Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Ridder onder de ridders: Hertog Jan

24 maart 2013 [412] Olivier Keun

Eén van de meest tot de verbeelding sprekende ridders uit de Lage Landen is zonder overdrijving Jan I, hertog van Brabant. Hij was de overwinnaar van één van de belangrijkste veldslagen die in de Middeleeuwen geleverd werden, verwekte een hele stoet bastaarden, hield van spijs en veel drank, beoefende zelf de dichtkunst en nam vol overgave deel aan toernooien en steekspelen. Zijn fanatisme werd hem fataal: hij stierf in het harnas tijdens een toernooi. Maar zijn naam leeft voort in het Brabants volkslied en in enkele biermerken.

Tijdens de Middeleeuwen ontwikkelde Brabant zich tot het belangrijkste gewest van de Lage Landen. Het ontstond door wapengekletter, niet door een juridische overeenkomst. Een fraaie stichtingsakte van het hertogdom ontbreekt dus. Bij gebrek aan betere alternatieven begint de geschiedenis van het hertogdom met het aantreden van de dynastie waartoe talrijke bloemrijke hertogen behoorden. Van één van hen leeft de roem als ‘ridder onder de ridders’ tot vandaag de dag voort: hertog Jan I van Brabant.
Hij werd in 1252/1254 in Leuven geboren als tweede zoon van hertog Hendrik III van Brabant, en Aleid, een dochter van de hertog van Bourgondië. Toen Hendrik III in 1261 overleed, liet hij vier minderjarige kinderen na. Zijn weduwe werd regentes en stortte zich op het voortbestaan van de dynastie. Dat kostte de oudste zoon zijn erfrechten. Hij was zwakzinnig en verdween spoorloos in een klooster in Dijon.

Margaretha’s
Na enig gebakkelei tussen Leuven en Mechelen, was in 1267 de weg vrij voor de inhuldiging van de tweede zoon tot de nieuwe hertog van Brabant. Vanaf het moment dat Jan de hertogshoed mocht gaan dragen, was zijn eerste zorg het veiligstellen van de opvolging. Vandaar zijn huwelijk met Margaretha, een dochter van de koning van Frankrijk. Volgens een kroniekschrijver ‘beminde hij haar als geen ander’. En met resultaat: rond 1272 werd hun zoon Godfried geboren. Margaretha liet echter in het kraambed het leven.
Een jaar later hertrouwde hertog Jan, wederom met een Margaretha. Zij was een dochter van Gwijde van Dampierre, de graaf van Vlaanderen. Na haar overlijden in 1285 hertrouwde Jan I niet, maar stelde zich tevreden met allerlei kortstondige affaires. Soms was dit met een dame uit de lagere adel, maar ook het dienstpersoneel op zijn kasteel ontsnapte niet altijd aan zijn avances. Zo staat vast dat de moeder van één van zijn vele bastaardkinderen Aleydis van der Plas was, die als dienstmeisje op het kasteel in Leuven werkzaam was.

Erfeniskwesties
Hertog Jan was niet alleen in en rondom de echtelijke sponde actief, ook op het slagveld was hij veelvuldig te vinden. En dat hij hier letterlijk zijn mannetje stond, bewees hij in 1288 bij de beroemde Slag bij Woeringen. Aan dit heroïsche riddergevecht – één van de belangrijkste veldslagen uit de 13de eeuw in West-Europa – ging een langdurig gekonkel vooraf. De ambitieuze Jan I wierp zich op als dé handhaver van de vrede en veiligheid van het hele gebied tussen de Schelde en de Rijn. Maar er waren meer kapers op de kust die deze rol ambieerden: de aartsbisschop van Keulen, de hertog van Limburg en de bisschop van Luik lieten zich als zijn tegenstrevers kennen. Het was voor de hertog van Brabant snel duidelijk dat hij voor de verwezenlijking van zijn plannen niet voldoende had aan alleen diplomatie, maar dat hij ook zijn capaciteiten als krijgsman zou moeten aanwenden. Hij wist dat hij bij de handeldrijvende burgerij een potje kon breken: zij waren zijn bijdrage aan de bestrijding van roofridders en eigenmachtige tolgaarders niet vergeten.
De aanloop naar het conflict begon, zoals zo vaak, met een sterfgeval. In 1283 overleed Irmgard, de erfdochter van Limburg. Zij liet geen nakomelingen na. De weduwnaar, graaf Reinoud I van Gelre, meende recht te hebben op de erfenis. Dit werd echter betwist door een bloedverwant van Irmgard, graaf Adolf V van Berg. Niet bij machte deze aanspraak kracht te geven, verkocht hij deze aan Jan I van Brabant, die op deze manier controle kon krijgen over de belangrijke handelsroute naar het oosten. Na wat kleinere schermutselingen, af en toe onderbroken door wapenstilstanden, werd het in 1288 duidelijk dat het pleit op het slagveld beslecht moest worden. De graaf van Gelre verzekerde zich van de steun van de aartsbisschop van Keulen, de graaf van Luxemburg en de heer van Valkenburg. Hertog Jan I wist zich onder andere gesteund door een legermacht uit de graafschappen Loon, Gulik en Berg.

Slag bij Woeringen
Op 5 juni 1288 verzamelde zich een legermacht van bijna tienduizend manschappen op een veld bij Woeringen, op de linker Rijnoever ten noorden van Keulen. Aan Brabantse zijde streden ongeveer 1.500 ridders, terwijl er bij de tegenpartij de helft meer de ridderslag had ontvangen. Dit getalsmatige overwicht was echter, zo zou blijken, geen garantie op succes.
(Cor van der Heijden)

Meer lezen? Koop G/Geschiedenis! Nu in de winkel!


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder