Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Mundaneum: utopisch erfgoed

07 oktober 2013 [412] Olivier Keun

Het wordt wel het ‘internet avant la lettre’ genoemd. In de eerste helft van de vorige eeuw was het een poging van twee Belgische pacifistische heren met utopische ideeën. Ze wilden de wereldvrede bevorderen en de armoede bestrijden door het verzamelen en verspreiden van kennis. Paul Otlet en Henri la Fontaine probeerden dit bereiken door alle tot dan toe gepubliceerde documenten, door ze te classificeren met behulp van een kaartsysteem, voor iedereen toegankelijk maken. Maar hun ideeën gingen verder; er waren zelfs plannen hiertoe een internationale stad te bouwen: de Cité Mondial.

Het Mundaneum, of wat over is van dit utopisch erfgoed, is tegenwoordig gevestigd in een voormalig Art Deco-warenhuis in het Belgische Bergen (Mons). Het bevat nog steeds een indrukwekkende collectie van tienduizenden dossiers en zes kilometer archiefmateriaal. Bovendien worden er regelmatig tentoonstellingen gehouden.
Midden in de centrale binnenruimte, met gaanderijen langs de bovenverdieping, verheft zich – net als op het graf van Otlet in Brussel – symbolisch een grote globe. Langs de lange wanden staan hoge kastenrijen met donkerbruine schuiflaatjes. Ook de werkkamer van Otlet is geëvoceerd met zijn bureau en een ingelijste tekening van de Cité Mondial, waarop de Toren der Vooruitgang te zien is. Onder andere de Noorse beeldhouwer Hendrik Christian Andersen werkte met dertig architecten aan het ontwerp van deze stad, waarvan het Mundaneum ooit het middelpunt zou moeten zijn. Otlet moet naast een systematisch denker een warhoofd zijn geweest, want zijn werkkamer is een chaos met uitpuilende ladekasten, omgevallen stapels boeken en documenten.

Wikipedia èn Google
Volgens hoofdarchivaris Stephanie Manfroid was het Mundaneum vergelijkbaar met een kruising tussen Wikipedia en Google, maar dan op papier. Het was met name een idee van Paul Otlet (1868-1944), geboren als zoon van een fabrikant die wereldwijd trams verkocht (wat mede tot Pauls internationale gerichtheid leidde). Otlet sr. vond dat scholen de natuurlijke talenten van kinderen afstompten en zorgde de eerste jaren voor huisleraren. Paul werd later opgeleid tot advocaat en schreef tijdens zijn studie al een pleidooi voor dekolonisatie. Hij deed dat in een boek met de veelzeggende titel ‘L’Afrique aux noirs’. Hij raakte steeds meer geïnteresseerd in boeken en wetenschap dan in rechten. In 1895 ontmoette hij tijdens een stage bij een advocaat de feminist, pacifist en vrijmetselaar Henri la Fontaine (1854-1943). Die doceerde internationaal recht aan de Vrije Universiteit van Brussel, was dertig jaar lang senator voor de socialistische partij. Hij beijverde zich tevens voor een Internationaal gerechtshof, dat ook inderdaad later in Den Haag werd gevestigd. In 1913 kreeg La Fontaine de Nobelprijs voor de Vrede.
Samen richtten ze in 1895 het Internationale Instituut voor Bibliografie op, gesubsidieerd door de Belgische staat. In 1895 namen ze kennis van Melvil Dewey’s Decimal Classification System. Ze verfijnden dit Amerikaanse documentatiesysteem en voegden door extra cijfercodes zoekmogelijkheden toe. ‘Algemene kennis’ deelden ze op in tien genummerde thema’s, steeds verder opgedeeld in subthema’s door aanvullende cijfercombinaties. Zo kon alle kennis gemakkelijk getraceerd worden.

Zaal vol telegraaftoestellen

In de grote middenhal van het Mundaneum trekt Manfroid willekeurig laatjes open van enkele kasten. Kaartje 63341133.8 verwijst naar de publicatie ‘The commercial cotton crops of 1901’, enkele meters verderop een ander kaartje naar ‘Automobile, Velo Bruxelles’ en aan de overkant van de hal valt nr. 5931926 bij wetenschap onder de categorie ‘Zoologique Geographique’.
Om alle thema’s in kaart te brengen, werd samengewerkt met een groot aantal academici in Europa, waaronder diverse Nobelprijswinnaars. Zo ontstond het Universele Decimale Classificatiesysteem. De bijhorende catalogus, waar vooral La Fontaine aan werkte, omvatte alleen al ruim 2.000 pagina’s en was in 1907 gereed. Op basis van dit classificatiesysteem werd een archief opgebouwd, met omschrijvingen op indexkaartjes (fiches), waarvoor Otlet ladekastjes ontwierp met geleiders, waardoor ze gemakkelijk te raadplegen waren. Hij werd hiervoor beloond met een gouden medaille op de Expo van Parijs in 1900.
Rond de eeuwwisseling startte tevens een samenwerking met buitenlandse bibliotheken en archieven. Zo leverden de Library of Congres en het British Museum kaartbestanden ter aanvulling. In de jaren dertig omvatte de collectie al circa zestien miljoen kaartjes (van 12,5 bij 7,5 centimeter.). Het zoek- en opbergsysteem werd inmiddels wereldwijd in wetenschappelijke bibliotheken, archieven en databestanden toegepast. Bovendien werd een internationale zoekservice per post voor geïnteresseerden opgezet. In 1912 leidde dit tot 1.700 aanvragen over bijvoorbeeld de boemerang, financiën in Bulgarije en de bloedsomloop. Later werd een zaal vol telegraaftoestellen ingericht, zodat wereldwijd kennis uitgewisseld kon worden.

Filantroop Andrew Carnegie

Het Mundaneum bracht zo niet alleen boeken in kaart. Otlet en La Fontaine hadden talloze ideeën over mondiale documentatie met een internationaal netwerk van bibliotheken, archieven en musea. Achterliggend idee was dat ook andere publicaties kennis bevatten, zodat tevens andere databases werden opgezet. In 1912 omvatte de Universal Iconographic Repertory een kwart miljoen illustraties en vanaf 1907 werden ook pamfletten, posters en brochures (in 1914 al 10.000 dossiers) verzameld. Ze waren vooral gericht op onderwerpen die de heren Otlet en La Fontaine interesseerden, zoals anarchisme, pacifisme en feminisme.
Ze richtten voor al deze activiteiten diverse instituten op, die op diverse locaties in Brussel gevestigd waren, totdat in 1910 het Palais Cinquantenaire in het Jubelpark betrokken kon worden. Het heette vanaf dat moment Palais Mondial (de naam Mundaneum ontstond pas later).
(Lex Veldhoen)

Het complete verhaal lezen van dit fascinerende Mundaneum? Plus de bijzondere illustraties? Koop nu de nieuwste G-Geschiedenis! Overal te koop.


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder