Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Kriegsweihnachtsgruß aus Gent

12 december 2017 Siebrand Krul

Tijdens de Eerste Wereldoorlog publiceerde de Duitse legerleiding in het bezette België de fotoalbums als morele boost voor de manschappen. Toen de strijd aan het front helemaal in het slop zat, stak de militaire PR-machine een tandje bij met Des Kaisers Weihnachtsreise, een film over het bezoek van keizer Wilhelm II aan de troepen in Noord-Frankrijk en Gent rond Kerstmis 1917. Oorlogspropaganda in kerstverpakking.

Na de inval in België op 4 augustus 1914 en de gevechten in Melle-Kwatrecht, begin september, werd de stad Gent op 12 oktober zonder slag of stoot door de Duitsers ingenomen. Gent werd de hoofdplaats van Etappe IV, het gebied dat het 4de Leger aan het IJzerfront moest bevoorraden. Het grootste deel van de provincie Oost-Vlaanderen en een klein deel van de provincie West-Vlaanderen vormden samen dit Duitse Etappegebied, een overgangszone tussen het burgerlijke bestuur in Brussel en het militaire commando van het Vierde Leger in Tielt. Bleven de Gentenaars van bruut oorlogsgeweld gespaard, ze kregen wel een stringent regime opgelegd, met een stroom verordeningen, uitgaand van het stadsbestuur of rechtstreeks van de bezetter. Een strenge censuur legde de pers en het postverkeer aan banden, alle politieke berichtgeving was verboden, een algemene identiteitscontrole werd ingevoerd.

 

Kerstmis in de Etappen-Inspektion, het hoofdkwartier in het Justitiepaleis, rond het portret van keizer Wilhelm II.

 

Propaganda
Daarnaast moest Gent ook grotendeels instaan voor de bevoorrading van de troepen, het onderhoud van het materieel, de voedselvoorziening van alle Duitsers, en de opvang van de gekwetsten en de zieken van het front. Al die bureaucratische en logistieke opdrachten vergden heel wat mankracht, en de nodige infrastructuur om deze een onderkomen te bieden. Naarmate de etappestad Gent aan belang won als draaischijf tussen het hinterland en het front aan de IJzer, kwamen steeds meer Duitse militairen hun land al hier met de pen verdedigen, een propaganda-machine die ook steeds meer huisvesting vergde. Gemiddeld waren er zowat 12.000 Duitse militairen in de stad gelegerd, zonder directe offensieve of defensieve taken, die als ambtenaren of arbeiders heel wat diensten bemanden. Met dit doel waren over de hele stad zowat alle gebouwen opgeëist die dienstig konden zijn als bureaus of werkplaatsen. Deze massale bezetting komt in de fotoalbums sprekend tot leven.

 

Foto van de aankomst van de keizer in het Gentse Sint-Pietersstation.

 

Controle en censuur, orde en discipline
De oorlogsalbums werden uitgegeven door de Photographischen Abteilung der Kommandantur Gent en als souvenir verkocht aan de Duitse militairen. Talloze portretten en groepsfoto’s kunnen dit bevestigen. Op die manier werd eigen documentatie vermeden en kon de legerleiding strikte controle houden over alle verspreide beelden, steeds een toonbeeld van orde en discipline, als bewijs van hun perfecte organisatie. Zo werden verscheidene fotoafdrukken met een laconiek nein op de keerzijde gecensureerd voor publicatie. Tegelijk wilden ze het moreel bij de troepen opkrikken, om de zware oorlogsinspanning vol te houden.

 

 

Nadruk op Gent
In het Duitse militair organigram was een Etappegebied onderverdeeld in Kommandanturen. Bij de Kommandantur Gent behoorde naast de stad zelf ook een dertigtal omliggende gemeenten en gehuchten. In hun thema’s overschrijden de albums bijgevolg de stadsgrenzen en werpen ze ook een blik op de omgeving, op de organisatie in het hele Etappegebied en de actieradius van het Vierde Leger, met zichten uit Zeebrugge, Oostende, Brugge, Zelzate, Sint-Niklaas, Tielt, Lokeren en het grensgebied met Nederland. Toch ligt het accent vooral op de Etappestad Gent. De Gentse oorlogsalbums geven een goed beeld van de alomtegenwoordigheid van de bezetter in de stad, ook al is het overzicht van de opgeëiste gebouwen verre van volledig; vooral de kleinere locaties ontbreken.

 

De registratie van een foto-glasplaat.

 

Topstuk
De honderden originele fotoafdrukken van de Duitse fotocollectie zijn in het Gentse Stadsarchief bewaard gebleven en werden pas eind jaren 1980 uit de archiefdozen gehaald; over het lot van de fotografische glasplaten is niets bekend. Gezien de censuur, de oorlogsomstandigheden en het toen nog relatief zeldzame gebruik van de fotografie, zijn er niet zoveel beelden van de bezette gebieden. Alle amateur-fotografen hadden immers hun toestel moeten inleveren en ook de professionelen werden sterk gecontroleerd. Daarom werden de 567 originele foto’s als Vlaams Topstuk erkend, onder de naam Fotoarchief Kriegsalbum von Gent. Exemplaren van het Kriegsalbum 1916 bevinden zich in de Staatsbibliotheken van Berlijn en München, en in de grote bibliotheken van België, onder meer de Albertina te Brussel en de Universiteitsbibliotheken van Gent en Leuven. Het Stadsarchief bewaart twee exemplaren, en één van het zeldzamere Kriegsweihnachten, gesigneerd door ‘Le Lieutenant Wittstein à la Ville de Gand, en février 1916’. Nog zeldzamer is een aansluitende uitgave over de lichtgewonde militairen, verzorgd in het Feestpaleis, eveneens onder de titel Weihnachten 1915, Verlag und Photographie H. Denecke, Aschersleben, gedrukt bij Louis Koch, Halberstadt.

 

Het keizerlijk bezoek aan het Gravensteen. De foto is met grote waarschijnlijkheid de Zwitser Henri Jäger (geb. 1876) die reeds vanaf 1907 als fotograaf in de Vlaanderenstraat in Gent was gevestigd en in 1914 als oorlogsverslaggever was aangewezen.

 

Morele ondersteuning
De benaming Kriegsalbum of oorlogsalbum was reeds gebruikt voor enkele uitgaven over de Frans-Pruisische oorlog van 1870/71, onder meer door het Photographische Gesellschaft van Berlijn in 1895. Tijdens WO I konden de in Gent gekwartierde Duitsers zich inspireren op het Illustriertes Kriegs-album des Weltkrieges 1914, (Wien & Leipzig, 1914) of op de als bijlagen verschenen Kriegsalbums van Die Woche en de New Yorker Staatszeitung. Die Woche was een weekblad dat vanaf 1899 bij August Scherl in Berlijn verscheen met vulgariserende artikels en tal van foto’s over kunst, literatuur, amusement, vrouwenmode en allerhande huiselijke thema’s, aangevuld met vervolgverhalen en versjes. Het familieblad publiceerde regelmatig een ‘Sonderheft’; dat was een speciale editie over een specifiek onderwerp, zoals populaire muziek, tuinen, zomerverblijven of andere toeristische plekken.

 

De donkere kamer.

 

Opbeurende nieuwtjes
Vanaf 1914 ging meer en meer aandacht naar het oorlogsgebeuren ter ondersteuning van het moreel van de bevolking en van de troepen. Het blad publiceerde portretfoto’s van officieren, uitreikingen van onderscheidingen, beelden van soldaten aan het front of na de dienst, verzorging van zieken en gewonden door verpleegsters, en andere opbeurende nieuwtjes. Vanaf november 1915 verschenen er ook ‘Sonderhefte’ onder de naam Kriegsalbum die vrijwel geheel uit foto’s bestonden, aangevuld met korte verslagen van het oorlogsnieuws in België, Frankrijk en aan het oostfront. De eerste en tweede uitgave waren gewijd aan de belegering en de val van Antwerpen, van 7 tot 10 oktober 1914, een paar dagen voor de overgave van Gent. De Kriegsalbums van het Duits-Amerikaanse weekblad New Yorker Staatszeitung verschenen in 44 afleveringen van 27 februari tot 25 december 1915. Ook in Oost-Europa verschenen een paar Kriegsalbums in Budapest (1916) en Temesvar (1917).
Voor België is er voorts nog het Kriegsalbum des Marinekorps Flandern 1914-1917, Bücherie des Marinekorps, Berlin, s.d.

 

De doortocht van de keizer in het Citadelpark. Uiterst links staat de cameraman die de opnamen draaide voor Des Kaisers Weihnachtsreise.

 

Kerstcadeau voor officieren
In Gent verscheen het eerste album Kriegsweihnachten ter gelegenheid van Kerstmis 1915, in eerste instantie als kerstgeschenk voor de officieren. Het boek in oblong-formaat telt 72 foto’s in koperdiepdruk, elk op één ongenummerde pagina met korte onderschriften zonder tekstbladzijden. Zoals het een fotoalbum betaamt, zijn de pagina’s gescheiden door beschermende zijdepapiertjes, ook al gaat het hier om drukwerk en niet om originele foto’s. Vooraan prijkt ‘Der Kommandant von Gent, Oberleutnant von Wick’, gevolgd door groepsfoto’s van alle andere officieren en onderofficieren. De laatste bladzijde is een hulde aan ‘gefallenen Kameraden’, met twee foto’s van bijzettingen op de stedelijke begraafplaats.

 

Filmposter door Hans Rudi Erdt (1883-1918), gedrukt bij Hollerbaum & Schmidt, Berlin (1917). (Library of Congress, Washington)

 

Donkere kamer
Vijftien foto’s uit de uitgave van 1915 zijn hergebruikt in het grotere Kriegsalbum van 1916, dat 484 genummerde opnamen telt op kunstdrukpapier, doorgaans twee per pagina, gedrukt door de Graphischer Kunstanstalt Peter Luhn in Barmen (Wuppertal). In een voorwoord wordt de Duitse aanwezigheid in de stad geschetst, gevolgd door een historische beschrijving van de stad Gent, vanuit Duits perspectief, een overzicht van de gevoerde strijd, de opvang van de gewonden, de bijzetting van doden op het Gemeentekerkhof en dies meer. Op de voorpagina wordt het album door de Etappen-Kommandantur Gent opgedragen aan hertog Albrecht von Württemberg (1865-1939), de bevelhebber van het Duitse Vierde Leger, met rechts diens portret als eerste foto. Van het Weihnachten-album zijn geen originele opnamen bewaard (op de in het tweede album hergebruikte na). In het album staat wel een foto van de donkere kamer waar de opnamen werden ontwikkeld, en die zich in het gebouw links naast de Hoofdwacht aan de Kouter bevond. Als fotografen worden Denecke en Eggeling vermeld. Enkele latere, niet gepubliceerde foto’s tonen het bezoek van de Duitse keizer Wilhelm aan de Duitse troepen in Cambrai en aan Gent rond Kerstmis 1917.

 

In de Sint-Baafsabdij: ‘Seine Majestät der Kaiser in den Ruïnen von St.Bavon in Gent, 23 Dezember 1917’. (Collectie Huis Doorn/foto Storm Calle)

 

Der Kaiser kommt!
De Duitse keizer Wilhelm II arriveerde op 23 december 1917 in Gent. De keizerlijke kerstreis werd uitvoerig vastgelegd op foto en film. Op de foto’s is de cameraman te zien, in de film loopt de fotograaf door het beeld. De opnamen werden gebruikt voor Des Kaisers Weihnachtsreise, een stille kortfilm met tussentitels, die begint en eindigt met kersttaferelen in de Heimat, en tevens uitvoerig verslag uitbrengt van het bezoek van de keizer aan de troepen van kroonprins Wilhelm in Noord-Frankrijk (Cambrai). Het zijn de vroegste bewegende beelden van Gent, op enkele seconden van de Wereldexpo 1913 na. Het fragment van zowat drie minuten start met de aankomst van de keizer in het Sint-Pietersstation, een bezoek aan de Sint-Baafskathedraal op zoek naar het Lam Gods (dan evenwel uit voorzorg verborgen was), een rit over de Sint-Michielshelling met zicht op de Gentse torens, een bezoek aan het Gravensteen en de doortocht van het Citadelpark tussen de soldaten.

 

Film
De 35mm-nitraatfilm met een duur van 14.40 minuten werd geproduceerd door het Bild- und Filmamt (BUFA), opgericht in 1917 als één van de propaganda-bureaus; ook de foto’s dragen de stempel van BUFA. De filmspoel wordt bewaard in het EYE Filmmuseum Amsterdam, maar maakt deel uit van de collectie Huis Doorn, een landgoed op de Utrechtse heuvelrug. Daar verbleef keizer Wilhelm van 1920 tot zijn dood in 1941, en kreeg er zijn graftombe. Bij de enorme lading huisraad, kunstwerken en documenten die hem in tientallen treinwagons was gevolgd, bevonden zich ook films en zowat 12.000 foto’s. Uit de Eerste Wereldoorlog dateert een reeks albums met 2.400 foto’s, die kort na aankomst werden geannoteerd. Ze geven een chronologisch beeldverslag van het doen en laten van de keizer, met nog meer BUFA- afdrukken van zijn kerstreis en het bezoek aan Gent in december 1917.
(André Capiteyn)

(Openingsbeeld: Duitse officieren vieren Nieuwjaar 1916.)

 

Lees het volledige artikel in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder