Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Het Waldorf Astoria

19 april 2016 Siebrand Krul

Het dubbele verbindingsstreepje in ‘Waldorf=Astoria’ in de tweede helft van de 20ste eeuw symboliseert de bijzondere ontstaansgeschiedenis van het beroemdste hotel van New York. In 1893 opende het Waldorf Hotel, in 1897 gevolgd door het Astoria Hotel, vlak ernaast. Tussenbeide lag Peacock Alley, zo genoemd omdat society-dames er flaneerden om gezien te worden. De fusie resulteerde in het grootste hotel van de wereld, vanaf 1931 aan Park Avenue.

Hij wil dat zijn tante haar plaats kent: letterlijk in de schaduw van de tak van de familie die zichzelf beschouwt als de enig ware Astors. Daarom laat William Waldorf Astor een hotel bouwen van dertien verdiepingen, hoog genoeg om het zonlicht weg te nemen van het huis van tante Caroline en haar zoon John Jakob Astor. Williams eigen huis op de hoek van Fifth Avenue en 33rd Street wordt ervoor afgebroken en op die plek verrijst het modernste en allerbeste hotel van de eeuw.
De ruzie wortelt in het feit dat tante Caroline Webster Schermerhorn Astor, echtgenote van William Backhouse Astor Jr. zich opwerpt als ongekroonde koningin van de salons en gala’s in het New York van haar tijd. Om haar positie als first lady in societykringen te benadrukken, laat ze visitekaartjes drukken waar alleen maar ‘Mrs Astor’ op staat. Daarmee stelt ze Mary Dahlgren Paul, echtgenote van pater familias William Waldorf Astor, de eigenlijke ‘Mrs Astor’, in de schaduw. William stort zich in de strijd en laat ook voor zíjn vrouw visitekaartjes met ‘Mrs Astor’ drukken. Dat is smullen voor de New Yorkse high societyvolgers die een grote belangstelling aan de dag leggen voor de steenrijke familie, die eind 19de eeuw zo’n vijf procent van de grond in New York bezit.

 

Typisch tijdsbeeld van booming Amerika in de jaren dertig: de werklieden krijgen een lunch volgens Waldorf-Astoria maatstaven.

Typisch tijdsbeeld van booming Amerika in de jaren dertig: de werklieden krijgen een lunch volgens Waldorf-Astoria maatstaven.

Eerstgeboorterecht
Familieruzies zijn geen nieuw fenomeen bij de Astors. Ook de vaders en grootvaders ruzieden al over hoe ze tijdens de Burgeroorlog de troepen van Lincoln het best konden helpen en welk onheil dit conflict over de familiezaken zou kunnen brengen. Het eerstgeboorterecht, binnen de familie een heilig principe, maakte alles nog een stukje erger. En dat terwijl grondlegger Johann Jakob, de rijkste man van Amerika, bij zijn dood op 29 maart 1848 genoeg geld naliet voor alle Astors bij elkaar.

 

Het hotel (links) in 1899.

Het hotel (links) in 1899.

Johann Jakob Astor was de zoon van een slager. Als zesde van twaalf kinderen en halfwees trok hij uit het Duitse dorp Walldorf in Baden de wijde wereld in. Nee, het leven moest meer te bieden hebben dan het geschreeuw van varkens die geslacht werden, de geur van warm bloed, de benauwdheid van de ouderlijke woning en de klappen van zijn vader als hij dronken thuiskwam uit de herberg. In Walldorf met zijn 900 inwoners had hij geen toekomst. Zijn broers hadden het hem voorgedaan: Georg was naar Londen vertrokken en Heinrich had als slager in New York zijn geluk beproefd.

 

Het hotel kon grote gezelschappen met allure ontvangen.

Het hotel kon grote gezelschappen met allure ontvangen.

Geld verdienen
In de brieven van zijn broers had hij gelezen hoe ze een welvarend bestaan opbouwden. Johann Jakob besefte dat hij met hard werken en wilskracht alles kon bereiken. Hij koesterde deze gedachte vanaf het moment dat hij vertrok: zowel bij zijn broer in Londen, die hij hielp bij het bouwen en verkopen van instrumenten, als toen hij in 1783 aan boord van de ‘North Carolina’ koers zette richting Amerika. Tijdens de overtocht sprak hij een bonthandelaar die hem adviseerde hetzelfde te gaan doen, omdat er met huiden veel geld viel te verdienen, vooral als hij ze kocht van de oorspronkelijke bewoners van Amerika.
In New York, want dat was het doel van zijn reis, begon zijn carrière: van verkoper van brood en banket tot bonthandelaar. Daarnaast verkocht hij tot 1802 ook instrumenten voor zijn broer, maar de bonthandel was lucratiever. Talloze reizen naar het westen en noorden leverden hem een vermogen op en bezorgden hem een monopoliepositie; de indianen kregen in ruil alcohol, goedkope sieraden en textiel. Zijn Amerikaanse bedrijf verkocht het bont door naar Londen en China. Het verhaal gaat dat Johanns eigen schepen, die onder een witte vlag met een rode ‘A’ voeren, op de terugreis niet alleen thee en porselein vervoerden maar ook opium. Later investeerde Johann Jakob zijn geld in grond, in de zekerheid dat New York door dromers als hijzelf altijd zou blijven groeien.

 

De sleutelbewaarder van het hotel in 1940.

De sleutelbewaarder van het hotel in 1940.

High society
In 1834 liet hij het ‘Astor House’ bouwen, de voorganger van het ‘Waldorf Astoria’, een bijzonder modern en luxueus hotel. Het had meer dan 300 kamers, uitgevoerd in zwart notenhout, en zeventien badkamers met gratis zeep. Voor het verzorgen van kleding en schoenen van de gasten waren speciale bedienden en op de benedenverdieping vestigden zich kappers en kleermakers. Johanns erfgenamen deden net als hij: ze kochten grond, bij voorkeur op hoeken van straten, die ze verpachtten en waarmee ze veel geld verdienden.

 

De zogenoemde Zilveren Corridor van Waldorf Astoria New York.

De zogenoemde Zilveren Corridor van Waldorf Astoria New York.

Op 24 maart 1893 opent William Waldorf Astor zijn hotel ‘Waldorf’, met 400 kamers, antieke meubels en nouveautés als elektriciteit, room service en privé badkamers. In de balzalen viert de high society van New York feest, want ook niet-overnachtende gasten zijn er welkom, evenals – en ook dat is nooit eerder vertoond – dames zonder herenbegeleiding.
Vier jaar na de opening van het ‘Waldorf’ volgt het ‘Astor’. Het gerucht gaat dat John Jacob er een koestal wilde neerzetten om de gasten uit het ‘Waldorf’, het hotel van zijn neef, te verjagen.
(Janina Lingenberg)

 

(Openingsbeeld: De lobby van Waldorf Astoria New York.)

Lees de rest van dit boeiende artikel in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder