Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

De triomf van de tandenborstel

25 april 2013 [412] Olivier Keun

'Bid voor mij opdat ik, indien het tot mijn zaligheid strekt, van alle tandpijn word bevrijd, of tenminste door de goddelijke genade zo gesterkt word, dat ik die tandpijn uit liefde tot God geduldig verdraag’. Deze bede aan de heilige Apollonia, een zekere toevlucht voor iedereen met kiespijn, zal in het verleden heel wat keren tussen door cariës pijnlijk aangetaste tanden zijn gepreveld. Wie vroeger gebitsproblemen had kon zijn borst nat maken. Geen wonder dat de meesten dit lijden voor wilden zijn.

Het gebit in een goede conditie houden, wie wil dat niet? Het oudste hulpmiddel daarbij is zonder twijfel de tandenstoker. Gemaakt van hout of been, zilver of en ander metaal, ja soms zelfs van de veer van een aasgier. Ook tandpoeders en -spoelingen werden ingezet om de kostbare ivoren wachters schoon te houden. Uit de Klassieke Oudheid en de Middeleeuwen kennen we een scala aan recepten. De ingrediënten zijn vaak exotisch: verbrande hazenkop of muis, gemengd met marmerpoeder, de kootjes van geiten, stierengal maar ook goud of zilver en natuurlijk allerlei kruiden. De poeders werden met een doekje op de tanden en kiezen gewreven. De aartsvader van de Vlaamse heelkunde, Jan Yperman (1275-1331), kende niet minder dan zeven verschillende van die poeders. In het in 1514 te Antwerpen uitgegeven Tregement der Ghesontheyt lezen we over een mengsel van nootmuskaat en lavendel tegen ‘de stancken des monds’. Een populair boekje was ook De Secreten van der Eerwaardigen Heere Alexis Piemontois, in 1561 uitgegeven door de beroemde Vlaamse drukker Plantijn. Over het gebruik van tandpoeder zegt dit werkje: ‘Was eerst de mond wel met schoon water, of met wyn: Daerna neemt dit poeder op uwen vinger, of op een doecxken, ende wryfter de tanden mede. Dit continuerende, suldy altydt schone, stercke ende vaste tanden hebben’. Ook de grote Erasmus liet zich aan het begin van de 16de eeuw uit over de mondhygiëne: ‘De suyverheidt der tanden moet besorght werden: Maer het is meisjens werck deselve met een poiertje wit temaecken. Het is der Spanjaerden eigen het selve met pis te doen’. Ook het afschrapen van het tandsteen (‘een swarte gele of witte taeye materie’) met een krabbertje was algemeen.

Eerste borstels
Er werden dus heel wat middeltjes aan de tanden toevertrouwd. Toch duurde het tot in de 17de eeuw dat daarbij een tandenborstel werd gebruikt. De islamitische wereld kende al wel een soort van borsteltje: de siwak, gemaakt van takjes van de Arakboom. Door kauwen gaan de vezels als een borstel uiteen staan en komt er een prettige smaak vrij. Het doet denken aan zoethout. Het waren de Chinezen die ergens tussen 600 en 900 voor het eerst speciaal borstels voor het poetsen maakten. Door de handelscontacten tussen China en Europa werd de borstel in de 17de eeuw ook in Europa geïntroduceerd. Eerst nog voorzichtig, want velen meenden dat de borstels van varkens- of paardenhaar te ruw waren voor tanden en tandvlees. Die opvatting hield lang stand. Het is de Haagse geneesheer Cornelis Solingen die in het postuum verschenen Alle de Medicinale en Chirurgicale Werken (1698) als eerste een afbeelding van een tandenborstel geeft. Langzamerhand wende Europa aan de borstel. De Brit William Addis zag in 1780 volop kansen. Hij ontwierp een eigen tandenborstel en liet die in zijn fabriek op grote schaal maken. Onder de merknaam Wisdom bestaat dit borstelmerk nu nog steeds. Niet de minsten lieten zich voor de borstel winnen. Van de Franse keizer Napoleon weten we dat hij er een hele verzameling van had, in goud natuurlijk.

Gezinsborstel en bacteriën
De eerste tandenborstels werden gemaakt van dierlijk haar maar dat werd voor de meesten te duur toen de vraag toenam. Veel gezinnen deden het met één borstel, als er al een borstel was. In de zomer van 1925 werd het Overijsselse Staphorst getroffen door dysenterie. Er stierven dertig personen, meest kinderen. Het Tijdschrift voor Geneeskunde klaagde over de slechte hygiëne die de oorzaak zou zijn: ’Behoorlijk reinigen van mond en tanden heeft slechts zelden plaats. Gewoonlijk wordt volstaan met een vies vochtig doekje langs gezicht en tanden te wrijven, en even later bedienen de andere huisgenooten zich op dezelfde wijze van dit doekje en worden borden pannen, tafels enz. ook daarmee schoongemaakt’. Maar ook fatsoenlijke tandenborstels zitten vol ongewenste bacteriën. Een sterke verbetering kwam in 1938 toen de firma Dupont het nylon ontwikkelde. Steeds vaker werd de tandenborstel van dit voor bacteriën minder ontvankelijke materiaal gemaakt.
Ondertussen is er aan de tandenborstel eigenlijk niet zo heel veel veranderd. De grootste innovatie is misschien wel de komst van de elektrische tandenborstel. Ook hier aanvankelijk scepsis. In een oude brochure van de Koninklijk Nederlandse Marine lezen we: ‘Een elektrische tandenborstel is bij uitstek geschikt voor lichamelijk en geestelijk gehandicapten. Mensen die hun bewegingen goed onder controle hebben kunnen hun gebit met een handtandenborstel even goed reinigen’. Ondertussen is bewezen is dat de elektrische borstel effectiever schoonmaakt.

Tongschraper
Deskundigen raden aan elke drie maanden de tandenborstel te vervangen, slechts weinigen doen dat. Veel Belgen gebruiken hun tandenborstel tot hij door en door versleten is. In 2004 kocht de Belg er gemiddeld ongeveer één per jaar. Daarmee prijkten de Belgen op een toch wat schamele dertiende plaats op de ‘goed bezig met de tandenborstel’-ranglijst van Europa. Bij de Nederlanders was dat al niet veel beter; die schrikt kennelijk evenmin van het gemiddelde van zeven miljoen bacteriën die de doorsnee-tandenborstel bevolken. Risicoloos is het niet: de kans op Alzheimer stijgt bij slecht poetsen. Gedacht wordt dat bacteriën van tandvleesaandoeningen kunnen doordringen tot in de hersenen, en daar ontstekingen en hersenschade kunnen veroorzaken. De markt heeft er ondertussen wat op gevonden. Nu is er een ontsmettingsapparaat voor de tandenborstel die met ultraviolet de meeste bacteriën doodt. Nieuw is ook de opkomst van de tongschraper, een instrumentje waarmee onwelriekende bacteriën van de tong worden bestreden.
Al met al wordt het druk in de mond. Misschien moeten de Vlamingen en de Nederlanders met zijn allen maar eens op cursus naar het Vlaamse Genk. Daar werkt Yazmin Salcedo, die zich als één van weinigen ‘personal tandenpoetsen trainer ’noemt. Haar moto? ‘Als jij je tandarts niet graag mag, dan poets je jouw tanden drie keer per dag’. Ach ja, zo simpel kan het leven soms zijn.
(Harry Stalknecht)

Lees het complete artikel, met prachtige illustraties, in de jongste editie van G/Geschiedenis (editie maart 2013). Nu overal te koop!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder