Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Noormannen plunderen Europa

26 november 2013 [412] Olivier Keun

Drie eeuwen lang werd Europa geterroriseerd door de Vikingen, vaak Noormannen genoemd. Imposante rijken als dat van de Franken en hoogontwikkelde beschavingen zoals die van de Moren hadden geen antwoord op de agressie uit het Noorden. Dankzij hoogontwikkelde scheepsbouw konden de mannen uit het Noorden gevaarlijk ver de rivieren opvaren en welvarende steden langs Rijn en Seine plunderen.

Rechtstreeks uit de hel
Eerst was het niet meer dan een stip aan de horizon. Een verontrustende stip, dat wel. Want stippen hoorden aan de horizon niet thuis. Zo ver van huis konden helemaal geen schepen varen. Toch moesten dit wel schepen zijn. Enige tijd later doemden namelijk de zeilen op. Schepen op open zee – behalve de geleerde monniken had geen mens daar ooit van gehoord. Schepen hoorden vlak langs de kust te varen, van de ene haven naar de volgende.
En dat was nog niet alles. De vreemde schepen kwamen met duivelse snelheid dichterbij, ze leken wel over het water te vliegen. Dat kon niet veel goeds betekenen. Al snel werden de details zichtbaar. Deze schepen zagen er heel vreemd uit. Ze waren donker en langwerpig en voerden slechts één zeil – en dat zeil was soms rood, soms was het versierd met ruiten of strepen. Ook de voorstevens beloofden niet veel goeds: die hadden de vorm van drakenkoppen of duivels. Dat was het bewijs dat deze boten rechtstreeks uit de hel kwamen of op zijn minst boosaardig waren. De monniken konden enkel vertrouwen op hun Heiland: wapens om zich te verdedigen hadden ze niet.
Klooster Lindisfarne is een van de heiligste plekken van het christendom – wapens hebben hier niets te zoeken. De torens en daken van het klooster rijzen hoog op boven land en zee. Klooster Lindisfarne ligt op het gelijknamige eiland – een Holy Island – en kent een bloeiende kloostergemeenschap. Het is een wereld die wordt geregeerd door het ritme van eb en vloed, in symbiose met de zee. Ondenkbaar dat het onheil zich van over diezelfde zee zou aandienen.

Komen niet om te praten
De onbekenden hebben inmiddels hun zeilen gestreken en komen op het eiland afgeroeid. Aangekomen bij de kust springen ze uit hun boten en trekken die op het brede zandstrand. Daarna heffen ze een wild gebrul aan en trekken te voet naar het klooster. Nu is ook goed te zien dat ze bewapend zijn met speren, bijlen, messen en brede zwaarden met een bloedgeul. Waarschijnlijk hebben de monniken nog geprobeerd het woord tot de indringers te richten, hen op andere gedachten te brengen. Maar al zouden de rijzige rovers hebben verstaan wat ze zeiden, ze waren duidelijk niet gekomen om te praten. De kloosterbroeders werden voor hun altaren en lessenaren afgeslacht.
Sommige monniken werden in zee gegooid, anderen van hun habijt beroofd en weggejaagd. Daarna drongen de Vikingen de heilige ruimtes binnen en verzamelden alle kostbaarheden: gouden crucifixen, zilveren monstransen, ivoren reliekkistjes en met edelstenen getooide boekbanden en hang- en sluitwerk. De schitterend geïllustreerde handschriften zelf gooiden ze weg, daar konden ze toch niets mee beginnen.

Afgrijzen in heel Europa
Toen ze hun zakken hadden volgeladen verstouwden ze de buit in hun lange boten en de rest staken ze in brand. Daarna verdwenen ze even plotseling als ze gekomen waren, over zee. De enige sporen die ze achterlieten waren smeulende ruïnes, verminkte lijken en gewonden.
Het bericht van de overval op Lindisfarne op 8 juni 793 wekte angst en afgrijzen in heel Europa. Niemand kon zich een dergelijke gruweldaad herinneren.
Alcuinus van York, een Angelsaksische monnik, die als geleerde in hoog aanzien stond en in dienst was bij het hof van Karel de Grote in Aken, had Lindisfarne goed gekend en schreef: ‘Sinds bijna 350 jaar wordt dit lieflijke land door ons en onze vaderen wordt bewoond, en nooit tevoren heeft zich in Brittannië een dergelijke verschrikking voorgedaan als ons nu door een heidens volk is aangedaan.’
Wat Alcuinus niet kon bevroeden was dat dit nog maar het begin was. In de driehonderd jaar die volgden waren dit soort invallen schering en inslag. Nog diezelfde zomer teisterden de Noormannen, die later Vikingen werden genoemd, het ten zuiden van Lindisfarne gelegen klooster Jarrow en namen alles mee. Daarna waren Schotland, Wales en Ierland aan de beurt. Het klooster Lindisfarne sloot uit angst voor overvallen zijn deuren en de bewoners trokken zich terug op het vasteland. Maar ook daar waren ze al snel hun leven niet meer zeker – de Noormannen zaten hen op de hielen. (Christoph Driesen)

Lees het volledige artikel, met mooie illustraties, in de nieuwste G-Geschiedenis. Nu overal te koop voor slechts € 5,50!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder