Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Henry van de Velde

10 september 2013 [412] Olivier Keun

Precies 150 jaar geleden werd Henry van de Velde geboren, het brein achter landmarks als de Gentse Boekentoren.

Steven Jacobs, professor en auteur van het boek Henry van de Velde: wonen als kunstwerk, een woonplaats voor de kunst, schetst ons een rijk beeld van een man die te veel talent had om zich tot één kunsttak te beperken. Een opwarmer voor wie wil aansluiten bij de themadagen rond van de Velde bij Davidsfonds Academie.

Tussen alle koningskwesties en muziekfestivals door geraakt het herdenkingsjaar rond Henry van de Velde wat ondergezomerd. Ten onrechte, want talent gaat pas echt verloren als niemand nog stilstaat bij de virtuositeit van een oeuvre.

Toen de Antwerpenaar Henry van de Velde in 1957 in Zwitserland stierf, had hij er 94 actieve jaren op zitten. Hij had zich bewezen als schilder, tekenaar, boekillustrator, architect, ontwerper van gebruiksvoorwerpen, artistiek raadgever bij verschillende instanties, pedagoog en ijverig theoreticus. Hij had musea en bibliotheken ontworpen, theaters en monumenten en – zijn meest persoonlijke werk – woonhuizen. Genoeg stof dus voor nog een halfjaar aan expo’s en evenementen.

Een herdenkingsjaar heeft vaak iets weg van een laat eerherstel. Geldt dat ook voor Henry van de Velde?
‘Het vervelende is dat hij naar mijn gevoel in zijn herdenkingsjaar nog altijd niet het eerherstel krijgt dat hij verdient. Hier en daar halen ze in musea wat potjes en vaasjes boven maar de grote manifestaties laten op zich wachten. Anderzijds is het zeker niet zo dat hij misprezen of vergeten wordt in België. Kijk maar naar Gent: eindelijk gaan ze de Boekentoren restaureren.’

Het is niet eenvoudig om iets toe te voegen aan de geschiedenis. Waarom schreef je destijds je boek over Henry van de Velde?
‘De eerste editie kwam uit in 1996, de tweede in 2005 en telkens heb ik er veel reactie op gekregen. Zelfs een brief van de Nederlandse kunsthistoricus Bram Hammacher, die met trillende hand schreef dat hij al lezend de indruk kreeg dat hij met van de Velde door de Hoge Veluwe wandelde. Daarom schrijf je dus een boek: om iemand levendig te houden. Een andere reden was omdat ik van de Velde van zijn imago als decorateur wilde verlossen. Hij was niet alleen decorateur, hij was ook schilder, architect, ontwerper en verzamelaar van beeldende kunst. Een laatste reden was om meer continuïteit in zijn oeuvre te brengen. Velen delen hem op in zijn Art Nouveau-periode en zijn periode als modernist. Maar wie goed kijkt, ziet de continuïteit in zijn werk.’

Kun je ons vertellen hoe we naar zijn ontwerpen moeten kijken?
‘Het is een kwestie van aandachtig kijken naar details en grote lijnen om zijn principes te ontdekken. Zijn hoeken breekt hij bijvoorbeeld trapsgewijs op waardoor het geheel een pak minder streng oogt. Of zijn materiaalkeuze: door voor aardse kleuren en bakstenen te kiezen, verankert hij zijn ontwerpen in de bodem en in het landschap. Een ander terugkerend concept was zijn aandacht voor de lijnen van een gebouw, die nauw aansloten bij de Jugendstil. Hij heeft er zelfs een tekst over geschreven: ‘Die Linie’.’

Is het daarom dat hij uiteindelijk ook zoiets vloeiend als een treinstel en zelfs een schip ontwierp?
‘Absoluut. Binnen de Art Nouveau was de lijn een metafoor voor de golfslag. Dat hij een schip zou ontwerpen, stond dus in de sterren geschreven. Echt iets voor hem. Hij schreef daarover dat de scheepsbouw “een van de laatste schuilplaatsen voor de lijn was”. Want “al de lijnen van een schip zijn krachtlijnen. De weerstand van een schip, de soepelheid en uiteraard de vlotheid van de besturing en de kwaliteit van zijn voortstuwing zijn in grote mate afhankelijk van het karakter van de lijnen van de romp, de bovenbouw en de brug”.’

Ondanks zijn aandacht voor de lijn, zijn de ontwerpen van Henry van de Velde nochtans niet bepaald elegant…
‘Klopt, van de Velde heeft iets onbeholpen. Een plompheid die hij nooit in elegantie heeft weten om te buigen. Maar dat maakt zijn woonhuizen en vooral zijn theaters en musea zo interessant en leefbaar. Het Kröller-Müller Museum in Nederland vind ik om die reden subliem: het is een van de eerste modernistische museumgebouwen. Daarvoor vergaapten architecten zich aan zuilengangen en andere elementen van de paleistypologie. Van de Velde maakt het museum voor het eerst tot een burgerlijke museumruimte, veeleer dan een aristocratische ruimte.’

Was van de Velde dan sociaal bewogen?
‘Als architect werkte hij natuurlijk voor de progressieve elite maar net als andere vooraanstaande architecten zoals Victor Horta zette hij zich in voor de sociale emancipatie. Hij was bijvoorbeeld betrokken bij de uitbouw van de Université Nouvelle in Brussel en het culturele programma van de socialistische partij die eind 19de eeuw werd opgericht. Zijn opdrachtgever was de burgerij en de overheid maar zijn gedachten waren anarcho-socialistisch.’

Wie inspireerde zijn gedachten en zijn werk?
‘Kunstenaars als Van Gogh en Gauguin omwille van hun lijnenspel maar ook Britse hervormers als William Morris, die kunst, ambacht en industrie aan elkaar koppelde. Precies wat van de Velde met zijn machine-esthetiek voor ogen had. Verder was hij ook een groot bewonderaar van Friedrich Nietzsche. Hij zag zijn rol zoals Nietzsche die zag: het bestaan verheffen tot een kunstwerk en de wereld vormgeven via de kunst. Zijn ontwerpen zag hij als een weerspiegeling van de innerlijke ziel, als een archief van persoonlijke ervaringen en herinneringen, als een project van het ego. Uitspraken als “Ornament is voor het huis wat de handtekening is voor het schilderij” zijn geen toeval.’

Ondanks de universele opzet kun je zijn ontwerpen moeilijk tijdloos noemen. Hoe komt dat?
‘Zijn werk is sterk verankerd in de context waarin hij leefde en werkte. De grootschalige, utopische ambities die Henry van de Velde koesterde, zijn typisch voor de late 19de eeuw. In plaats van de grote technocratische programma’s zoals in het modernisme van het Interbellum, wilde van de Velde nog de wereld omvormen via de privé-utopie van het burgerlijke huis en via publieke architectuur die vooral de kunst ten dienste stond, zoals musea, theaters en monumenten.’

Wat mogen we niet vergeten als we Henry van de Velde willen herinneren?
‘Zijn blik. Hoe hij de pols wist te voelen van de moderniteit. Niet alleen door zijn ontwerpen maar ook door de kunstenaars waar hij mee samenwerkte en de invloed die hij had op de geschiedenis. Na zijn passage aan de Kunstschule en de Kunstgewerbschule in Weimar stelde hij daar bijvoorbeeld Gropius aan als zijn opvolger. Het is daar dat Gropius zijn stempel zou drukken. Je zou Henry van de Velde dus de grootvader van de Bauhaus kunnen noemen. Maar we moeten van de Velde ook herinneren als de kunstenaar die de link maakte tussen industrie en kunst en de relatie tussen moderniteit en traditie herformuleerde. De industriële moderniteit schoof hij niet naar voor als een breuk met de traditie. Integendeel, de cultuur van eenvoud en efficiëntie greep voor hem terug naar een eeuwenoude traditie.’
(Sarah Vankersschaever)

Bekijk het volledige stuk over Henry van de Velde, plus de illustraties, in de nieuwste G-Geschiedenis, nu overal te koop!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder