Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Revolutie in chirurgie

07 oktober 2014 Siebrand Krul

Chirurgie is geen onderwerp waar mensen graag over nadenken, laat staan beelden bij zien. Toch is de geschiedenis ervan spectaculair en belangrijk genoeg om bijvoorbeeld de grote invloed van dokter Thomas Dent Mütter (1811-1859) onder het licht te houden. Vóór zijn tijd was chirurgie een levensgevaarlijk en pijnlijk ingrijpen, Mütter is de man die de professie een beslissende draai gaf. Nuttig nu we zoveel aandacht hebben voor de anatoom Vesalius.

Dr. Thomas Dent Mütters verhaal is niet zo verrassend als we weten dat een man geen medische kwalificatie nodig had om als arts te praktiseren, begin 19de eeuw in Philadelphia. Sterker nog, tot het eind van die eeuw er was niet eens een vergunning nodig. Feitelijk kon iedereen die dat wilde dokter worden. De stand van de medische wetenschap was een primitieve; van epidemieën en infecties had men amper notie. Er werd wel druk over gespeculeerd, maar oorzaken bleven in het duister gehuld. Aderlaten was nog een wijdverbreid gebruik om onverklaarbare aandoeningen te lijf te gaan. Van anestaesie had niemand gehoord. Bij een meervoudige botbreuk was de sterftekans vijftig procent.

Instrumentenkistje met amputatiegereedschap. Thomas Jefferson University Archives and Special Collections, Philadelphia.

Instrumentenkistje met amputatiegereedschap. Thomas Jefferson University Archives and Special Collections, Philadelphia.

 

 

Vriendelijk
Mütter was een ander soort arts, ook een ander soort leraar. Eind jaren dertig, Mütter was jong, slim, amitieus en gezegend met uitzonderlijke talenten, gold hij als één van de besten in zijn professie in Philadelphia, niet alleen met patiëntenbehandeling, maar ook als docent. Het was bovendien een innemende man, die met zijn vriendelijkheid snel anderen overtuigde.
Toen dokter Thomas Harris, Mütters mentor, te ziek werd om huisbezoeken af te leggen, vroeg hij Mütter om in zijn plaats te gaan. Hij werd erg geliefd en spoedig vroegen allerlei andere dokters hem in hun plaats langs patiënten te gaan. Daarmee ontwikkelde Mütter binnen enkele maanden een eigen praktijk en bouwde tegelijk een reputatie op als chirurg. Zijn toegang tot de snijruimten van de Jefferson Medical School bood hem de kans ingewikkelde technieken onder de knie te krijgen die hij in Parijs had gezien en die vooral betrekking hadden op reconstructie- en herstel-operaties.

 

Buste van Mütter door Peter Charles Reniers, jaren vijftig 19de eeuw. Colleges of the Physicians of Philadelphia

Buste van Mütter door Peter Charles Reniers, jaren vijftig 19de eeuw. Colleges of the Physicians of Philadelphia

 

Publieke chirurgie
Doordat de school gratis chirurgie aan de stedelingen bood, kreeg Mütter zijn lesmateriaal in de schoot geworpen. Voorwaarde was dat de operaties publiekelijk toegankelijk waren, zoals de lijksnijderij in de tijd van Vesalius. Mütters faam verspreidde zich snel en al gauw kreeg hij ook patiënten in een eigen praktijk. En ze kwamen van steeds verder, gevangen door de roep van zijn kundigheid. Het succes had telkens dezelfde basis: respect voor zijn vakbekwaamheid en voor zijn vriendelijkheid. Dat had zeker ook te maken met de belabberde reputatie van de beide topchirurgen die in Philidelphia doceerden. Ook had het te maken met het verzoek van drie van zijn vroegere leermeesters om hem te mogen assisteren bij ingewikkelde reconstructies. Ze wilden met eigen ogen zien hoe Mütter het voor elkaar kreeg om ernstige verwondingen nagenoeg naadloos tot een goed einde te brengen.
Het lag voor de hand om risicoloze gevallen te nemen om zo indruk te maken, maar Mütter besloot anders en selecteerde een uiterst gecompliceerde operatie en vroeg ze alle drie om hem te assisteren.

 

Vitrine in het Mütter Museum in Philadelphia. Foto Evi Numen/The College of the Physicians.

Vitrine in het Mütter Museum in Philadelphia. Foto Evi Numen/The College of the Physicians.

 

Monsterhoofd
Het moet een wonderlijk gezicht zijn geweest: mannen op de top van hun carrière naast een 29-jarige chirurg die misschien wel meer bekend was bij hun vrouwen vanwege zijn ontwikkelde goede smaak (Mütter koos bijvoorbeeld kleding die paste bij de kleur van het rijtuig waar hij die dag mee vervoerd werd). In de patiëntenstoel Nathaniël Dickey, een inwoner van Philadelphian en een goede kennis van Mütter. Dickey was intelligent, vol humor en kerngezond, behalve….  Het gezicht van de 25-jarige was dramatisch doormidden gesplitst, zijn lippen en bovenkant mond rauw en open en voortdurend hing slijm aan zijn gezicht. Dickey wilde erg graag een gezin stichten, maar bijster veel kans een vrouw te treffen die hem in deze staat als man zou liefhebben was er niet. Daar zat hij dan nu, zijn hoofd stevig vastgehouden door dokter Norris, zijn armen met repen blanke textiel aan zijn torso vastgebonden. Mütter had zijn plannen uitvoerig met Dickey doorgesproken. In de week voorafgaand aan de ingreep masseerde Mütter het gezicht van Dickey driemaal daags in een poging het hypergevoelige verhemelte minder kwetsbaar te maken. De minste of geringste oprisping van braaksel kon funest zijn voor de operatie, niet alleen vanwege het proces, maar ook doordat dan ziektekiemen zich in de open wond nestelden en verwoestend werk deden. Dat was de reden dat de patiënt nagenoeg nuchter moest zijn, een lege maag moest hebben.

 

'Man met een tumor aan zijn kaak', houtsnede van Robert Liston, met aanvullingen door Müller.

‘Man met een tumor aan zijn kaak’, houtsnede van Robert Liston, met aanvullingen door Müller.

 

Geen verdoving
Verder diende hij uiteraard doodstil te blijven zitten en zijn mond tot het uiterste open te houden. Dit vergde extreem veel van Dickey. Hij moest meer zijn dan een patiënt, meer een partner om deze ingewikkelde operatie tot een goed einde te brengen. Ook dat was een reden voor de dagelijkse massages vooraf: Mütter legde zijn plan detail na detail aan Dickey uit zodat deze niet voor verrassingen kwam te staan en ergens van zou schrikken, met mogelijk fatale gevolgen.
Maar dat is theorie. Toen Dickey eenmaal vast in zijn operatiestoel zat, omringd door tal van mensen, verstijfde hij, zijn pupillen verwijdden toen Mütter op hem afstapte. Hij zag zijn patiënt opzij kijken, naar de tafel met het instrumentarium: messen, een haak, naalden, tangen, draad, scharen, sponsjes, water, wijn, doeken en, verborgen onder een dekentje want alleen voor noodgevallen, een scherp lancet, bloedzuigers en opiaten.

Scherpe haak
De voorstelling werd als een theaterstuk aangekondigd: Mütter bedankte eerst uitvoerig zijn eminente assistenten, plaatste zich naast de patiënt, dichtbij de lichtbundel maar deze niet hinderend, en vroeg Dickey om zijn hoofd zo ver als mogelijk achterover te buigen. Hij plaatste een geruststellende hand op zijn schouder en begon.
In een ommezien was de eerste handeling gedaan, het plaatsen van een scherpe haak bovenin zijn mond om de gedeformeerde spiermassa opzij te drukken. De assistenten vergaten hun omgeving en hingen boven Dickey, de toekijkers sisten hun ongenoegen over het geblokkeerde zicht op wat daar gebeurde. Mütter handelde zo snel als hij kon, de risico’s op stress en pijn voor de patiënt zo klein mogelijk houdend, maar niet in een zo hoog tempo dat hij de controle verloor. Vaak sprak hij Dickey moed in, ook vroeg hij de assistent-artsen om hier en daar te helpen, maar die waren ondersteboven van wat ze zagen en hadden geen behoefte het proces te verstoren met eigen inbreng.

 

Tekeningen voor de operatie aan Nathaniël Dickey, zoals in de tekst beschreven. Houtsnede van Liston, met aanvullingen en verbeteringen door Müller.

Tekeningen voor de operatie aan Nathaniël Dickey, zoals in de tekst beschreven. Houtsnede van Liston, met aanvullingen en verbeteringen door Müller.

 

Kalm en zelfverzekerd
Het was onvoorstelbaar, waar ze getuige van waren: nimmer zagen ze een arts zó snel en zó zelfverzekerd opereren. De enige die invloed had op Mütters handelen, was Dickey. Zodra deze schokte, kreunde of wegtrok, haalde Mütter de veroorzakende instrumenten weg om tijdelijk de pijn weg te nemen. Hij gaf hem wat water en veegde zorgvuldig het bloedwater weer weg. De kalmte en zelfverzekerdheid van Mütter was indrukwekkend.
Binnen 25 minuten was de klus geklaard, Dickeys gezicht was aaneengehecht, zijden draadjes staken er uit, maar het was nu een geheel. Dickey droop van het zweet terwijl Mütter wegliep om zijn handen te wassen. De assistent-artsen stonden in stille bewondering rond de operatiestoel, de toeschouwers waren achterover geleund, zich bewust van het mirakel dat ze hadden aanschouwd. Het leek hun ondoenlijk te beschrijven waarvan ze getuige waren geweest. Het was in elk geval een glimp uit de toekomst, zoveel was wel duidelijk. Mütter had uit een monster een man gemaakt, daarvan was hij zelf ook zeker. Als om bevestiging te krijgen haalde hij een spiegel tevoorschijn. Voor de eerste en laatste keer deed Dickey iets wat Mütter hem had verboden: hij lachte.
(Cristin O’Keefe Aptowicz/Mutter Museum Philadelphia)


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder