Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Brandpunt Berlijn

28 maart 2018 Siebrand Krul

In Berlijn stonden Oost en West veertig jaar lang oog in oog met elkaar. Was het misschien aan deze gevaar-lijke nabijheid te danken dat ze elkaar uiteindelijk niet te lijf gingen? Al tijdens de opdeling van het Derde Rijk in Jalta wist men dat de Sovjettroepen Wenen en Berlijn als eerste zouden bereiken. Toch moest en zou het komen tot een viermachtenopdeling.

Het curiosum dat dit in Wenen opleverde, kennen we vooral als coulisse voor de filmklassieker The Third Man. In Berlijn daarentegen speelden zich de echte politieke drama’s af, die de wereld verschillende keren op de rand van een nieuwe oorlog brachten.
In elk geval was het sneller met de eensgezindheid van de bezetters gedaan dan zij zich in Jalta hadden kunnen voorstellen. Dat ieder van hen in de eigen bezettingszone zijn eigen politieke stelsel zou invoeren was te verwachten. De onverenigbaarheid van deze stelsels werd het westerse kamp door de geforceerde sovjetisering vlak buiten de deur al snel duidelijk. Het stelde hier in de westelijke zones de eigen democratische staat en vrijemarkteconomie tegenover, die ook in het eigen deel van Berlijn zouden moeten gelden.

 

Grensovergang Dreilinden, in het zuidwesten van West-Berlijn. Langs deze grenspost kwamen de meeste West-Europese bezoekers die de stad per auto wilden aandoen. Steevast werd naar het doel van de reis gevraagd, en bij het antwoord ‘Berlijn’ volgde de bitse Vopo-reactie ‘West-Berlin!’.

 

Dreilinden is een desolaat oord geworden, voor de geschiedloze passant een sinistere en onbegrijpelijke plek. Kort na de val van de Muur moet dit wel een van de smerigste plekken van Europa zijn geweest: oneindig lang leek de rij rokende Trabants voor de benzinepompen. Dat schoot niet op want ze moesten tweetakt tanken.

 

Luchtbrug

Het zichtbare teken daarvan was de invoering van de D-mark in 1948. Stalin beantwoordde dat met het af-sluiten van alle weg- en treinverbindingen van de stad, in de hoop het westen daarmee tot opgave van West-Berlijn te dwingen. Maar dat peinsde daar niet over. Bijna een jaar lang zorgde een luchtbrug voor alle le-vensbehoeften van 2,2 miljoen Berlijners – tot Stalin de blokkade beëindigde. Hij had de transportvliegtuigen toch niet durven neerhalen. In de ogen van de West-Duitsers waren de Amerikanen, Engelsen en Fran-sen door de luchtbrug van bezetters in bondgenoten veranderd.

 

Stalins blokkade van West-Berlijn werd in 1948 doorbroken met een aanhoudende voedseltoevoer door de lucht. Dit is vliegveld Tempelhof, in de stad, langs een bepaalde route vanuit de stad over de Friesenstrasse. Nog steeds een onmetelijke vlakte, maar niet meer als vliegveld in gebruik.

 

DDR, ‘Midden-Duitsland’

In de tussentijd was de splitsing van Duitsland in twee staten, Bondsrepubliek en DDR, bezegeld. Oost-Berlijn was daarbij tegen de zin van het westen tot ‘hoofdstad van de DDR’ verklaard. De deling had van korte duur kunnen zijn, want in 1952 kwam Stalin met een voorstel tot hereniging van Duitsland op de proppen – op voorwaarde dat het land strikt neutraal zou worden. Boezemde het aangrenzen van Oost en West hem zoveel angst in dat hij zich liever achter een zwakke bufferstaat terugtrok? Of hoopte hij daarmee als-nog heel Duitsland het Oostblok binnen te sluizen? In het Westen overwoog de scepsis. Men wees het aan-bod van de hand en de beide Duitse staten bleven de kruitmagazijnen en voorposten van de Koude Oorlog.

 

Aanvankelijk was de grens tussen de Bondsrepubliek en de DDR een zachte; je kon makkelijk de oude Landesgrenzen passeren. Dat veranderde snel na oplopende ‘Republikflucht’.

 

Republikflucht

Enkele jaren later dreigde de DDR een staat zonder burgers te worden. De hoop op vrijheid en welvaart lok-te miljoenen over de Russische zonegrens, die nergens makkelijker over te steken was dan in Berlijn.
Vanaf 1960 nam deze ‘Republikflucht’ een omvang aan die ook het Westen verontrustte. Hoe zou de Sov-jet-Unie reageren op de leegloop van haar Duitse vazallenstaat? Moskou en Oost-Berlijn staken in Washing-ton hun diplomatieke voelhoorns uit en stuitten bij de Kennedy-regering op een zeker begrip voor een drasti-sche aanscherping van de grensbeveiliging.

Bijna had Walter Ulbricht de uitkomst van deze stille diplomatie nog om zeep geholpen. Ulbricht was een hoge functionaris van de SED, de eenheidspartij die er sterk toe had bijgedragen om van de DDR een socia-listische staat te maken. Op een persconferentie in juni 1961 flapte hij er een van grootste leugens in de Duit-se geschiedenis uit door te beweren ’Niemand heeft het voornemen een muur te bouwen!’ En dat terwijl er nog niemand van een muur gerept had. Het merendeel van de Westerse pers deed alsof hier niet een ‘part of the deal’ was uitgelekt, maar de DDR-burgers, gewend als zij inmiddels waren om tussen de regels te lezen, wisten wel beter: in de maanden juli en augustus sloeg de uittocht om in een massale vlucht, tot op 13 augus-tus de metselploegen verschenen. De Oost-Duitsers verdwenen achter een muur, de West-Duitsers eisten tegenmaatregelen. Maar de regering Adenauer sloot zich schouderophalend aan bij het oordeel van president Kennedy: ’Het is geen erg aangename oplossing, maar een muur is verdomd veel beter dan een oorlog.’

 

De oude Reichsstrasse bij Helmstedt,, op de Duits-Duitse grens. Aanvankelijk geblokkeerd door een oude autobus, door protesterenden in brand gestoken, wat de blokkade niet ophief.

 

Antifascistische verdedigingswal

De versperringen die rond heel Berlijn en langs de hele Duits-Duitse grens aangebracht werden, vormden met hun prikkeldraad, mijnenvelden en automatische schietinstallaties voortaan een dodelijke hindernis voor vluchtelingen. Als frontlinie van de Koude Oorlog bleek ‘de Muur’ – ondanks of misschien wel dankzij de vele wapens die er in buurt opgesteld waren – juist een stabiliserende factor. Alleen verloor de DDR er alle geloofwaardigheid door. De regering betitelde het monstrum als ‘antifascistische verdedigingswal’, maar elke dode die er viel, liet zien dat het een instrument van onderdrukking was. En toen de Muur viel, begreep de wereld dat het gedaan was met Stalins erfenis, het Sovjetimperium.
(Franz Metzger)

Lees nog veel meer artikelen over de Koude Oorlog in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts 5,50 euro!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder