwen. In 711 diende het de Moorse veldheer Tarik ibn Zijad tot springplank om met een Noord-Afrikaans legertje van een paar honderd man de zeestraat over te zetten en heel Spanje te veroveren. Sindsdien droeg de rots zijn naam: Dzjebel Tarik, ‘de berg van Tarik’. De Moren handhaafden zich hier tot 1462, toen het Castilische koningshuis de Reconquista (‘herove-ring’) van het Iberische schiereiland voltooide.
De Spanjaarden zouden echter niet lang plezier beleven aan Tariks rots. Toen in 1700 Karel II, de laatste ver-tegenwoordiger van de Spaanse tak der Habsburgers, kinderloos stierf, ontbrandde er, zoals wel vaker bij een ongeregelde nalatenschap, een heftige strijd onder diens verwanten. Zo was daar Frankrijks Zonneko-ning, Lodewijk XIV, die namens zijn kleinzoon, Filips van Anjou, aanspraken maakte op de Spaanse troon. Dankzij Frankrijk en zijn bondgenoten (het keurvorstendom Keulen, Savooien en Beieren) regeerde deze kleinzoon vanaf 1701 als Filips V – zeer tot ongenoegen van Wenen, waar de Habsburgse keizer Leopold I deze waardigheid op zijn zoon aartshertog Karel wilde laten overgaan. De keizer genoot de steun van Neder-land en Engeland. Laatstgenoemd land was er onder koning Willem III (van Oranje) op gebrand Lodewijk XIV de voet dwars te zetten en Frankrijk van de hegemonie in Europa en een koloniaal rijk in Noord-Amerika af te houden.
Zich welbewust van het grote belang (én de kwetsbaarheid) van de vesting Gibraltar besloot de anti-Franse alliantie tot een aanval op het schiereiland. Op 1 augustus 1704 zetten 1.800 Nederlandse en Engelse solda-ten onder aanvoering van prins Georg van Hessen-Darmstadt, een bevelhebber in Habsburgse dienst, voet aan wal ten noorden van de vesting. Van zee uit blokkeerde een vloot van zo’n zeventig schepen de haven. De bezetting van de vesting daarentegen was nauwelijks groter dan 300 man. Op de ochtend van de 3de au-gustus vormde een geweldige explosie het signaal tot de aanval. De overige inslagen van het scheepsgeschut maakten de vesting in een paar uur stormrijp.
De bestorming stelde de listige prins Georg dan uit tot de middag – de tijd van de siësta, waarin de kans op een overrompeling het grootst was. Toen de aanvallers zich meester wisten te maken van een fort en van de pier met de grote havenbatterij, erkenden de verdedigers de uitzichtloosheid van hun situatie en gaven zij zich over.

 

Artilleriestellingen op de berg.

 

Prins Georg van Hessen-Darmstadt kreeg nu het bevel over de vesting. Wetend dat de vijand hem Gibraltar niet zonder slag of stoot zou laten, liet hij versterkingen in de verdedigingswerken aanbrengen en voorraden voor een op handen zijnde belegering aanleggen. Tweeduizend Engelsen en Nederlanders bleven en vorm-den zijn garnizoen, later met nog eens 2.000 Engelsen aangevuld.
Inderdaad versperden de Spanjaarden al gauw de toegang tot de landtong en in oktober 1704 arriveerde een Franse vloot om de zeeweg te blokkeren. Maar ondanks al hun inspanningen slaagden zij er niet in de vesting te heroveren. Dit kwam mede doordat de Engelse vloot er keer op keer in slaagde de blokkade te doorbre-ken.
Bij de Vrede van Utrecht liet negen jaar later de Spaanse koning Filips V Gibraltar uitdrukkelijk aan de En-gelsen: ‘De koning cedeert hierbij […] de kroon van Groot-Brittannië de volle eigendom van stad en burcht van Gibraltar […] voor eeuwig, zonder enige uitzondering en enig voorbehoud,’ heet het in het verdrag van 1713. ‘Eeuwig’ is voor ons mensen toch altijd relatief en dus ondernamen de Spanjaarden sindsdien nog me-nige poging tot herovering, zij het steeds tevergeefs.

 

Een Berberaap, symbool voor ‘de Rots’.

 

In 1727, tijdens de Engels-Spaanse oorlog, was het al zover. Toen betrok een geduchte Spaanse strijdmacht van zo’n 20.000 soldaten stellingen rond de stad. Maar ook nu hield de superieure Engelse vloot de bevoor-rading gaande en zo werd de belegering na ruim vier maanden gestaakt. In 1779 en 1783, tijdens de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog, probeerden Franse en Spaanse troepen opnieuw Gibraltar te heroveren. Ook deze beide keren had men buiten de Royal Navy gerekend.
Hoe groot het gewicht was dat de Britten aan de rots en zijn functie als poort tot de Middellandse Zee hechtten, bleek op indrukwekkende wijze toen Napoleon zich opmaakte heel Europa te onderwerpen. Eerst bracht een Britse vloot onder commando van admiraal Horatio Nelson Napoleons vloot voor de Egyptische havenstad Aboekir tot zinken, daarna kwam het in 1805 bij Trafalgar, niet ver van Gibraltar, tot een tweede confrontatie, met een hernieuwde Franse vloot. Ook daar zegevierde Nelson. Voor de Engelsen betekende dit het begin van een imperialistisch hoogtij, waarin ze over ongeveer een kwart van het aardoppervlak heersten.

 

 

De ‘runway’ van het vliegveld kruist een verkeersweg.

De grootste kans om Gibraltar te heroveren kreeg Spanje in de Tweede Wereldoorlog. Toen het zich liet aan-zien dat de Luftwaffe er niet voor de herfst van 1940 in zou slagen het luchtoverwicht boven Engeland te winnen, stelde de Duitse legerleiding operatie ‘Seelöwe’ en de invasie van Engeland voor onbepaalde tijd uit en verplaatste haar aandacht naar Engelands periferie. Met name naar Gibraltar, van waaruit de Royal Navy de bevoorrading van het Duitse Afrika-Corps ernstig ontregelde. De inname van Gibraltar en schenking ervan aan de Spanjaarden zou ook nog eens kunnen helpen om de Spaanse dictator Franco tot actieve steun aan de As-mogendheden te verleiden.
In een gezamenlijke actie van Luftwaffe, landmacht en Kriegsmarine hoopte Alfred Jodl, Chef Operaties van het opperbevel van de Wehrmacht, in juni 1941 de aanval te openen. Hij calculeerde daarbij zware verliezen in, maar meende tegelijk Gibraltar in drie dagen in te kunnen nemen – als men zich tenminste wist te verzekeren van de instemming én de steun van Franco.
En daar haperde het. Terwijl de Eerste Divisie Bergjagers met 16.000 man onder vergelijkbare omstandighe-den in het Franse Massif Central oefende en zich zo voorbereidde op operatie ‘Felix’ en de bestorming van Gibraltar, kwam er een druk diplomatiek verkeer op gang. In november 1940 nodigde Hitler Franco’s zwager, minister van Buitenlandse Zaken Ramon Serrano Suñer, uit naar de Berghof in Berchtesgaden, om hem daar in een informele sfeer en landelijke omgeving voor zijn plan te winnen. Maar Suñer kon er niet warm voor lopen. Spanje zat economisch aan de grond, door de burgeroorlog van zijn laatste krachten beroofd. Franco was bang de graantransporten uit de Verenigde Staten in gevaar te brengen en een hongersnood te riskeren door openlijk de zijde van Duitsland te kiezen.
(Stefan Reinbold)

Benieuwd naar de andere helft van dit spannende relaas? Koop de nieuwste G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Op naar de Zoo!

De Zoo naast het Centraal Station in Antwerpen staat voor veel Vlamingen gelijk met minstens een schoolreis tijdens de lagere schooltijd. Tegenwoordig scoort de buitenafdeling van de Zoo in Planckendael bij Mechelen beter. Het wandelparcours en de aankleding zijn er dan ook pastoraler dan in het centrum van Antwerpen. In de 19de eeuw was, voor elke grote Europese stad die zichzelf respecteerde, het hebben van een zoo vanzelfsprekend.

Lees verder

Kroniek

Hou maar op!

Honderd jaar geleden, op 14 augustus 1918, besprak de Oberste Heeresleitung (OHL) van de Duitsers de militaire toestand van de slopende en slepende oorlog met de keizers Wilhelm II van Duitsland en Karl I van Habsburg. De OHL concludeerde dat verder vechten ‘aussichtslos’ was. Karl was erop gebrand de strijd voort te zetten, Wilhelm, die al een poos niks meer te zeggen had, berustte in de situatie. Op de foto de OHL in november 1918 voor slot Wilhelmshöhe nabij Kassel.

Lees verder

Heilige van de week

Theresia van Avilla - 15 oktober († 1582)

De naam Theresia komt waarschijnlijk van het Griekse woord voor warmte, zomer, of het Griekse jageres. Misschien betekent de naam wel bewoonster van het eiland Thera, tegenwoordig Santorini.

Lees verder