Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Jan Hus moet branden!

06 augustus 2015 Siebrand Krul

De Boheemse theoloog Jan Hus moest zich voor zijn leerstellingen op het Concilie van Konstanz verantwoorden. Zijn ideeën brachten hem op de brandstapel, maar bleven niet zonder gevolgen. Is Jan Hus, om wie in Bohemen zo veel te doen is, een ketter? De beslissing over deze vraag valt op 6 juli 1415 in de dom van Konstanz. Daar beraadslaagt het concilie niet alleen over de unificatie en hervorming van de kerk, maar buigt het zich ook over de zogeheten causa fidei – geloofsaangelegenheden in de breedste zin van het woord – ter bewaring van de katholieke leer.

En het besluit: de godgeleerde en kerkhervormer is inderdaad een haereticus, een ketter. De aanklagers hebben het zich niet makkelijk gemaakt en hebben de Praagse reformator, die op 3 november 1414 in Konstanz aankwam en drie weken later in een dominicanenklooster gevangen gezet werd, wel degelijk een aanbod gedaan. Als hij zich nou maar onderwierp aan de moederkerk, maar nee – de Bohemer gaf geen krimp, juist omdat hij het gelijk aan zijn kant meende te hebben. Maar op deze julimorgen pakt men door en rukt de voormalig rector van de Praagse universiteit het priestergewaad van het lijf, nadat hij zijn laatste kans op herroeping voorbij heeft laten gaan. Daarna voert men hem in ketenen naar de plaats van de openbare terechtstelling. In zijn ‘Kroniek 1418’ schrijft Ulrich Richental over de dood van Hus: ‘Toen greep de beul hem en bond hem aan een paal. De man hees hem op een voetenbankje, stapelde hout en stro rondom hem, goot daar wat pek over en stak er de brand in. Toen begon hij luid te schreeuwen en was weldra verbrand.’

Jan-Hus-wb3

Hussietenoorlogen

Na deze gruwelijke dood lijkt het dossier Johannes Hus weggeborgen te kunnen worden. Hoe hadden de conciliegangers rond koning Sigismund ook kunnen bevroeden dat ruim vier jaar later, in 1419, in Bohemen een opstand van Hussieten zou uitbreken, die zich als volgelingen van de kerkhervormer beschouwden? Te vuur en te zwaard streden ze voor een rechtvaardiger maatschappij en voor een kerk die arm, volks en onafhankelijk van Rome was. De troebelen zouden als ‘Hussietenoorlogen’ de geschiedenis ingaan. En al is het op deze zomermorgen nog lang niet zover, toch dringt zich de vraag op waarvoor Jan Hus dan wel stond, dat hele volksmassa’s zich later op hem beriepen.
Voor een antwoord moeten we terug naar het Praag van 1402. De kerk die toen in het midden van de stad stond, was bijna onooglijk, zonder enige opsmuk. Maar deze Bethlehemskapel werd druk bezocht en was een haard van verzet tegen de officiële kerk. De mensen stroomden toe om een bijzonder welbespraakt man te horen vertellen over de veranderingen die de christelijke kerk dringend moest ondergaan: Jan Hus, rond 1370 geboren in Husinec en gegrepen door de hervormingsgezinde geloofsijver van zijn tijd.

Transsubstantiatieleer

Allen die in het vroeg 15de-eeuwse Praag werk wilden maken van hervormingen, hielden zich bezig met het gedachtegoed van de in 1384 overleden John Wyclif. Die had in zijn tijd trouwens als het nodige opzien gebaard met zijn nee tegen de pauselijke almacht en zijn pleidooi voor een nationale kerkorganisatie, maar meer nog met zijn uitvallen tegen de verdorvenheid, verwereldlijking en hebzucht van de clerus. Hij had zich ook gekeerd tegen de transsubstantiatieleer, die wil dat brood en wijn tijdens het Avondmaal daadwerkelijk in het lichaam en bloed van Christus veranderen. Daar tegenover stelde hij een grotere trouw aan de christelijke openbaring, het Nieuwe Testament. Wyclifs stellingen bleven niet onweersproken. Al in 1382 merkte een bisschoppensynode in Oxford een aantal ervan aan als ‚ketters’. Voor Hus en zijn aanhangers deed dat niets af aan de autoriteit van Wyclif. Integendeel, de man die de excommunicatie vooralsnog bespaard was gebleven, genoot onder hen een grote populariteit. Zij namen zijn standpunten grotendeels over en bouwden erop voort. In de ogen van Hus had de kerk zich door het vergaren van rijkdommen, eigen wetten te stellen en zich te mengen in wereldlijke aangelegenheden, ver verwijderd van haar eigenlijke taken. Een herbezinning op de wortels en dus het evangelie luidde het devies van de Pragers, die enkel nog het Woord van God wilden laten gelden.

De verbranding van Jan Hus. Uit de Spiezer Kroniek van 1485. De verbranding is vele malen getekend. Ondanks zijn spectaculaire dood werd Hus lang zo'n bekende hervormer niet als Maarten Luther.

De verbranding van Jan Hus. Uit de Spiezer Kroniek van 1485. De verbranding is vele malen getekend. Ondanks zijn spectaculaire dood werd Hus lang zo’n bekende hervormer niet als Maarten Luther.

Verhitte gemoederen

Die overtuiging en het feit dat zij in de Tsjechische landstaal gepredikt werd, veranderden natuurlijk ook de opvatting van de rol van de priester, wiens rol zij vooral zagen als nederig verkondiger in dienst van de gelovigen. De wijdverbreide praktijk van de handel in aflaten was daarmee natuurlijk volkomen in tegenspraak. We kunnen er gevoeglijk van uitgaan dat Jan Hus en de andere Boheemse reformatoren in Praag grote weerklank vonden. De Bethlehemskapel werd druk bezocht en naast tal van edellieden vertoonde zelfs de koningin van Bohemen zich er af en toe. Op ongedeelde bijval konden de hervormers echter ook in Praag niet rekenen.
De frontale aanval op de officiële kerk zat veel van Hus’ collega’s aan de Karelsuniversiteit niet lekker. Het kwam tot twisten, waarbij de vernieuwers zeker ook steun uit universitaire kringen kregen. De gemoederen raakten nog verder verhit toen de universiteit door het vertrek van buitenlandse docenten, waarvoor elk zijn redenen had, een steeds nationaler, Boheems karakter kreeg. Aangezien de leer van Hus, die vanaf 1409 rector van de universiteit was, groot belang hechtte aan prediking in de volkstaal, raakte zij meer en meer ingebed in opkomende nationalistische en sociaalrevolutionaire bewegingen. In dit klimaat kwam het tot daden van geweld tegen welgestelde Duitsers die in Praag woonden. Daarmee was voor de aartsbisschop van Praag, die Hus en zijn geestverwanten verantwoordelijk hield voor de onlusten, de maat vol. De geschriften van Wyclif gingen op de brandstapel en de rector moest de wijk nemen naar het platteland, waar hij niet alleen verderging met preken, maar ook, rond 1413, naar de pen greep. Nu ontstond zijn voornaamste werk, De Ecclesia (‘Over de geloofsgemeenschap’), waarin hij wederom geen blad voor de mond nam en zijn lezers probeerde duidelijk te maken dat een rechtgeaard christen zich tegen de paus mocht keren, als diens levenswandel niet in overeenstemming was met het christelijk recht – een mening die niet zonder gevolgen zou blijven.

Het monument voor de Boheemse hervormer Jan Hus in Praag.

Het monument voor de Boheemse hervormer Jan Hus in Praag.

Vrijgeleide

In oktober 1414 vertrok Jan Hus naar het concilie in Konstanz, de stad aan  de Bodensee. Het lijkt een vreemd besluit voor een man die zo afwijzend tegenover de officiële kerk stond. Wat had Hus er eigenlijk te zoeken? Een deel van het antwoord zou kunnen zijn dat hij met zijn ideeën op de deelnemers van het concilie in wilde werken.
Dat is hem niet gelukt, ook al werd hij als gevangene nog steeds serieus genomen door andere hervormers en bestonden zijn ondervragers uit kopstukken van het kerkelijk leven, zoals Pierre d’Ailly, Jean Gerson en Francesco Zabadritte. Maar wat onderscheidde hem van andere hervormers uit die tijd? Het concilie had zich een gematigde hervorming ten doel gesteld en streefde naar beëindiging van het Westerse Schisma, waar men in 1417 met de pauswijding van Martinus V daadwerkelijk in slaagde. Hus’ positie stak daar schril bij af. Opeens voelde men zich aan Wyclif herinnerd, die op het concilie alsnog, postuum, geëxcommuniceerd werd. Nee, de Tsjech leek met zijn terugkeer naar het oerchristendom en de inperking van de kerkelijke macht ten gunste van een herbezinning op het evangelie toch eerder uit op een omverwerping van de eeuwenoude kerktraditie. Voor het concilie was dat teveel: men wilde niet verder gaan dan Hus de mogelijkheid te bieden zijn standpunten te herroepen. Hus echter toonde zich allerminst inschikkelijk, ook al wist hij dat de vrijgeleide van koning Sigismund uit oktober 1414 zijn huid niet zou kunnen redden. En dus vond hij de dood op de brandstapel. Hetzelfde lot onderging overigens zijn vriend en medestrijder, Hiëronymus van Praag, die hem gevolgd was en op 30 mei 1416 eveneens verbrand werd.

Vergelijking met Luther

Wat bleef er over van Hus’ levenswerk? Wie zich met Martin Luther, de grote 16de-eeuwse Duitse hervormer, bezighoudt, stelt al snel vast dat die zich nauw met Jan Hus verbonden voelde en leest wellicht hoe Luther in een brief uit 1519 zelfs als de ‘Saksische Hus’ aangeduid wordt. Het gaat hier bepaald niet om een oppervlakkige gelijkenis, aangezien beide hervormers uit waren op een aantasting van de kerkelijke hiërarchie, een terugdringing van het Latijn in de eredienst, waardoor de positie van de gelovigen versterkt werd. Het voornaamste verschil is dat Martin Luther ruim een eeuw later aanzienlijk meer succes had…
(Stephan Scholz)
(Illustratie: Hus verantwoordt zich voor het Concilie van Konstanz. Ondanks een vrijgeleide wacht hem het doodvonnis.)

Lees nog veel meer artikelen over het beroemde Concilie van Konstanz in de nieuwe G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder