Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Zomerresidentie of godenstad?

07 oktober 2014 Siebrand Krul

Bij een ondergegaan rijk hoort ook een raadselachtige 'verdwenen stad'. Deze rol leek voor de Inca's de in 1911 herontdekte bergnederzetting Machu Picchu op het lijf geschreven. Een koude regen daalde neer op het nauwe, diepe dal van de Urubamba. In de dichte mist waren de anders zo groene bergen nauwelijks nog te zien. Meter voor meter baande het onderzoeksteam uit Yale zich een weg door het dichte oerwoud. De bodem was zo nat en glibberig, dat men hier en daar moest kruipen en zich met zijn vingernagels in de grond vastgrijpen, zo vertelt expeditieleider Hiram Bingham over de moeizame bergtocht naar Machu Picchu in 1911. Maar eenmaal aangekomen geloofden de onderzoekers hun ogen niet en waren ze buiten zichzelf van blijdschap: 'Huizen, tientallen gebouwen … tempels, Inca-paleizen! Nog nooit heb ik zo voortreffelijk gebouwde muren gezien, zo perfect behouwen monolieten!' Ze hadden hun 'verdwenen stad' gevonden.

 

Na 1907 en 1909 was dit Binghams derde Zuid-Amerikareis op zoek naar onbekende Inca-ruïnes. De beslissende tip over het bestaan en de ligging van Machu Picchu kreeg hij in de oude Inca-hoofdstad Cuzco. Het was trouwens dezelfde informatie die de Fransman Charles Wiener veertig jaar eerder had gekregen en het is dus stom toeval dat Machu Picchu al niet eerder ontdekt werd. Maar Wiener had zich bij de lokalisering verrekend en liep onder de stad door zonder deze op te merken. Toen Bingham met zijn gezelschap uit Cuzco vertrok, stuitte hij in Torontoy op Melchor Arteaga. Deze oude indio had over ruïnes in de omgeving gehoord en kon het gezelschap het juiste pad wijzen.

 

Textiele Inca-kunst.

Textiele Inca-kunst.

 

Buitenverblijf
Machu Picchu ligt op bijna 2.500 meter hoogte, zo‘n 75 kilometer ten noordwesten van Cuzco op een granietrots boven het dal van de Urubamba. De stad strekt zich uit over de bergrug, Picchu geheten, tussen de beide rotsen Wayna (metaforisch: ‘de jongere’) en Machu (‘de oude’). Haar naam is dus een pure plaatsaanduiding. Machu Picchu werd rond het midden van de 15de eeuw gebouwd door de Inca-vorst Pachacutec Yupanqui. De nederzetting was een van  de buitenverblijven die Pachacutec in het Urubambadal liet bouwen. Om vruchtbare landbouwgrond te verkrijgen liet hij daarbij zelfs de loop van de Urubamba verleggen. Zulke buitenverblijven waren heel gebruikelijk als lustoord en vormden een goede gelegenheid om van een klimaat te genieten dat milder was dan in de 1.000 meter hoger gelegen hoofdstad Cuzco.
Omdat lange tijd onduidelijk was welk doel Machu Picchu diende, werd er druk gespeculeerd – kiemcel van de Inca-beschaving, toevluchtsoord van zonnepriesteressen, of misschien het laatste bolwerk tegen de Spanjaarden? Helaas, bij de huidige stand van kennis geldt het allemaal als uitgesloten.

 

Detail van de beroemde Machu Picchu,

Detail van de beroemde Machu Picchu,

 

400.000 liter per dag
De bebouwing van de stad heeft een oppervlak van 100 hectare en omvatte 200 huizen, waarvan er 150 als woon-verblijf dienden, permanent bewoond door 600 mensen. Hun taak was het de stad gereed te houden voor de komst van Pachacutec Yupanqui en de bevoorrading veilig te stellen. Want als de vorst met zijn gevolg uit Cuzco overkwam, moest Machu Picchu 2.000 mensen kunnen herbergen en voeden. De benodigde voedingsmiddelen zoals maïs, aardappelen, quinoa en pinda’s werden op de grote bergterrassen ten westen van de stad geteeld. Voor de irrigatie zorgden drie nabijgelegen bronnen. Via leidingen werd het water naar de akkers geleid en naar zestien publiek toegankelijke bekkens in het stadscentrum. Dagelijks stroomde er een kleine 400.000 liter water doorheen.
Naar structuur en indeling is Machu Picchu een verkleinde versie van Cuzco en het staat net als de hoofdstad in het teken van het dualistische wereldbeeld van de Inca‘s. Zelfs bij de bouw van een buitenverblijf wilde men kennelijk zijn voorstellingen omtrent macht en de juiste maatschappijvorm tot uitdrukking brengen.

 

Standbeeld van de Sapa Inca in Aguas Calientes, in Peru, nabij de Machu Picchu.

Standbeeld van de Sapa Inca in Aguas Calientes, in Peru, nabij de Machu Picchu.

 

Koninklijke residentie
In het midden van de stad ligt de Inti Pampa, het Grote Plein, ook wel ‘Plein van de Zon’ genoemd. Als elk plein zal het voor samenkomsten gediend hebben, maar opvallender is dat het Machu Picchu scheidt in een boven- en een benedenstad. Deze laatste, zuidelijke, omvat het grootste deel van de bebouwing, bestaande uit woonhuizen en werkplaatsen. Ten noorden en noordwesten van het grote plein strekt zich de bovenstad uit. Hier bevinden zich de koninklijke residentie en het tempelcomplex. De residentie bestaat niet uit een gebouw, maar is veeleer een vrij bescheiden ensemble van twaalf gebouwen, centraal gelegen in het noordwestelijk deel van de stad. Men vermoedt dat dit het onderkomen van Pachacutec Yupanqui vormde.
Het noordelijk stadsdeel had een gewijd karakter en bestond uit verscheidene tempels, priesterverblijven, het Heilige Plein en het zonneobservatorium. Dat observatorium (Inti Watana) was uitsluitend via een indirecte toegang te bereiken, om ontwijding tegen te gaan. Tevens was dit het hoogstgelegen punt in Machu Picchu. Zo hadden de Inca‘s uitzicht over het omringende bergland, waar hun drie belangrijkste heilige bergen hun direct voor ogen stonden: de Salcantay, de Veronica en de Yanantin. In het midden van de Inti Watana bevindt zich een zonnewijzer waaraan de Inca‘s het zonnejaar tot op de dag precies konden aflezen en waarmee ze de zonnewendes konden berekenen.
Dominik Feldmann

Lees de rest van dit spannende artikel in de nieuwste G-GESCHIEDENIS. Nu overal te koop voor slechts 5,50 euro!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder