Stelling

Rusland leert selectief uit zijn eigen geschiedenis

Stem

Agenda

Manhattan Masters

Het Haagse museum Mauritshuis wist een zeer bijzondere tentoonstelling voor elkaar te krijgen: tien schilderijen van Hollandse meesters uit The Frick Collection in New York. Voor het eerst in zijn bestaan zal het Amerikaanse museum deze kunstwerken in bruikleen geven aan een Europees museum, terwijl het eigen gebouw wordt gerenoveerd.

Op weg naar het einde

Na restauratie is De dood van Maria van Hugo van der Goes terug in het Sint-Janshospitaal. Oog in oog met de dood. Hugo van de Goes, oude meesters, nieuwe blikken is een studie naar de sterfelijkheid. Samen met Jan van Eyck (1390-1441) en Rogier van der Weyden (ong. 1399-1464) is Hugo van der Goes (1440-1482/83) één van de spilfiguren van de Vlaamse Primitieven.

Tet-offensief: Vietcong valt aan

15 mei 2012 [412] Olivier Keun

Amerika sliep nog, toen 70.000 Vietcong-soldaten alle belangrijke steden van Zuid-Vietnam overvielen.

Amerika sliep nog, toen aan het andere eind van de wereld 70.000 Vietcong-soldaten in de vroege ochtend van 31 januari 1968 alle belangrijke steden van Zuid-Vietnam overvielen. In één klap werd het ware karakter van de oorlog duidelijk.

Op het Tet-feest, bij de eerste nieuwe maan van de lente, viert men in Vietnam het begin van het nieuwe jaar. In 1968 viel het feest op 31 januari. Het betekende het begin van het ‘jaar van de aap’, een jaar waarin volgens de maankalender alles ten goede keert. De soldaten van het Zuid-Vietnamese leger gingen met verlof, want tijdens het Tet-feest moesten de wapens wel rusten. Net als Kerst bij ons is Tet een feest van vrede en samenzijn met familie.

Des te groter was de schok in de vroege de ochtend van de 31ste januari. Bijna gelijktijdig overvielen tegen halfdrie 70.000 Vietcong-strijders en NVA-soldaten de steden in het zuiden van het land, vooral doelen van het Amerikaanse leger. Voor de VS-legerleiding was het een volstrekte ramp. Niemand had iets zien aankomen, de militaire inlichtingendienst had niet de geringste tekenen van een op handen zijnde aanval opgemerkt, maar bovenal: niemand aan Amerikaanse zijde had het Nationaal Bevrijdingsfront van de Vietcong tot een gecoördineerde actie op een dergelijke schaal in staat geacht.

In een paar uur tijd viel de Vietcong binnen in vijf van de zes grootste steden in Zuid-Vietnam, in 36 provinciehoofdsteden en in 64 districtshoofdplaatsen. In de hoofdstad Saigon drong een zelfmoordcommando zelfs door tot op het terrein van de Amerikaanse ambassade. Andere stoottroepen vielen de luchthaven en het presidentieel paleis aan en ook het hoofdkwartier van de Amerikaanse strijdkrachten kwam onder vuur. Daar zat opperbevelhebber generaal William Westmoreland, die het verbijsterde thuisfront tijdens het ontbijtnieuws op televisie uit moest leggen waarom de raketten hem om de oren vlogen. In de oude keizersstad Hué bezette de Vietcong alle belangrijke gebouwen en installaties en voerde een aantal weken een schrikbewind over de bijna 150.000 inwoners van de stad.

Eenmaal van de schrik bekomen slaat het VS-leger hard terug. De volgende dag al begint het aan de herovering, deels met grondtroepen, deels door plompverloren alle bomluiken te openen en al het geschut te laten spreken. De Amerikanen leggen een bommentapijt over alle steden en posities waar Vietcong-strijders zich verschanst hebben of zouden kunnen hebben. Zo veranderen ze binnen een paar dagen grote delen van Zuid-Vietnam in een rokende puinhoop. Legendarisch is het commentaar van een Amerikaanse majoor op de herovering van provinciehoofdstad Ben Tre: ‘We moesten de stad verwoesten om haar te redden.’

Bij het Tet-offensief en de vier weken durende Amerikaanse herovering kwamen ongeveer 15.000 burgers om, terwijl 20.000 van hen zwaar gewond raakten en meer dan 670.000 mensen dakloos werden. Op een gegeven moment was de helft van de Zuid-Vietnamese plattelandsbevolking op de vlucht. Het zwaarst getroffen waren de inwoners van Hué. Daar hielden guerilla-eenheden van de Vietcong bijna een maand lang stand, alvorens murw en gedecimeerd door de genadeloze artilleriebeschietingen hun stellingen te ontruimen. Tot die tijd oefenden ze een regelrechte terreur uit, zuiverden de stad stelselmatig van haar politieke en intellectuele bovenlaag. Men schat dat daarbij bijna zesduizend stedelingen het leven lieten – doodgeranseld of -gemarteld, neergeschoten, gewurgd of in levende lijve in een massagraf geworpen. Buitenlanders (artsen, journalisten, leraren) werden weggevoerd.

Tactisch gezien beging het noorden met het Tet-offensief een catastrofale blunder. Het verloor bijna 50.000 man en zou zich militair niet meer van deze slag herstellen. De enorme aderlating sorteerde wrang genoeg in propagandistisch opzicht wel effect, want met het Amerikaanse geloof in de eigen onoverwinnelijkheid was het in één klap gedaan. Het Amerikaanse publiek had elk vertrouwen in militairen en politici verloren die volhielden dat de vijand op de knieën gedwongen en het einde van de oorlog slechts een kwestie van tijd was. Hoe stellig ze ook beweerden dat het Tet-offensief een laatste stuiptrekking van de communisten was – de verschrikkelijke beelden die over televisieschermen in de Amerikaanse huiskamers flitsten, leken het tegendeel te bewijzen. Niet de verliezen van de Vietcong, maar beelden van een overrompelde Amerikaanse strijdmacht haalden de voorpagina’s.

De televisie toonde de standrechtelijke executie van een Vietcong-gevangene door een hoge politieofficier, evenals de beschieting van het bastion Khe Sanh door Noord-Vietnamese troepen. Zowel het één als het ander suggereerde: Amerika heeft deze oorlog niet meer in de hand! Journalisten spraken opeens van ‘the war’ en niet meer van ‘our war’. De kritiek gold niet de oorlog op zich, maar de legerleiding en de strategische blunders die zij leek te begaan. Uit de media weerklonk dan ook de roep: ‘Terugtrekken of overwinnen!’ (Roland Weis)

Lees het hele artikel in G-Geschiedenis, derde jaargang (2012), mei-aflevering.


Zoeken

Vul hieronder uw zoekterm in:



Boekbespreking

Het gezicht van de Eerste Wereldoorlog

Vol van haat voor alles wat Duits was, kon de Britse soldaat F.A.J. ‘Tanky’ Taylor er niet aan weerstaan om een krijgsgevangene die hij ‘een bijzonder lelijk specimen’ vond de huid vol te schelden. Als reactie haalde de Duitser een aantal foto's uit zijn borstzak. ‘De eerste foto toonde een hoofd, maar onder de ogen, die een meelijwekkende, wanhopige blik hadden, was helemaal geen gezicht te zien. Alleen maar een afschuwelijke puinhoop.

Lees verder

Kroniek

Wilde anti-piratenactie

Op 9 november 1822, tweehonderd jaar geleden, vond voor de kust van Cuba een zeeslag plaats tussen de schoener USS Alligator van de Amerikaanse marine en een squadron van drie piratenschoeners. De actie moest een einde maken aan de piraterij in West-Indië. Zo’n 25 kilometer van Matanzas, Cuba, had een grote bende piraten verschillende schepen gekaapt en hield ze vast voor losgeld.

Lees verder

Heilige van de week

Carolus Borromeus

4 november († 1584) Carolus is een Latijnse vorm van het Germaanse woord karel of kerel, dat vrije man betekent. Al op drieëntwintig jarige leeftijd is Carlo kardinaal en aartsbisschop van de Italiaanse stad Milaan. Zijn oom is paus en kan deze slimme jongeman goed gebruiken in Rome. Hij geeft hem het bestuur van de pauselijke staat. Aartsbisschop van Milaan is hij, tot zijn verdriet, alleen maar in naam.

Lees verder