Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Flappentap of bancontact

29 november 2016 Siebrand Krul

‘Flappen tappen’ in Nederland, ‘geld afhalen’ in Vlaanderen, inmiddels vertrouwde woorden waarmee het elektronisch opnemen van geld wordt bedoeld. In de afgelopen kwart eeuw is er op dat gebied veel veranderd. Moesten we vroeger voor contant geld in de rij voor kasloketten van de banken staan, vandaag de dag is het hoogtepunt van geldautomaten alweer geweest. Zeker onder de jeugd raakt contant geld helemaal uit de mode, en dus op den duur ook de automaten.

De van oorsprong Armeense uitvinder Luther George Simjian geldt als de geestelijke vader van de geldmachine. In 1959 patenteerde hij zijn ‘teller machine’, een toestel waarmee geld kon worden opgenomen. Een New Yorkse bank durfde de proef aan. Het draaide uit op een teleurstelling. Bijna niemand had interesse, behalve een paar gokkers en prostituees die de anonimiteit van de machine wel konden waarderen.
Juist in die tijd verloor de bank zijn elitaire karakter. In rap tempo werd het hebben van een rekening gemeengoed. Lonen werden niet meer contant in een envelop uitbetaald (het beroemde loonzakje) maar discreet op een bankrekening bijgeschreven. Door de massale toestroom van nieuwe klanten kregen de banken het steeds drukker. Een machine waarmee zonder tussenkomst van personeel geld kon worden opgenomen zou een hele rij aan de loketten schelen.

 

De eerste geldautomaten van de Postbank werkten met een ‘geldkaart’, eigenlijk de eerste Nederlandse pinpas.

De eerste geldautomaten van de Postbank werkten met een ‘geldkaart’, eigenlijk de eerste Nederlandse pinpas.

Weekendje wild stappen
Het rustige Enfield in Noord-Londen kreeg de primeur. Op 26 juni 1967 werd daar in de muur van de Barclays Bank de allereerste elektronisch aangestuurde geldautomaat ter wereld in gebruik genomen. De machine was ontwikkeld door John Shepherd-Barron, in dienst van De La Rue Instruments. Na het invoeren van een soort van papieren cheque floepte een biljet uit een gleuf. Daarvoor moest ook nog een viercijferige code worden ingetoetst. Oorspronkelijk waren dat er zes, maar nadat zijn vrouw hem had verzekerd dat zij onmogelijk meer dan vier cijfers kon onthouden vereenvoudigde Sheperd-Barron begripvol de code. Om helemaal op veilig te spelen was de cheque voor extra controle bovendien geïmpregneerd met een klein beetje radioactief carbon-14. Gevaarlijk? Volgens Shepherd pas wanneer je er minstens 136.000 opat. De automaat verstrekte één biljet van tien pond per keer. Een bedrag dat toen beschouwd werd als meer dan genoeg voor een weekendje wild stappen.
Ook elders werd de geldautomaat uitgeprobeerd. De Postgiro startte in 1968 een proef met een machine op het hoofdpostkantoor van Amsterdam. De automaat werkte met een ponskaart en code. In Brussel werden in 1969 een aantal ‘Bankomaat’-terminals geplaatst. Hoewel die automaat state of the art was, weigerde deze bij de perspresentatie toch jammerlijk dienst. De overlevering wil dat een inventieve bankklerk zich vervolgens verdekt achter de machine opstelde en zelf de biljetten door de gleuf naar buiten duwde…

 

Een plaquette aan de gevel van de Barclays Bank in Enfield herinnert aan de eerste operationele betaalautomaat ter wereld.

Een plaquette aan de gevel van de Barclays Bank in Enfield herinnert aan de eerste operationele betaalautomaat ter wereld.

Publieksreactie
Ondertussen werd de klantendruk almaar groter. Toen een nieuwe generatie geldautomaten zich aandiende was de tijd rijp voor de grote doorbraak. In Nederland nam de Amsterdamse Gemeentegiro het voortouw. Deze bank liet in 1976 verspreid over de stad dertien online geldautomaten plaatsten. Met de nieuwe machines kon het actuele saldo van de gebruiker meteen worden vastgesteld. Daarvoor had je een van een magneetstrip voorziene ‘geldkaart’ nodig, de voorloper van de huidige pinpas. Destijds toonde girodirecteur J.H. Stofkoper, in weerwil van zijn naam, zich opvallend visionair. Hij voorspelde dat de komst van de automaat nog maar het begin was van een revolutie in het geldverkeer die onontkoombaar zou leiden tot een geheel elektronisch betalingssysteem. Hij sloeg, zo weten wij nu, de spijker op de kop.
Ook in België zat men niet stil. Daar werd in 1979 begonnen met de voorzichtige introductie van de nieuwe systemen mister cash en bankcontact. Naar het lijkt op hoop van zegen. Een betrokken bankmedewerker herinnerde zich tenminste: ‘We hadden niet de indruk dat het grote publiek rijp was voor het concept. We hadden ook geen idee hoe de nieuwe dienst zou worden onthaald’.
Maar de sprong in het duister pakte goed uit. De nieuwe automaten werden een groot succes. Natuurlijk was er ook scepsis. Toen in 1987 een oudere Amsterdamse heer werd gevraagd waarom hij geen gebruik maakte van de geldautomaat maar liever voor het loket in de rij stond, antwoorde deze vol vuur: ‘Ik wil geen geld uit de muur halen, ik wil geld van die lieve juffrouw achter de balie!’

 

Onder grote publieke belangstelling nam de Britse acteur Reg Varney, destijds bekend van de comedyserie ‘On the Buses’ (in Nederland als ‘Dubbeldekkers’ op het scherm) in 1967 in Enfield de eerste geldautomaat ter wereld in gebruik.

Onder grote publieke belangstelling nam de Britse acteur Reg Varney, destijds bekend van de comedyserie ‘On the Buses’ (in Nederland als ‘Dubbeldekkers’ op het scherm) in 1967 in Enfield de eerste geldautomaat ter wereld in gebruik.

Pincode onthouden
In Nederland duurde het nog tot 1982 voordat ook andere banken dan de Postbank geldautomaten in gebruik namen. Moest eerst nog een automaat van de eigen bank worden opgezocht, later verviel dat onderscheid. Niet iedereen kreeg zomaar een pinpas. Daarbij heerste een zekere willekeur. Bij de Nederlandse Rabobank bijvoorbeeld moest je een maandelijks inkomen van minstens tweeduizend gulden hebben en over een ‘gezonde financiële moraal’ beschikken. Volgens de bank was daar niets raars aan: ‘Mensen die wij regelmatig moeten bijsturen, krijgen het op dit moment nog niet. Da’s ook logisch.’.
Er was huiver dat vooral oudere mensen de pincode van de bankpas niet zouden kunnen onthouden. Deze groep werd overladen met goedbedoelde tips, trucs, ezelbruggetjes, handige apparaatjes, ja zelfs cursussen waarmee de code kon worden onthouden.
Veiligheid was ook een issue. Op straat geld pinnen, was dat niet vragen om beroving? Ook de automaten zelf werden een doelwit: het woord plofkraak werd gemeengoed.
Het duurde nog tot in de jaren negentig voordat er in België en Nederland een landelijk dekkend netwerk van betaalautomaten was. Toen was er ook geen houden meer aan. Iedereen kreeg zijn pasje, of hij wilde of niet. Helemaal toen ook betaalautomaten in de winkels kwamen te staan en je met de bankpas zonder contanten af kon rekenen. Contant geld is ondertussen hard op weg geschiedenis te worden; het aantal pinautomaten daalt alweer. Maar dat verdient een eigen verhaal.
(Harry Stalknecht)

Lees nog veel meer boeiende geschiedenisartikelen in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts 5,50 euro!

 

(Openingsbeeld: De geldautomaat heeft een minder dan 25 jaar de hele wereld weten te veroveren. Zelfs op Antarctica staat er een. Hier een lange rij wachtenden in de stad Leh, genesteld tegen de Himalaya.)


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder