Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Hel in hartje Brussel

05 juli 2017 Siebrand Krul

Edouard Selleslaghs was verzekeringsmakelaar in het landelijke Kapelle-op-den-Bos. Omdat er kermis was geweest, besloot hij die maandag 22 mei 1967 zijn wekelijkse routineafspraken in het dorp te vervangen door een bezoek aan Brussel. Er is nooit meer iets van hem gehoord. Hij was op de verkeerde plaats op het verkeerde ogenblik. In een mum van tijd brandde het grootste warenhuis in de drukste winkelstraat van het land af.

De tol van de brand in het warenhuis ‘Grands Magasins À l’Innovation’ in de Nieuwstraat van Brussel was zeer zwaar. Het officiële expertiserapport spreekt van 251 doden of vermisten en 62 gewonden, en schrijft de oorzaak toe aan toevallige omstandigheden: een verhitte spot heeft stadsgas doen ontbranden dat zich na een lek had opgehoopt achter een vals plafond in een opslagruimte. Daardoor is het de grootste ramp in België na die van Marcinelle (1956) waarbij 262 mijnwerkers het leven lieten. Dat laatste ongeval was het gevolg van een menselijke communicatiefout; over de ramp in de Innovation circuleren vijftig jaar na datum nog altijd allerlei complottheorieën. Vast staat dat, naar de huidige normen, van brandpreventie nauwelijks sprake was.

 

(Uit het boek van De Vriese en Van Laeken. Bettmann/Corbis)

 

In no time in lichterlaaie

Het was op de afdeling kinderkledij op de eerste verdieping dat een verkoopster omstreeks half twee een brandgeur opmerkte. Een stockagelokaal bleek in brand te staan. Twintig minuten later, toen de eerste brandweerwagens in de (te) smalle straatjes van de binnenstad arriveerden, stond het hele warenhuis in lichterlaaie.
Dat een smeulende brand op zo’n korte tijd een vuurzee kon veroorzaken, was deels te wijten aan het architecturale concept. Het warenhuis bestond eigenlijk uit twee gebouwen die met een doorgang verbonden waren: het warenhuis ‘À l’Innovation’ (1902), een ontwerp van Victor Horta, en het warenhuis-Tietz (1910). Om klanten te lokken werd gekozen voor een open, imponerende architectuur in art nouveau met veel glas en staal en met een centraal atrium met glazen koepel. Zo konden de klanten zich bij natuurlijke lichtinval vergapen aan zoveel aanbod en luxe. Horta zelf sprak in zijn memoires van een kooi.

 

 

Atrium als schoorsteen

Behalve de keuze voor metaal dat onder extreme hitte kan plooien, hield de centrale binnenplaats een groot risico in. Zodra de glazen koepel instortte, ontstond een schoorsteen-effect. Giftige dampen konden zich in de open ruimtes verspreiden en het vuur werd aangewakkerd. Bij gebrek aan veiligheidsvoorschriften was het warenhuis volgestouwd met brandbare en giftige materialen: leidingen met stadsgas, gasflessen, onder meer in de keuken van het zelfbedieningsrestaurant, grote hoeveelheden stookolie…

 

 

Wirwar aan gangen

Na het eerste alarmsignaal ontstonden er onbeschrijfelijke taferelen. Mensen zochten in de wirwar van tussenverdiepingen en gangen naar een nooduitgang, zo die er al waren of niet geblokkeerd waren door de grote façade in aluminium die na de Expo ’58 was toegevoegd. Naar schatting duizend mensen wisten te ontsnappen. De meeste slachtoffers waren onherkenbaar verminkt. De identificatie gebeurde op basis van de persoonlijke bezittingen die tussen het puin werden gevonden.
(Luc Minten)

Lees het volledige artikel, en nog veel meer boeiend historisch nieuws in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. NU overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder