Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Belegering van Constantinopel

25 juli 2016 Siebrand Krul

In Istanbul, nabij de Poort van de Heilige Romanus, waar de Ottomanen de eerste bres in de stadsmuur sloegen, is een nieuw historisch museum ingericht met slechts één blikvanger: een enorm panorama-schilderij, 3.000 vierkante meter. Het verheerlijkt de verovering door de Ottomanen van de stad op de Byzantijnen, in 1453. Het is een nieuwe stap van Erdogans streven om aan te sluiten bij een glorierijk Ottomaans verleden, en daarmee afstand te nemen van de verwestering en verwereldsing van Kemal Atatürk.

In de 19de eeuw waren panorama’s ongekend populair. Er werd zelfs beweerd dat er in Europa een eigenaardige ziekte rondwaarde: de panoramanie. Deze rage begon al aan het eind van de 18de eeuw en bereikte in 1816 een voorlopig hoogtepunt met een panoramische verbeelding van de Slag bij Waterloo. ‘Op het terrein’, aldus een verslaggever in de Nederlandsche Staatscourant, ‘is alles zuivere waarheid: elk dorp, elk bosch, elk kasteel, elke boom staat volmaakt op deszelfs eigen plaats, en al de wegen hebben hunne juiste strekking, slingering, rijzing, breedte en diepte.’ Ook de legers en hun posities waren met dezelfde nauwkeurigheid weergegeven. De maker van dit panorama had het slagveld bezocht en bij betrokkenen technische informatie ingewonnen waardoor het aannemelijk is dat hij inderdaad dicht in de buurt van de ‘zuivere waarheid’ kwam.
De Slag bij Waterloo was niet het enige historische sleutelmoment dat kort daarna als een panorama een commercieel succes werd. Ook de zeeslag die in 1816 bij Algiers werd uitgevochten, werd tien jaar later als een beweegbaar panorama een kaskraker (alleen al in Amsterdam trok de voorstelling 53.600 bezoekers, die daarvoor vijftig cent of een gulden entree – toen ongeveer een modaal dagloon – moesten neertellen). In de loop van de 19de eeuw bouwden investeerders in verschillende steden speciale panoramagebouwen (zoals in Londen, Parijs, Kopenhagen en Amsterdam).

 

Panorama-wb2

Werkelijkheid en fantasie

In het in 1880 geopende Amsterdamse panorama (gevestigd tegenover de hoofdingang van Artis) was ook een historische gebeurtenis verbeeld: het beleg van Haarlem in 1572. In dit panorama zorgde een visuele innovatie, aldus architectuurhistoricus Auke van der Woud, voor een ‘nieuwe kijkervaring’. Hier was de ruimte tussen het schilderij en de kijkers met echte voorwerpen als een driedimensionaal landschap ingericht. Er stonden legertenten en gebouwen met echte wapens, er was echte zandgrond met planten en kale bomen. ‘De groote vraag voor den toeschouwer is: waar de werkelijkheid ophoudt en het schilderwerk begint,’ schreef een journalist van het Algemeen Handelsblad.
De uiterste houdbaarheidsdatum van de meeste 19de-eeuwse panoramaschilderingen was echter beperkt (ook de investeringsmaatschappij die aanvankelijk Panorama Mesdag exploiteerde, ging na een paar jaar failliet). Vandaag de dag is het mogelijk om in ongeveer dertig musea een panorama te bekijken. Veldslagen of andere militaire confrontaties zijn het favoriete thema (behalve de onvermijdelijke Slag bij Waterloo, ook de intocht van Napoleon in Moskou en een veldslag uit de Krimoorlog). De nieuwste loot aan de panoramastam bloeit sinds 2009 in Istanbul: Panorama 1453.

 

Panorama-wb5

Istanbul

Op de plaats waar eerst een groot busstation was gevestigd – net buiten de oude stadsmuren van Constantinopel – verrees het nieuwe historisch museum ingericht met slechts één enorme blikvanger. Maar wel eentje die een bezoek aan dit museum rechtvaardigt. Vanaf het platform in het midden is een drieduizend vierkante meter groot schilderij van de val van Constantinopel te bekijken. Nergens is een breuklijn te zien: de schildering gaat overal naadloos in elkaar over, 360 graden in de rondte.
Op het schilderij, waarop ongeveer tienduizend personen zijn afgebeeld, zijn de gebeurtenissen uitgewerkt die op de beslissende dag van de belegering (29 mei 1453) zouden hebben plaatsgevonden. De Ottomaanse troepen waren op dat moment al ruim twee maanden bezig met de belegering van de hoofdstad van het eertijds zo belangrijke Byzantijnse Rijk. Ook al was op dat moment de politieke betekenis van dit rijk minimaal, het in handen hebben van Constantinopel was van niet te onderschatten strategisch belang. Deze ‘Koningin der Steden’ ligt op een kruispunt van twee belangrijke verbindingswegen: de landweg tussen Europa en Klein-Azië en de zeestraat die de Middellandse Zee met de Zwarte Zee verbindt. Bovendien beschikte Constantinopel met de Gouden Hoorn over een natuurlijke haven waarvan Griekse kolonisten uit Megara al in de 7de eeuw v.Chr. de unieke kwaliteiten ontdekt hadden.

 

Panorama-wb3

Twaalf meter hoog, vijf meter dik

De belegering in 1453 was er een uit een lange rij. Geen stad ter wereld heeft met succes zoveel belegeringen doorstaan als Constantinopel. De Perzen, de Goten, de Hunnen, de Arabieren, de Bulgaren en de Russen: allemaal deden ze vergeefse pogingen om door de muren van Constantinopel heen te breken. Driekwart van de stad is met water omringd. Alleen aan de westelijke zijde was een kunstmatige verdediging noodzakelijk. Hier was van noord naar zuid een ruim zes kilometer lange en uit drie elementen bestaande verdedigingslinie gebouwd. Aan de stadzijde bestond deze uit de hoofdmuur, die twaalf meter hoog en vijf meter dik was. Daarvoor lag een buitenmuur, die ‘slechts’ acht à negen meter hoog en twee meter dik was. In zowel de hoofdmuur als in de buitenmuur stonden torens (meestal vierkant van vorm, maar er waren ook zes- of achthoekige torens), op onregelmatige afstand van elkaar, afhankelijk van het reliëf. Twintig meter voor de buitenmuur was ter verdediging van de stad een gracht gegraven. Met een breedte van twintig meter en diepte van tien meter was deze gracht alleen al een nauwelijks te nemen hindernis.

 

Panorama-wb4

Mehmets reuzenkanonnen

Nadat de Ottomanen in 1422 al eens een vergeefse poging ondernomen hadden om de stad in te nemen, maakte Mehmet II meteen na zijn machtsovername in 1451 duidelijk wat hij wilde. Hij wilde als de nieuwe Alexander de Grote de geschiedenis ingaan. Zijn eerste stap zou de inname van Constantinopel moeten zijn. Aan de belegering was een lange tijd van voorbereiding vooraf gegaan. Voor een deel bestond deze uit de aanleg van tal van wegen naar de te begeren stad om alle troepen, materieel en voedselvoorraden snel en veilig te kunnen verplaatsen. En vooral dat materiaal – in dit geval: de kanonnen – zou het beslissende verschil uitmaken. In de 14de en 15de eeuw slaagden overal in Europa kanonnengieters erin om steeds grotere en betere kanonnen te maken. Steden en stadstaten probeerden elkaar met nog grotere exemplaren te overtreffen; de in 1431 vervaardigde ruim vijf meter lange Dulle Griet uit Gent is momenteel zelfs een beschermd monument.

Stormaanval

De uit Hongarije afkomstige Orban had zich in het tweede kwart van de 15de eeuw tot dé specialist op dit gebied ontwikkeld. Nadat hij zijn kanonnen eerst aan de Byzantijnen had aangeboden, was sultan Mehmet bereid het viervoudige van de prijs te betalen. En om duidelijk te maken dat hij de belegering serieus wilde gaan aanpakken, bestelde hij meteen dertien exemplaren van deze reuzenkanonnen. Het grootste exemplaar was acht meter lang, had een diameter van 75 cm en woog bijna zeventien ton. Met deze kanonnen konden granieten kogels van 700 kilo afgeschoten worden. Er waren driehonderd landarbeiders van het Anatolische platteland en honderdveertig ossen nodig om één kanon op de plaats van bestemming te krijgen. Het duurde een paar weken voordat de kanonnen goed waren afgesteld. Daarna kon het bombardement beginnen. Hiervan moet overigens geen overdreven voorstelling gemaakt worden omdat de kanonnen maar een paar schoten per dag konden afvuren (in de bronnen worden twee à zeven schoten per kanon per dag genoemd). In het begin konden de verdedigers ’s nachts de gaten in de muren nog provisorisch herstellen. Maar na twee maanden was de weerstand gebroken. Op 29 mei 1453 voerden de belegeraars een succesvolle stormaanval uit. In de namiddag reed Mehmet II op een wit paard de stad binnen. Volgens de overlevering zou hij naar de Haghia Sophia zijn gereden, waar hij uit deemoed voor God wat zand over zijn hoofd zou hebben uitgestrooid. Omdat de stad zich niet had overgegeven, mochten de overwinnaars de stad drie dagen lang plunderen. Het gros van de inwoners werd gedood of in slavernij afgevoerd.
(Cor van der Heijden)

Lees de rest van het artikel, en nog veel meer nieuwe verhalen over de Beeldenstorm van 1566 in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder