Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Nicolaas II, de laatste tsaar

19 september 2013 [412] Olivier Keun

Ontevreden arbeiders zorgden voor roerige tijden. Op 22 januari 1905 gingen ze in optocht naar het Winterpaleis en werden op een kogelregen getrakteerd. Deze Bloedige Zondag bleek het begin van een 'jarenlange nachtmerrie' voor Nicolaas II en zijn gezin. In 1917 maakte de Februarirevolutie een eind aan drie eeuwen Romanov-heerschappij.

Er staat een heldere hemel boven Sint-Petersburg op deze 22ste januari 1905. Windstilte doet de vijf graden vorst haast vergeten. In hun beste kleren komen de arbeiders naar de verzamelpunten. ‘Geen wapens, zelfs geen zakmessen; en geen rode vanen, geen strijdliederen’, zo had Georgi Gapon hun ingeprent.
Op hetzelfde moment treft het leger laatste voorbereidingen om de opstand neer te slaan. De middag ervoor zijn verse bataljons aangekomen. De soldaten kregen zonder uitleg een extra rantsoen wodka toebedeeld. Nu horen ze dat gepeupel klaarstaat het Winterpaleis te bestormen en de keizerlijke familie uit te moorden. Nog voor het ochtendgloren staan ze met 12.000 bajonetten en sabels gereed.

‘Red ons!’
De stoet van meer dan 100.000 arbeiders uit de voorsteden nadert. Ze zingen het koraal ‘Red ons, o Heer, uw volk’. Ze willen de tsaar een petitie overhandigen. Ze geloven nog steeds aan Nicolaas’ rol van ‘vadertje’, hun beschermer. Op het plein voor het paleis stuiten ze op de barricaden van het leger. De officieren geven bevel het vuur te openen. Salvo’s klinken, het hevigst uit de gelederen van de Preobrazjenskigarde. Dat is volgens ooggetuigen de toedracht van de Petersburgse Bloedige Zondag. Over het aantal slachtoffers lopen de meningen uiteen, maar wat er in elk geval sneuvelde, was de mythe van de tsaar als ‘vadertje’ aller Russen. ‘Wij hebben geen tsaar meer. Tussen hem en het volk ligt het bloed van onze kameraden’, noteert pope Georgi Gapon.
Een paar dagen eerder was er onder druk van abominabele arbeidsomstandigheden en massaontslagen een staking in de Putilov-fabriek uitgebroken, die al snel oversloeg naar manufacturen, werven en textielfabrieken. Spreekbuis van de ontevredenen was genoemde Georgi Gapon, een 34-jarige priester uit de Oekraïne. In de kroegen waar de arbeiders hun verbittering over de toenemende uitbuiting door de fabrikanten in waterig bier en goedkope wodka probeerden te verdrinken riep hij op tot de protestmars van de 22ste januari. De Bloedige Zondag bracht geen enkele verbetering in hun positie.
Nicolaas II werd op 18 mei 1868 als kleinzoon van regerend tsaar Alexander II geboren. Zijn opvoeding werd in handen gegeven van Konstantin Pobedonostsev, die ook al tutor van zijn vader Alexander geweest was. Pobedonostsev was jurist en van mening dat elke vorm van modernisering de maatschappij ondergroef. De overdracht van conservatieve politieke waarden voltrok zich binnen de zilveren kooi van een gezinsleven dat mijlen afstond van het kommervolle dagelijks leven van de gewone Rus. Als jongen leidde Nicolaas een tamelijk burgerlijk, beschermd leven.

Zingen, drinken en dansen
Op 13 maart 1881 werd Alexander II het slachtoffer van een aanslag. Diens zoon besteeg als Alexander III de troon en zo werd de twaalfjarige Nicolaas tsarevitsj – troonopvolger. Enige tijd later kreeg hij de smaak te pakken van het vertier dat een stad als Sint-Petersburg te bieden had. Men zag hem in de opera, in het theater en bij balletvoorstellingen. Hij dineerde, dronk, zong en danste graag – soms de hele nacht lang. Het liefst omgaf hij zich daarbij met jonge officieren.
Als 19-jarige trad Nicolaas toe tot de elitetroepen van de Preobrazjenskigarde. ‘Nu is m’n geluk groter dan ik in woorden zou kunnen vatten’, schreef hij zijn moeder. Weldra kreeg hij het commando over een huzareneenheid. In die tijd werd hij verliefd op de amper18-jarige ballerina Mathilde Kzjessinska. Het was een ongelukkige romance, want voor een huwelijk was ze van te geringe komaf.
Op de militaire dienst volgde een wereldreis. ‘Paleizen en generaals zijn overal ter wereld hetzelfde en toch zijn zij het enige wat ik te zien krijg. Ik had net zo goed thuis kunnen blijven’, vertelde hij een kennis. In het Japanse plaatsje Otsu verwondde een fanaticus Nicolaas met een zwaard, waarop de tsarevitsj zijn reis afbrak. Terug in Sint-Petersburg werd Nicolaas voor het eerst in regeringsaangelegenheden ingewijd, al betrok zijn vader hem nauwelijks bij de besluitvorming. Op 1 november 1894 overleed zijn vader plotseling, waarschijnlijk aan een nierkwaal.
Op 26 november sloot Nicolaas een huwelijk uit liefde met prinses Alix van Hessen-Darmstadt, een kleindochter van de Engelse koning Victoria, die daarna goed orthodox als Alexandra Fjodorovna door het leven ging. Uit de verbintenis zouden vijf kinderen voortkomen: Olga, Tatjana, Maria, Anastasia en, in 1904, de volgende tsarevitsj Alexej, lijdend aan bloederziekte.

Alleenheerschappij als ideaal
Op 14 mei 1896 vond in aanwezigheid van zevenduizend genodigden het luisterrijke kroningsbanket plaats. Vele duizenden anderen waren naar Moskou gereisd om volgens oud gebruik tegen vrij bier en eten de nieuwe heerser eer te bewijzen. Er brak paniek in de menigte uit, mensen verdrukten elkaar en volgens officiële bronnen vielen er 1.389 doden en raakten 1.300 aanwezigen gewond. Tot ontzetting van buitenlandse bezoekers gingen de feestelijkheden hierna gewoon door.
In een toespraak tot de Semstvo, de nationale standenvergadering, maakte de kersverse tsaar duidelijk uit welke hoek bij hem de wind waaide: ‘Laat iedereen er verzekerd van zijn dat ik met alle kracht die in mij is het welzijn van mijn volk zal dienen, maar dat ik daarom ook even ferm het principe van de alleenheerschappij hoog zal houden als mijn onvergetelijke vader … Mij is ter ore gekomen dat er de laatste tijd onder vertegenwoordigers van de standen zinloze stemmen opgingen voor een aandeel van de Semstvo in het landsbestuur.’
Wat Nicolaas II ook van zijn vader overnam, waren diens ministers. Met de jaren groeiden onder de bevolking armoede en ontevredenheid, zonder dat de tsarenfamilie daar veel van merkte. Zij interesseerde zich er ook niet voor. Net als zijn voorgangers beschouwde Nicolaas II de adel, het leger en de boerenstand als steunpilaren van de maatschappij. Dat de industrialisering ook een bourgeoisie en een arbeidersklasse voortgebracht had, viel buiten zijn blikveld.
Minister van Financiën Sergej Witte, op wie Nicolaas niet bijster gesteld was, was een van de weinigen uit zijn entourage die op hervormingen aandrongen. Witte was in 1849 in Tiflis geboren en had een bliksemcarrière bij de spoorwegen gemaakt. Vanaf 1893 beheerde hij de staatskas. Wittes grootste tegenstrever was Vjatsjeslav von Plehwe, minister van Binnenlandse Zaken, die veel van zijn opponenten deelname aan een Joodse samenzwering in de schoenen schoof en Witte in augustus 1903 uit de regering werkte.

Verpletterend fiasco
In de buitenlandse politiek streefde Nicolaas II, geheel in de lijn van zijn vader, naar gebiedsuitbreiding. ‘Om het revolutionaire tij te keren hebben we een korte, succesvolle oorlog nodig’, aldus Von Plehwe, die hoopte de binnenlandse onruststokers met patriottisme de wind uit de zeilen te nemen.
Men liet zijn blik vallen op de Stille Oceaan en dan vooral op Korea, dat deel van de Japanse invloedssfeer uitmaakte. Toch was het de Japanse vice-admiraal Heihachiro Togo die begin 1904 de eerste slag uitdeelde. De oorlog werd een verpletterend fiasco. Bij de Vrede van Portsmouth (VS), op 5 september 1905, moest Rusland afstand doen van tal van rechten in het kustgebied. Witte, teruggeroepen als delegatieleider, wist als onderhandelaar erger te voorkomen. De nederlaag voedde echter de onvrede onder het volk en her en der braken stakingen uit.
Na Bloedige Zondag zag Nicolaas II zich tot enkele concessies genoodzaakt, waarvoor hij nogmaals een beroep op Sergej Witte deed. Deze werd Ruslands eerste minister-president. Hij kreeg tot taak een nieuw kabinet te vormen en stelde een ‘Manifest ter verbetering van de staatsorde’ op, dat als Oktobermanifest de geschiedenis inging. Het voorzag naast de Staatsraad in een Doema, waar alle wetten aan voorgelegd werden. Zo ontstond de paradox van een parlementaire autocratie – wel veel nieuwe rechten, maar een vetorecht voor de tsaar.
De bolsjewieken spraken van ‘zwendel’ en Witte werd in april 1906 door conservatieve regeringskringen opnieuw tot aftreden gedwongen, ten gunste van Pjotr Stolypin – een monarchist die de boerenstand in zijn staatsopvatting centraal stelde. De door hem bewerkstelligde landbouwhervormingen waren veel te bescheiden en brachten voor de arbeiders al helemaal geen verbetering. Op 3 juni 1907 ontbond Nicolaas II voor de tweede keer de Doema en beperkte het kiesrecht tot de bezittende klasse. De laatste kans om de loop der dingen om te buigen was verkeken.
De Eerste Wereldoorlog brak uit. Als bondgenoot van Servië verordonneerde Nicolaas op 30 juli 1914 de mobilisatie. Had hij de situatie opnieuw verkeerd ingeschat? Nu verklaarde Duitsland de oorlog aan Rusland, dat zijn leger volstrekt onvoldoende uitgerust en getraind had. De tsaar liet zich er in september 1915 toe verleiden het opperbevel over de strijdkrachten op zich te nemen en zich naar het front te begeven.
Op dat moment had de slag bij Tannenberg (augustus 1914) Ruslands militaire zwakte al genadeloos aan het licht gebracht. De Duitsers bekochten de overwinning met een kleine 3.500 gesneuvelden, onder de verslagen Russen waren 30.000 doden en 95.000 krijgsgevangen. Steeds meer soldaten keerden zich van de tsaar af. Levensmiddelen bereikten de steden en dorpen amper en de soldaten te velde bijna helemaal niet. Op veel plaatsen heerste hongersnood en massale protesten waren aan de orde van de dag. Tsarina Alexandra Fjodorovna, die nu de regeringszaken waarnam, schoot jammerlijk tekort.
De Februarirevolutie van 1917 veranderde de loop van de Russische geschiedenis. De roep om hervormingen ging samen met die om brood. De revolutionairen bezetten steeds meer overheidsgebouwen. Tot de eisen van hun arbeiders- en soldatenraden behoorde het aftreden van de tsaar.
Op 2 maart 1917 was het zover: Nicolaas II maakte onder druk van bijna alle kampen zijn aftreden bekend. In zijn dagboek schreef hij: ‘Ik wordt door enkel verraad, domheid en bedrog omringd.’ Zijn broer Alexej bedankte voor de eer hem op te volgen en zo kwam er na drie eeuwen een einde aan de heerschappij van de Romanovs.
Nicolaas en zijn gezin kregen huisarrest opgelegd, maar hun echte einde kwam met de Oktoberrevolutie. De bolsjewisten voerden de tsarenfamilie naar de Oeral en het huisarrest werd een gevangenschap in Jekaterinenburg. Op 17 juli 1918 fusilleerden schildwachten de gezinsleden en hun laatste getrouwen. De stoffelijke overschotten van de Romanovs werden al in 1979 in de buurt van Jekaterinenburg gevonden, maar pas tachtig jaar na de moord officieel in Sint-Petersburg bijgezet. Op 20 augustus 2000 werden Nicolaas II en zijn gezin door de Russisch-orthodoxe kerk heilig verklaard.
(Wolfgang Mayer)

Lees het complete artikel, met de illustraties, in G-Geschiedenis. Nu overal te koop!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder